vrijdag 27 januari 2012

Staat WO III voor de deur?

In de schaduw van de wereldwijde economische crisis staan we op de rand van weer een grote oorlog waarbij vele landen betrokken zullen raken. Crisistijden zijn immers altijd het goede moment voor oorlog. Het helpt de regeringsleiders onder andere om het plebs af te leiden van de echte problemen die er spelen. Oorlog is tevens ook booming business en zorgt er voor dat de beurzen (tijdelijk) weer even stijgen en er dus flink veel geld verdiend kan worden door de happy few.

Het maakt niet uit wat de uitkomst van de oorlog is, de westerse propaganda machine heeft veel geleerd de afgelopen decennia en weet het volk hoe dan ook wel op de mouw te spelden dat het toch op een of andere manier wel een succes was. Dat het volk blij is met hun "bevrijding", dat ze de westerse troepen dankbaar zijn voor hun "bevrijding" en dat ze nu pas voor het eerst in hun leven echt gelukkig zijn omdat ze eindelijk "vrijheid en democratie" kennen.

Laten we eens kijken naar een paar van de Westerse “successen” uit het afgelopen decennium.

Afghanistan

De oorlog in Afghanistan, die nu al 10 jaar voort sleept, heeft het leven gekost aan duizenden en duizenden Afghanen. Dit op directe wijze; door het geweld van de militaire acties, of indirect door o.a. ziektes, gebrek aan medische behandelingen, misdaad, ondervoeding en de wetteloosheid als het gevolg van de oorlog. Het land staat momenteel op de rand van een burgeroorlog.

President Obama spreekt over Afghanistan als een groot succes waar Amerika zijn doelen bereikt heeft. Dit is natuurlijk multi intrepeteerbaar, welke doelen heeft hij het over? Het doel dat zijn bazen er veel geld aan moesten verdienen? Amerika sluit de oorlog niet victorieus af als dat men ons wil laten geloven. De waarheid is namelijk dat de macht van de Taliban er met de dag groter lijkt te worden. Deze oorlog heeft de belastingbetalende burgers honderden miljarden dollars gekost en heeft enkel wat opgeleverd voor de rijke elite.

Irak

Irak werd onder het valse voorwendsel dat het massa vernietigingswapens in het bezit had, aangevallen door de Verenigde Staten. Saddam werd in de westerse sensatiemedia neer gezet als een dictator van de ergste soort. De westerse imperialistische mogendheden gingen er dus niet alleen naartoe vanwege de wapens die een “bedreiging” voor Amerika zouden vormen, maar ook om het volk “vrijheid en democratie” te brengen. Tenminste “vrijheid en democratie” zoals onze westerse machthebbers dat bezien.

De Amerikaanse president Obama spreekt over Irak als een “buitengewone prestatie”, volgens hem laten ze Irak als een soeverein, stabiel en zelfstandig land achter, een nu “vrij en democratisch” land.

De oorlog in Irak heeft echter aan honderdduizenden mensen het leven gekost en het land in ruïnes achter gelaten. Het land verkeert in een burgeroorlog en het is nu een onveiliger, gevaarlijker en dodelijker land dan toen Saddam nog aan de macht was. Er zijn natuurlijk ook wel “goede dingen” uit de oorlog in Irak gekomen, tenminste als je tot de rijke wereldelite behoort. Dan zijn je zakken weer wat verder gevuld en kun je, je weer wat meer verheven voelen boven het plebs.

Nu zoveel jaar later moge het voor iedereen duidelijk zijn dat de oorlog in Irak een illegale oorlog was die onder valse voorwendselen gevoerd werd. Wettelijke experts en zelfs de voormalig leider van de VN Kofi Annan zijn er open over dat de oorlog niet legaal was, enkel de VS en de UK blijven dit volhouden.

Libië

Dan de Arabische lente. Een van de landen waar veel aandacht naar uit is gegaan, is Libië. Het enige land waar er (gedeeltelijk) "openlijk" westers ingrijpen is geweest. Vanuit allerlei hoeken en gaten wordt er gefluisterd dat de geheime diensten van het westen iets te maken hebben gehad met de rellen en de oproer in de Arabische landen. Junks, Alcoholisten, verkrachters, misdadigers en ander gespuis (al dan niet daadwerkelijk van Libische afkomst) kregen geld vanuit westerse geheime diensten om onrust te stoken. Onrust in het Midden-Oosten komt namelijk altijd goed van pas voor het westen en met nieuwe machthebbers in het land die als "moslim extremistisch" bestempeld kunnen worden, hebben we alvast weer nieuwe vijanden voor de toekomst gecreëerd. Waar zou de wereld immers zijn zonder oorlog? Dan zou de symbolische "1%" misschien wel op een “normale en eerlijke” manier zijn geld moeten verdienen.

Ondanks dat het mandaat van de VN Veiligheidsraad enkel geweld toestond op grond van de "verantwoordelijkheid om te beschermen" doctrine, werd dit mandaat al snel met voeten getreden. De resolutie gaf enkel de bevoegdheid tot het instellen van een no fly zone en daarmee het beschermen van onschuldige burgers. Dat de rebellen bewapend waren met wapentuig geleverd door het westen (ze kregen van het westen zelfs saringas en witte fosfor) nam niet weg dat ze ook voor het gemak tot de onschuldige burgers werden gerekend. Alles en iedereen die trouw waren aan Khadaffi, waren doelwit en alles en iedereen die tegen Khadaffi waren, waren onschuldige burgers die door middel van bombardementen beschermd moesten worden. Het mandaat liet niet toe dat er westerse grondtroepen voeten op Libische bodem mochten zetten, maar er waren wel degelijk special forces aanwezig in Libië die de rebellen begeleiden en opleiden. Naar het blijkt waren er zelfs special forces aanwezig bij de moord op Kolonel Khadaffi en hebben zij deze mogelijk zelfs aangestuurd.

Eigenlijk al vanaf het begin dat er ingegrepen werd, werd dit beperkte mandaat dus niet nageleefd. De VN missie was er niet zo zeer op gericht om onschuldige burgers te beschermen maar om de macht over te hevelen naar de NTC.

Wij hier in de Westerse landen kregen via de media (over het algemeen) enkel te horen dat Kolonel Khadaffi een dictator van de ergste soort was, dat de mensen onder een schrikbewind leefden en gruwelen moesten doorstaan (Al het goeds dat hij het land gebracht had werd daarbij voor het gemak even vergeten). De rebellen van de NTC daarentegen stonden aan de “goede” kant. Al het geweld, alle moorden, verkrachtingen en gruwelijkheden kwamen enkel van de kant van Khadaffi getrouwen, maar zogenaamd nooit van de kant van de rebellen. Dat er tussen die rebellen mensen zaten die op de terroristen lijst van de NAVO staan maakte voor het gemak niet uit. Khadaffi had immers het lef gehad tegen het “goede geweldige” westen in te gaan en we moesten dus van hem af. Nu zoveel maanden later sijpelen er steeds meer berichten binnen die er op wijzen dat het land toch niet zoveel baat heeft bij de “vrijheid en democratie” die ze nu hebben. Rivaliserende stammen die elkaar afslachten, gevangenen die gemarteld worden tot soms zelfs de dood er op volgt enzovoorts. Ook hier lijkt de enige uitkomst van de gevoerde oorlog een burgeroorlog te worden.

De toekomstplannen van de westerse imperialistische machten;

Aan de oorlogszucht van de westerse mogendheden kan nooit voldaan worden. Het helpen afzetten van Arabische leiders en de (verloren) oorlogen in Irak en Afghanistan zijn niet genoeg voor de rijke elite die de wereld bestuurt via hun marionetten regeringen. De pijlen richten zich nu steeds meer op Syrië en Iran. Al maanden worden de inwoners van de westerse landen klaar gestoomd voor weer een nieuwe oorlog (of zelfs 2) Wellicht ook om ons af te leiden van wat er echt aan de hand is in de wereld, maar dat is al jaren een vrij gebruikelijke gang van zaken. Weer wordt ons verteld dat we de mensen daar moeten helpen om hun land te bevrijden van een tiran, een in en in slechte dictator en dat de bevolking snakt naar de westerse “vrijheid en democratie”. Weer trappen de meeste mensen hier in.

Syrië

Volgens de westerse media zijn er al duizenden onschuldige (vreedzame) burgers en onschuldige (vreedzame) rebellen het dodelijke slachtoffer geworden van de gewelddadige leider Bashir Assad. Echter volgens betrouwbare bronnen zijn de rebellen geplaatst en worden ze op alle fronten ondersteund door het westen. Net als in Libië het geval was staat de Westerse media aan de kant van deze zogenaamde rebellen en kunnen zij in hun ogen, in ieder geval voorlopig, niets fout doen. Wie zijn wij echter om een kant te kiezen in deze conflicten? Zolang de later tot wrede onmenselijke dictator omgedoopte leider aan onze kant staat is het immers allemaal geen probleem, het wordt pas een probleem zodra we van de desbetreffende leider af willen.

Kort geleden kwam naar buiten dat de Franse fotograaf die om het leven kwam door een granaat, gedood was door een granaat van de kant van de rebellen. Dit past natuurlijk niet in het straatje van de propaganda machine die op volle toeren draait. Direct werd het verhaal zo gedraaid en gekeerd dat die arme rebellen er niks aan konden doen, ze werden immers al de hele dag gepest door de boze, kwade, slechte troepen van Assad en ze konden het niet meer aan. Ze gooiden een paar granaten terug en daar kwam heel erg per ongeluk een Franse fotograaf bij om het leven.

Dat het hele verhaal van geen kanten deugt daar maalt men niet om. Het leek namelijk eerder een voor opgezet plan te zijn, waar al dan niet per ongeluk een dode bij viel. De straat die 15 minuten voor het gebeuren ineens leeg was, de “rebellen” begeleiders van de journalisten die ineens niet meer mee wilden enz.

Op dit moment lijkt het er misschien op dat er geen militair ingrijpen in Syrië plaats zal gaan vinden. Dit vanwege het veto van Rusland en China op de resolutie die het mogelijk zou hebben gemaakt om militair in te grijpen in Syrië. Echter zoals al vele malen eerder is gebleken trekt men zich weinig aan of men nu wel of geen mandaat van de VN heeft om aan te mogen vallen. De imperialistische machten zien zichzelf immers boven de NAVO de VN en de wet staan. Als ze “in willen grijpen” vinden ze vast wel een of andere manier om het feit dat ze geen wettelijk mandaat hebben te omzeilen.

Er zijn al vanuit verscheidene landen huurlingen aanwezig en actief in Syrië net als dat het geval was in Libië. Het Vrije Syrische Leger is een groep gelieerd aan de Libische rebellenbeweging die op hun beurt weer gelieerd zijn aan groepen zoals de extremistische islamitische Al Qaida van de Islamitische Mahgreb (AQIM). Zij streven er simpel gezegd naar om een Islamitisch kalifaat in te stellen net als dat ze in Libië al voor elkaar hebben gekregen met de hulp van de NAVO en de VS. Bronnen beweren zelfs dat het Vrije Syrische Leger ondersteund of zelfs getraind is door de CIA. Hier is verder geen bewijs van, maar gezien het verleden van de Amerikaanse inlichtingendiensten zou ik er eerder van staan te kijken als dit niet het geval zou zijn.

Veel geweld in Syrië wordt uitgelokt of geïnstigeerd door de aanwezige huurlingen of het Vrije Syrische Leger. Die laatst genoemde voeren ook met de regelmaat van de klok gewelddadige aanslagen uit op Syrische regeringstroepen. Bijna 1500 Syrische politieagenten alleen al zijn al gedood bij deze aanslagen of het geweld vanuit de kant van "de rebellen" (in een andere situatie zouden ze gewoon terroristen genoemd worden, maar ja het woord rebel geeft nu eenmaal geen slecht gevoel bij mensen. Eerder een gevoel van compassie). Dit zijn echter zaken die je in de Westerse sensatie beluste media niet te zien of te horen zult krijgen.

De algemene vergadering van de VN heeft een resolutie aangenomen die de bloedige repressie tegen "demonstranten" in Syrië door de regering veroordeeld. Dit kan de VS als excuus aangrijpen om militair in te grijpen in Syrië. "We moeten het volk immers beschermen". De kans is groot dat Syrië een herhaling van Libië gaat worden. Een land in puin, een nieuwe "triomf" voor de westerse imperialisten en weer extra geld op de bank van de grootmogendheden.

Amerika heeft kort geleden al zijn peperdure en meest geavanceerde nucleaire vliegdekschip die kant op gestuurd, als provocatie of als dreigement dat is de vraag. Het voordeel voor de Amerikanen is natuurlijk dat mocht het uit de hand lopen in oftewel Syrië oftewel Iran ze hun strijdkrachten daar al voor een groot deel aanwezig hebben en dus direct tot "actie" over kunnen gaan.

Iran

Iran had begin jaren 50 een democratisch gekozen nationalistische regering onder leiding van Mohammed Mossadeq. Zijn regering wilde de Iraanse olie winnende installaties en bedrijven nationaliseren omdat ze het er niet mee eens waren dat Iran maar 15% van de winst over hun eigen olie kreeg en de rest in Britse zakken verdween. De Amerikanen, bang dat ze niet meer via de Britten goedkoop hun olie konden opkopen, regelden daarom dat er een coup gepleegd werd en Mossadeq afgezet werd. (Velen beschouwen Salvador Allende als de eerste bij wie de Amerikanen dit geintje flikten, maar ze hadden hier in 1953 dus al ervaring mee opgedaan.) De pro westerse Sjah Mohammed Reza Pahlavi kwam aan de macht, die er voor zorgde dat zolang zijn eigen zakken gevuld bleven de westerse machten het land leeg mochten zuigen en de bevolking uit mochten buiten.

Daarna begon Amerika Irak te bewapenen en op te stoken om Iran aan te vallen, met als doel beide landen te verzwakken. Ze leverden toen zelf de chemische en biologische wapens aan Saddam, waar ze het land later om binnen gevallen zijn. Israël begon in die tijd de gesprekken met Iran over de verkoop van Israëlische nucleaire technologie cq wapens aan Iran, wat uiteindelijk geen doorgang vond.

In 1979 kwam er door een brede opstand van geestelijken, studenten, intellectuelen, middenstanders en vele maatschappelijke organisaties een einde aan de "westerse heerschappij" in Iran en kwam de streng Islamitische Ayatollah Ruhollah Khomeini aan de macht.

Dit schoot natuurlijk helemaal in het verkeerde keelgat van de Amerikanen en de Britten, nu moesten ze ineens een eerlijke prijs betalen voor de olie en konden ze niet zomaar meer een land rijk aan olie gebruiken en misbruiken. Al jaren worden niet-traditionele jongeren betaald om te rellen in Iran zodat de westerse sensatie media weer eens kan laten zien, kijk het volk wil hun regering niet. Ze willen de westerse “democratie en vrijheid”. De recente studentenprotesten zijn hier weer een goed voorbeeld van. (niet te zeggen dat er waarschijnlijk wel een paar mensen mee lopen die inderdaad van hun regering af willen, maar noem mij 1 land waarvan alle inwoners blij zijn met hun regering?)

Als er geen oorlog aanvangt in Syrië dan zal deze bijna zeker aanvangen in Iran. Al jaren wordt Iran neer gezet als een kwaadaardig eng land dat een bedreiging vormt voor de gehele westerse wereld en beschaving, met natuurlijk Israël in het bijzonder. De laatste weken zien we de westerse oorlogsmachine op volle toeren de voorbereidingen treffen voor een grote confrontatie. 15.000 extra manschappen naar Koeweit evenals 20 militaire hospitalen die in allerijl opgezet werden in het land, 5000 extra manschappen naar Israel, de vliegdekschepen die er in de wateren rond hangen en er steeds meer worden, evenals de oorlogsschepen van Franse en Britse makelij die er sinds recent vertoeven en de “verkoop” van vele geavanceerde wapens door Amerika aan Saoedi-Arabië (sinds lange tijd een bondgenoot van Amerika).

Men blijft in de media er op hameren dat Iran in het bezit zou zijn van, of de mogelijkheid hebben tot het produceren van een kernwapen. Nu is Iran inderdaad bezig met kerntechnologie en ze zijn ook wel goed om "olie op het vuur te gooien", maar waarom zouden ze geen kerntechnologie mogen hebben? Enkel omdat het Israel de kriebels geeft dat ze misschien niet meer het nucleaire monopolie in die regio zouden bezitten, of omdat Ahmadinejad zich meermaals in sterke bewoordingen heeft uitgesproken tegen Israel?

Tot nu toe heeft Iran geen enkele wettelijke verplichting, al dan niet volgens het Non Proliferatie Verdrag dat ze ondertekend hebben, omtrent hun nucleaire programma geschonden. Zolang ze geen atoombom bouwen zouden ze volgens de regels van het NPV immers wel aan de technologie mogen werken. Dus al zouden ze aan de technologie werken, zou dit nog geen rechtvaardiging voor een militair ingrijpen in Iran zijn. Israel daarentegen heeft nooit het NPV ondertekend en zou dus in principe volgens de landen die het wel ondertekend hebben als een illegale nucleaire staat bezien moeten worden. Israel is echter de grote bondgenoot van Amerika en alle resoluties en mandaten die er tegen Israel geopperd worden, worden met een Amerikaans veto van tafel geveegd. Israel zelf beweert dat het enkel nucleaire wapens in het bezit heeft om zich te kunnen verdedigen tegen alle boze Arabische buren die een hekel aan het onschuldige Israel hebben en dat het uit zichzelf toch geen enkel land aan zou vallen.

Er gaan momenteel echter steeds meer stemmen op dat Israel buiten de toestemming van Amerika om Iran aan wil gaan vallen. In het geheim en buiten het medeweten van Amerika om zou Israel al geruime tijd bezig zijn om zijn troepen voor te bereiden op een oorlog. Dat zouden ze echter alleen maar doen omdat Iran toch echt wel een serieus eng, bedreigend land is dat het niet op de aanwezigheid van Israel in die regio heeft en uit zou zijn op de volledige vernietiging van het land. Terwijl ze toch echt alleen maar hun "rechtmatige land opeisen" en alleen maar "een paar" Palestijnen van hun land verdrijven. Wie kan daar nu toch op tegen zijn? Ze hebben toch de Holocaust overleefd dan mogen ze toch wel hun eigen land hebben? Ze zijn toch immers het uitverkoren volk van god en Israel is toch hun beloofde land, hoe kan iemand daar nu toch op tegen zijn?

Op dit moment maakt het bijna al niet meer uit wat de waarnemers van het IAEA te zeggen hebben omtrent het nucleaire programma van Iran. Of dit nu negatief of positief is het doet er al niet meer toe, de Imperialistische machten hebben al doodskopjes en dollartekens in hun ogen staan net als vlak voor de oorlog in Irak.

Een hele tijd geleden was er een 2 pagina tellend document "gevonden" geschreven in het Farsi dat ging over de benodigde technologie om een ontstekingsmechanisme voor een kernbom te kunnen maken. Dit document is al jaren geleden afgedaan als een vervalsing, daar het zelfs niet eens geschreven is door iemand met het Farsi als moedertaal. In het huidige klimaat is dit bewuste, al afgeschreven, document weer onder het stof vandaan gehaald om als bewijs te dienen dat Iran wel degelijk aan een kernbom werkt. Al het mogelijke wordt momenteel maar aangegrepen om als justificatie te dienen voor een definitieve aanval op Iran.

De oorlog tegen Iran is namelijk al jaren "in het geheim" bezig. Er hebben zich immers al vele incidenten voorgedaan die als oorlogsdaden tegen Iran bezien kunnen worden. De studentenprotesten die door de westerse inlichtingendiensten op poten zijn gezet, de Stuxnet cyber aanval, de "onverklaarbare" explosies op Iraanse militaire faciliteiten waarbij grote schade werd aangericht en er tientallen mensen gedood werden en gewond raakten, de door drones uitgevoerde spionage vluchten boven Iraans grondgebied en natuurlijk de "toevallige en onverklaarbare" moorden op Iraanse nucleaire wetenschappers en legerofficieren en ga zo nog maar even door.

Het westen legt steeds meer en meer sancties op aan Iran, waar alleen het volk door geraakt wordt in de hoop dat ze in opstand komen tegen het regime. In werkelijkheid zorgen deze sancties vaak alleen maar voor een grotere haat tegen het westen. De opgelegde sancties zullen ook echt niet tot vrede leiden, het verleden heeft immers al te vaak uitgewezen dat oorlogen altijd beginnen met het opleggen van sancties. Via de westerse media krijgen we echter te horen dat er juist sancties opgelegd worden om oorlog te voorkomen en men geloofd dit. Waarom blijven de "gewone mensen" toch steeds geloven dat sancties opleggen een daad van vrede is? Wanneer ziet men in dat dit enkel en alleen is om olie op het vuur te gooien en in principe een soort van oorlogstaal is?

Er bestaat een grote kans dat de oorlog tegen Iran pas echt in volle hevigheid uitbreekt op het moment dat Israel "nucleaire" objecten aanvalt in Iran of wanneer er een zogenaamde Iraanse aanval plaats vindt op een Amerikaans of Israëlisch doelwit in dezelfde lijn als het incident in de Golf van Tonkin in 1964. Zodra Israel, Iran aanvalt staat Amerika hier natuurlijk volledig achter en zal zijn bondgenoot koste wat het kost willen beschermen. Vele Iran omringende landen zullen echter aan de kant van Iran staan en direct of indirect hun steun aan Iran betuigen. China spreekt daarin de meest duidelijke en klare taal. Het heeft al aangegeven dat bij een aanval op Iran het als een aanval op China beschouwd zal worden en dat ze hard terug zullen slaan, Rusland is een zelfde standpunt toegedaan. Rusland heeft voor het geval dat er een militaire aanval op Iran plaats gaat vinden haar troepen al gestationeerd in de buurt van de grens met Iran. Rusland heeft het westen ondertussen al meermaals gewaarschuwd Iran niet aan te vallen vanwege de onvermijdelijk kettingreactie en misschien zelfs wel een derde wereldoorlog die dit tot gevolg zou hebben. Beide landen willen geen militair ingrijpen, ze willen geen oorlog, maar een actie van Israel of Amerika zal wel tot een tegenreactie leiden en dat is hun goed recht. Een aanval op Iran kan als een provocatie naar beide landen gezien worden. Het wordt eens tijd dat er grootmachten op staan die een duidelijk standpunt innemen tegen het imperialistische oorlogszuchtige gedrag van Amerika.

De oorlogszuchtige dreiging naar Iran komt vanuit de kant van Israel als wel de kant van Amerika. Degene die het meeste zou profiteren van een oorlog tegen Iran is en blijft toch Amerika. Amerika profiteert immers altijd het meeste als er een onstabiele situatie in de wereld is. De militaire omsingeling van Iran door Amerika maakt duidelijk dat een oorlog tegen Iran al lang in de planning zit. Iran weet dit en houdt daarom momenteel ook bijna wekelijks militaire oefeningen om te laten zien dat ze klaar zijn voor de strijd. Het feit blijft natuurlijk wel dat de Iraanse strijdkrachten waarschijnlijk binnen de kortste keren door het Amerikaanse leger verslagen zullen worden, ware het niet dat ze met Rusland en China machtige bondgenoten hebben.

Het precieze moment dat de strijd los gaat barsten leidt nog wel tot wat discussie onder experts, journalisten en analisten. Sommigen beweren dat de oorlog al eind januari 2012 los gaat barsten en anderen denken dat het pas echt los gaat barsten in het najaar vanwege nog verder benodigde voorbereidende acties en de opkomende Amerikaanse verkiezingen. Het zou Obama natuurlijk wel goed uitkomen als de oorlog vlak voor de verkiezingen los zou barsten, een president in oorlogstijd wordt immers altijd herkozen. Ook al zou Obama niet herkozen worden dan zou dat een oorlog tegen Iran niet in de weg staan. Immers op 1 republikeinse kandidaat na (Ron Paul, maar de kans dat hij de uitdager van Obama gaat worden is niet heel groot) willen alle kandidaten een oorlog met Iran. Tsja Democraat of Republikein ze zitten allemaal in de zakken van dezelfde personen.

Het sluiten van de straat van Hormuz als reactie op de sancties van Europa door Iran kan maar net de vonk zijn die het conflict tot uitbarsting laat komen. De straat van Hormuz is immers een vitale schakel binnen de wereldwijde vervoer van ruwe olie. Waar er dagelijks 88 miljoen vaten olie per dag worden geproduceerd, worden er ongeveer 17 miljoen door de straat van Hormuz vervoerd. Een blokkade van de straat door Iran (Bronnen dicht bij het regime denken dat men eerder van plan zou zijn een gedeeltelijke blokkade op te werpen maar ook dit zou al afdoende zijn) zou voldoende zijn om de al onstabiele olieprijs te laten exploderen en de door crisis getergde wereldeconomie een enorme slag toe te dienen.

Ook al zou het niet tot een daadwerkelijke confrontatie komen dan lijkt het er op dat de steeds strenger wordende sancties ingesteld door Europa en Amerika ook op economisch vlak enkel zichzelf zullen raken. Japan, China, Rusland, India, Turkije en Iran landen die gezamenlijk het overgrote deel van de wereldse olieproductie in handen hebben en eveneens de grootste exploitanten en producenten van energie zijn hebben sinds kort onderlinge overeenkomsten gesloten om op den duur de dollar als handelsvaluta opzij te zetten en daarmee Amerika buiten spel te zetten. Op termijn zou dit dus kunnen betekenen dat deze landen een ijzersterk eensgezind anti westers blok kunnen gaan vormen tegen de tot nu toe westerse overheersing van de wereldmarkt.

Een oorlog in Iran gaat ons allemaal raken en niet op een positieve manier. Enkel de rijken worden rijker en alle andere mensen zullen er op een negatieve manier door worden geraakt. Ik weet dat echte gelijkheid op deze wereld waarschijnlijk niet meer dan een utopie is, maar we hoeven de ongelijkheid niet nog groter te laten worden door ons weer te laten misleiden en weer een oorlog op illegale gronden te steunen waar enkel de 1% van profiteert. We moeten onze hoofden uit het zand trekken en eindelijk eens de waarheid in gaan zien en gaan strijden tegen de echte vijand. Overal ter wereld moeten we de imperialistische gierige kapitalistische uitbuiting door het groot kapitaal bestrijden! De vijand van mijn vijand is in deze mijn vriend.

Met dank aan Lideweij





donderdag 12 januari 2012

Reflecties op het Anarcho-Syndicalisme

Anarcho-Syndicalisme is niet Links

De begrippen “links” en “rechts” evenals “centrum” zijn in de puurste zin van het woord parlementarische begrippen. Deze respectievelijke richtingen binnen het politieke spectrum zijn afgeleid van het perspectief van de vertegenwoordigers binnen het parlement. Rechts bevonden zich de Conservatieven, links de Sociaaldemocraten c.q. Communisten en in het centrum de Liberalen.

Onder deze begrippen vallen traditioneel gezien ook enkele politieke verenigingen, vakbonden en (andere) politieke samenwerkingsverbanden, die op grond van hun Anarchistische principes van parlementaire deelname afzien. Deze zijn feitelijk niet onder deze categorieën onder te brengen omdat deze zich fundamenteel onderscheiden van de Sociaaldemocratische en Communistische stromingen. Ze zijn niet centralistisch of staatsbevorderend en hangen geen dogma aan die het historisch materialisme als enige verklaring voor de geschiedenis en toekomst beschouwen. Ze zoeken hun kracht niet in onderdanigheid, autoriteit of in een persoonscultus, maar in het zelf denken, het zelfbewustzijn en in een respect voor individuele emancipatie. Ze staan voor een beweging die begint bij de basis, zonder vertegenwoordigers, bureaucraten of leiders.

Het Anarcho-Syndicalisme heeft met de “Socialistische” partijen net zo weinig gemeen als met de autoritaire Monarch of de Kapitalistische despoot. Vrije en emancipatorische activiteiten zijn in de gehele geschiedenis nooit bezield geweest door parlementaire activiteiten, maar wezen deze juist strikt af. Zowel onder de “linkse-”, “rechtse-” als “centrum-“regeringen worden vrijheidslievende ideeën en activiteiten sterk onderdrukt. Onder al deze regimes werden Anarcho-Syndicalisten onderdrukt, vervolgd, gevangen gezet of zelfs vermoord. Dit zowel in het Fascistische als “Democratische” Italië en Duitsland, in het Tsaristische als Communistische Rusland, het Kapitalistische als Communistische Cuba, het Monarchistische als Fascistische Spanje. In elke Staat met een gecentraliseerde structuur van politiediensten, geheime diensten, bureaucratie en een legermacht werden zij vervolgd en onderdrukt. Anarcho-Syndicalisme heeft zowel in theorie als in praktijk weinig gemeen met Marxisten, Kapitalisten, Fascisten en evenmin met richtingen zoals “rechts”, “links” of “centrum”.

Deze richtingen en begrippen worden specifiek gebruikt om te insinueren dat er nooit een verschil bestaan heeft tussen Marxisten en andere autoritaire bewegingen enerzijds en Anarcho-Syndicalisme anderzijds. De grenzen lopen echter niet tussen “links” en “rechts” maar altijd tussen “onder” en “boven”. Parlementaire vertegenwoordigers en regeringen van welke aard dan ook, of dit nu “rechtse” of “linkse” regeringen zijn, worden fundamenteel afgewezen. Het Anarcho-Syndicalisme neemt in haar principes een duidelijk klassenstandpunt in, waarmee het Socialisme geheel vrij zal zijn of simpelweg niet vrij zal zijn. Er bestaat dan ook geen “linkse eenheid” binnen de klassenstrijd. Hier bestaat enkel de zelforganisatie van de emancipatorische beweging tegen alle vormen van overheersing. Denken in termen zoals “rechts” en “links” verdeeld mensen enkel en leidt daarmee af van de echte frontstelling. Dit denken, dat is gebaseerd op drogredenen, zal enkel van kwaad naar erger leiden, van het Kapitalisme en zijn gevangenissen, de concentratiekampen van het Staatskapitalisme naar de Goelags van de Marxisten. “Links” en “rechts” zijn niets meer dan oorlogsbegrippen die door de machthebbers worden gebruikt om ons denken te vernevelen en ons een valse richting op te sturen. Bovendien belemmeren deze betekenisloze begrippen en substantiële termen een goede omschrijving voor de Anarcho-Syndicalistische beweging. Anarcho-Syndicalisme wordt in naam of onderschrift in bijna ieder artikel simpelweg bij “links” ingedeeld – daarmee strijken ze Anarchisten, Marxisten, Sociaaldemocraten en Fascisten allen over een kam. Wat een aanfluiting voor deze principes! Het Anarcho-Syndicalisme kan niet “links” zijn zonder ook emancipatoir, zelfbewust, op de basis en op de menselijke behoeften georiënteerd te zijn. Noch kan het ontkennen tegen de Staat, tegen het parlementarisme, ondogmatisch en nog veel meer te zijn. Men moet daarom gewoon inhoud geven aan het Anarcho-Syndicalisme en niet de waarheid vertroebelen of valse gelijkenissen tevoorschijn toveren met betekenisloze lege begrippen.

Om het leven in eigen handen te kunnen nemen moeten we eerst de begrippen en categorieën zelf invullen in plaats van deze aan ons te laten dicteren. Zelforganisatie, zelfbewustzijn en emancipatoir handelen begint bij jezelf. Als tegenstanders ons denken, denken te kunnen dicteren, dan is de strijd al verloren.

“Totalitarisme”

Dat zowel het “centrum” als “rechts” en “links” in het “extremisme” getrokken zijn, is ons allen bekend; beweringen die stellen dat dit niet het geval zou zijn, zijn ronduit gelogen. De “rechtse” en “linkse” extremen worden door het “centrum” als totalitair beschouwd – en terecht. We weten echter ook dat elke zogenaamde “Democratie” van het “centrum” evengoed totalitaire vormen kan aannemen. “Totalitair” is dan ook enkel een oorlogsbegrip van het “centrum” om een fundamenteel verschil te maken tussen enerzijds “Democraten” en anderzijds de “extremisten”. Maar ook dat gegeven klopt niet. De omvorming van Nederland tot een “totalitaire Staat” kan immers volledig legaal uitgevoerd worden. De juridische middelen daarvoor zijn immers al voor handen (politiewetten, grondrecht en vorderingen voor een noodtoestand) en ook de middelen om het te implementeren (politie, geheime diensten en de militaire bureaucratie) zijn aanwezig.

“Democraten” en “extremisten” hebben feitelijk veel meer met elkaar gemeen dan dat zij toe willen geven. Beiden zijn centralistisch en hiërarchisch, Staatsbevorderend, bureaucratisch, autoritair, de vrije wil ondermijnend, anti-emancipatoir, betuttelend en Kapitalistisch. Het onderscheid kan hier dan ook enkel gevonden worden in kleine nuanceverschillen en in het feit of men een private economie (kapitalisme) of Statelijke economie (Staatskapitalisme) nastreeft. De klassenrelaties zijn in principe gelijk. Het Anarcho-Syndicalisme daarentegen richt zich tegen iedere vorm van dominantie. Het baseert zich op een organisatie van onderop en op Anarchistische principes om alle vormen van onderdrukking en uitbuiting af te schaffen. Hiermee wil het een samenleving van zelfbewuste, geëmancipeerde individuen verwezenlijken, die samen vrije overeenkomsten aangaan en in staat zijn om problemen onderling op te lossen. Eigen verantwoordelijkheid en zelfdiscipline vervangen hierbij het paternalisme en afhankelijkheid. Zelfbestuur op alle delen van het leven neemt de plaats in van de hiërarchische indeling.

Evenals het Marxisme duwt het “Democratische centrum” het Anarcho-Syndicalisme altijd in de linkse hoek en presenteert het zichzelf hiermee als het absolute bolwerk van rede, rechtvaardigheid en beschaving. De wereldwijde onderdrukking en uitbuiting gaan echter niet van het Anarcho-Syndicalisme uit. Anarcho-Syndicalisten hebben niet systematisch eten vernietigd en laten niet jaarlijks 7.000.000 kinderen wereldwijd verhongeren om de prijzen op de wereldmarkt stabiel te houden. Anarcho-Syndialisten richten geen corrupte marionettenregeringen op in andere Staten om imperialistische belangen wereldwijd te behartigen, noch leveren deze hen de wapens en de folterwerktuigen om dit te doen.

Het begrip “Links”

In de eerste plaats zullen we af moeten van betekenisloze definities door echt vrij en ondogmatisch te gaan denken. Het begrip “links” is niets meer dan een betekenisloze indicatie van richting en kan dan ook een veelvoud aan zaken omschrijven: een vleugel binnen de NSDAP, diverse Hegeliaanse stromingen, autoritaire Jakobijnen, het Leninisme, Stalinisme, Trotskisten, Maoïsten, Castro, Republikeinen in het Fascistische spectrum en Che Guevara. “Links” is dus een arbitrair en rekbaar begrip dat zeer relatief is. In plaats van het opzetten van categorieën en begrippen zoals “links” en “rechts” moeten we mensen juist wijzen op de echte verschillen. Verschillen zoals arm en rijk, Kapitalisten en proletariërs, bureaucratie en sociale hulp, Parlementarisme en Anarcho-Syndicalisme, Staat en vrije samenleving, autoritair en emancipatoir, machtswil en vrijheidswil en zeker nog veel en veel meer. Enkel dan zullen we niet onnodig in het duister tasten en kunnen we de waarheid echt aanschouwen. Dat biedt een betere start om het idee van een vrije samenleving met succes te implementeren. Het begrip “links” moeten we daarbij eenvoudig gezegd dus “links laten liggen”.


dinsdag 10 januari 2012

Nieuw blog: National-Revolutionary Alternative


Sinds kort is er in samenwerking met verschillende collectieven een nieuw blog gelanceert op het internet onder de naam "The National Revolutionary Alternative". Dit Engelstalige blog staat geheel in het kader van het "Anti Kapitalistisch Netwerk" en zal dienen als een internationale spreekbuis voor de Nederlandse Nationaal-Revolutionaire beweging. Naast scholingsstukken, actieverslagen en een agenda zal er ook regionaal en internationaal nieuws gepubliceert worden.

zaterdag 7 januari 2012

Een korte geschiedenis: de Sozialdemokratische Partei Deutschlands

In 1869 stichtte Wilhelm Liebknecht (1826-1900) een Marxistische organisatie die bekend kwam te staan als de Sozialdemokratische Partei Deutschlands (SPD). Ondanks de verwoede pogingen van Otto von Bismarck (1815-1895) om de vooruitgang van deze partij en haar felle weerstand tegen het Pruisendom te belemmeren groeide de partij al snel. In 1877 had de SPD ongeveer 493.000 stemmen, in 1890 waren dit er al 1.427.000 en in 1912 had de SPD een derde van alle stemmen binnen gehaald; een indrukwekkend totaal van 4.239.000 stemmen. Door haar snel groeiende reputatie werd de SPD een leidend rolmodel voor Sociaal-Democratische organisaties door geheel Europa. Echter ondanks al haar grote successen was de partij nog steeds niet in staat de macht te verkrijgen.

Het sociale en politieke klimaat in het vooroorlogse Duitsland was er een van strijdbaarheid van de werkende klasse. De Duitse werkende klasse had het vermogen om zich te organiseren in vakbewegingen. Deze gingen de confrontatie aan met diegenen die het status quo wilden behouden. Zij wisten het concept van klassenspanning om te zetten in de praktijk van klassenstrijd. Op een conferentie in Stuttgart in 1907 riepen de Communisten op tot een golf van stakingen die de economie plat moesten leggen en die arbeiderssolidariteit moesten oproepen. Ondertussen werden reactionaire groepen – deels bewust, deels onbewust – gebruikt door de Duitse staat om de arbeidersklasse te verdelen en te onderdrukken. Dit in een poging om de macht van de SPD en getalenteerde theoretici zoals Karl Kautsky (1854-1938) te ondermijnen. Deze laatste formeerde in 1891 het Ertfurd programma dat een intelligente synthese bood van zowel reformistische als revolutionaire ideeën binnen een Marxistisch kader. In realiteit hoefde rechts niet te vrezen voor de opkomst van het socialisme, omdat links zich vooral bezig hield met het zelfvernietigend proces van ideologische fragmentatie. Ondanks het feit dat er binnen de SPD zeker revolutionaire elementen aanwezig waren, wist de partij om deze inherente strengen van het Marxistische denken te beperken. De SPD pleitte enkel als een verlengstuk voor de ondernemingen binnen een hervormd politiek systeem. Zelfs Rosa Luxemburg (1870-1919) bleef lid van de SPD ondanks haar oppositie tegen partij- en vakbondleiders en de charismatische heerschappij op het congres van de partij in 1913. De grootste en meest verenigde kakofonie van links in Duitsland kwam met het gruwelijke vooruitzicht op een volledige oorlog.

In het verleden had het Duitse Socialisme een sterke niet-interventionistische benadering geadopteerd bij vormen van conflict die als kapitalistisch of imperialistisch werden beschouwd. De SPD was dan ook een van de grootste tegenstanders van de twee Balkanoorlogen in 1912 en 1913. Toen Oostenrijk haar ultimatum aan Servië oplegde in juli 1914 trachtte de partij de vlammen van de internationale militaire mobilisatie te onderdrukken door op te roepen tot debat en diplomatie. Op 25 juli verklaarde de SPD nog openlijk haar oppositie tegen “imperialistische commerciële belangen” en verklaarde: “Wij willen geen oorlog! Weg met de oorlog! Lang leve internationaal broederschap!”. Echter toen Berlijn gedwongen werd om de nationale noodtoestand uit te roepen kwam de SPD terug op deze positie en binnen minder dan een week steunde zij de vraag van de Kaiser voor 5 miljoen DM aan oorlogskrediet al. Zelfs de meest linkse vleugel binnen de partij steunde dit onkarakteristieke doel vanwege de sterke interne discipline die de SPD had.

Het pseudo-Nationalistische sentiment dat de Staat had los gelaten was het begin van de vereniging van grote aantallen arbeiders achter haar militaristische vaandel. De zelfidentificatie met de Staat verdrukte de proletarische gevoelens van isolatie, onzeker vertrouwen, berusting, passiviteit en de last van hun verdeelde loyaliteiten – aan de nationale Staat enerzijds en aan het internationaal Socialisme anderzijds. De oorlogsverklaring leidde tot honderden en duizenden juichende mensen in Duitse steden die, mede dankzij het sterk overdreven potentieel van het Schleiffen Plan, zich nog onbewust waren van het feit dat een snelle overwinning niet mogelijk was. Mannen zoals Paul von Hindenburg (1847-1934) en Erich Ludendorff (1865-1937) werden nationale helden en Duitsland werd al snel verdeeld in verschillende zones die door militaire leiders beheerst werden. Iedere oppositie tegen de oorlog werd beschouwd als “onpatriottisch” en “anti Duits”. In politieke termen betekende dit voor de SPD dat als zij haar vroegere pacifistische koers zou voortzetten dit tot haar totale obscuriteit zou leiden. Anderzijds zorgde de plotselinge vraag voor productie en mobilisatie van het Duitse proletariaat dat de Socialisten zich konden organiseren binnen het kader van de binnenlandse oorlogsinzet. Echter om haar invloed op de Duitse arbeiders te versterken moest de partij haar meer pacifistische principes verraden en zichzelf schuldig maken aan een zeer vuile vorm van ideologisch opportunisme. De SPD probeerde haar steun aan de eerste wereldoorlog te rechtvaardigen door te claimen dat “het nu doet wat we altijd emfatisch vol hielden: wij verzaken niet nu het Vaderland in gevaar is.” De toenemende hypocrisie binnen de partij leidde er uiteindelijk toe dat men gedurende de vijandelijkheden andere Duitse partijen niet langer bekritiseerde. De Kaiser had in 1914 in de Duitse Reichstag verklaard dat hij “geen Duitse partijen kende, enkel Duitse burgers”; op deze manier trachtte hij de Duitse verdeeldheid tegen te gaan en het volk te verenigen in de gedeelde oorlogsinzet. Deze strategie voor eenheid heette de “Burgfrieden” en was, zoals we uit het handelen van de SPD kunnen opmaken, erg succesvol.



Ondanks de “Burgfrieden” begon de externe oorlog al snel de situatie in Duitsland zelf te bepalen. Toen in 1915 de Duitse troepen zwaar verzand waren in de loopgravenoorlog en het moreel langzaam maar zeker begon te dalen ging de algemene consensus die de “Burgfrieden” bood al snel scheuren te vertonen. Diegenen die het “Burgfrieden” beleid probeerden te handhaven, probeerden deze desintegratie op alle manieren tegen te gaan door alle “dreigingen” voor de “Duitse eenheid” de kop in te drukken. Het werd dan ook als snel een middel van repressie om de minder populaire meningen tegen te gaan die onder een steeds groter segment van de bevolking te horen waren. Ondertussen moest Duits links zichzelf herzien. Het parlementaire leiderschap van de SPD werd aangevallen door de linkse vleugel binnen de partij. Individuen zoals Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht kregen meer en meer invloed op de meer gedesillusioneerde elementen binnen de normale gelederen. Beiden waren uitgesproken tegen de oorlog gekant. Luxemburg en Liebknecht beschouwden de vereniging van de heersende klasse en de Duitse arbeiders achter een Nationalistische façade als een plot om het Duitse Socialisme te ondermijnen. De belangrijkste krant van de SPD, “Vorwarts”, werd de literaire arena voor het debat dat plaats vond tussen diegenen die de oorlog van de Kaiser steunden en diegenen die hier juist sterk op tegen waren. Deze oorlog van woorden begon al snel te escaleren met de veranderende koers van de eerste wereldoorlog die voor steeds grotere ontberingen zorgde in Duitsland. Links trok haar voordeel uit deze groeiende sociale onrust en begon in december 1915 te pleitten voor een vredesovereenkomst. In 1916 had de militaire situatie ervoor gezorgd dat de Duitse burgers op het thuisfront geconfronteerd werden met massale uithongering. Ondertussen had de SPD aanvankelijk de oorspronkelijke boodschap van het Gotha programma van 1875 en haar toewijding aan Marxistische principes onderschreven. Echter de eenmalige adjunct van de partij – Karl Grillenberger – had enkele jaren eerder gepocht dat zij het programma hadden verworpen omdat voor hen “iedere revolutionaire dictatuur van het proletariaat uit den boze was”. Dit teken van onvermogen is slechts een klein voorbeeld van hoe ver de SPD al af stond van haar Marxistische oorsprong. Mensen als Luxemburg en Liebknecht wisten deze tekortkomingen van hun partijgenoten te benutten door het Gotha programma nieuw leven in te blazen en wederom op te roepen tot revolutionaire actie. Hierop beschuldigde de rechtse vleugel binnen de SPD, de groep rond de krant “Die Glocke” die nog steeds het “Burgfrieden” concept verdedigde, deze dissidenten ervan om onpatriottisch en anti Duits te zijn. De revolutionaire Socialisten formeerden zichzelf binnen de Gruppe Internationale en probeerden het gehele kader van de partij te laten instorten.

Ondanks dat de linkse vleugel van de SPD zelf ook verdeeld was, resulteerde deze compromisloze tactiek in de complete fragmentatie van de partij. De grootste groep bestond uit vertegenwoordigers van het centrum binnen de SPD, zoals Kautsky, gematigde linksen zoals Hugo Haase en Rudolf Hilferding en revisionisten zoals Eduard Bernstein en Kurt Eisner. Deze elementen kan men collectief omschrijven als de onafhankelijken, die verenigd waren in het feit dat ze de noodzaak voor defensieve militaire actie steunden. Zij vonden dat de oorlogsdoelen en het expansionistische beleid van de heersende groepen binnen de Duitse Staat tegen de geloofwaardigheid van een defensieve oorlog pleitten. Nadat ze uit de parlementaire groepering van de SPD gestuurd waren in maart 1916 begonnen achttien van hun gelijkgezinde delegaten kort voor de formatie van een rivaliserende organisatie, de Unabhangige Sozialdemokratische Partei Deutschlands (USPD), hun eigen parlementaire groep. De revolutionaire Socialisten – ook wel Spartakus gruppe - sloten zich bij deze nieuwe partij aan. Maar de USPD kwam al snel in een ongemakkelijke positie geklemd tussen de orthodoxe reformisten binnen de SPD en de meer radicale Spartakus groep, wiens revolutionaire protagonisten al snel een doorn in het oog werden van de meer gematigde medestanders. Toen het leger het gebruik van onderzeeboot oorlogsvoering orkestreerde in januari 1917 – een essentieel politiek besluit – wisten diegenen aan de uiterst linkse zijde in het politieke spectrum de overduidelijke tekortkomingen van het parlementarisme uit te buiten. Immers als vertegenwoordigers van het leger de politieke arena voorbij streefden om hun eigen agenda te behartigen, dan was de Reichstag irrelevant geworden en was het gerechtvaardigd om een revolutionaire positie in te nemen. De Duitse Staat reageerde hierop door veel mensen van de Spartakus groep gevangen te zetten op grond van hun subversieve activiteiten. Luxemburg en Liebknecht werden beide gedwongen om van 1916 tot 1918 in het gevang te verblijven.

De Bolsjewistische revolutie in het Rusland van 1917 had vele Socialisten in het buitenland geïnspireerd en in 1918 voedde de dreigende ondergang van de Duitse militaire machine de revolutionaire Socialisten enkel nog meer. Ondanks dat de Kaiser pogingen had ondernomen om enkele hervormingen door te voeren, vroeg het toenemende extremisme in de Duitse samenleving om een meer radicale politieke oplossing en een grote litanie van politieke, sociale en economische rampen volgde snel. Doordat de geallieerde blokkade ernstige problemen deed ontstaan onder de gewone bevolking in de wintermaanden van 1917-1918 ontstonden er naar het voorbeeld van de Sovjets van Lenin vergelijkbare raden in Duitsland. Op 4 november 1918 werd de Duitse marine geplaagd door muiterij en daarmee werd de aftrap voor de revolutie gemaakt. Nadat zeelieden zorgden voor rellen en demonstraties verspreidde dit fenomeen zich al snel naar andere Duitse steden. Op 6 november eiste industriële arbeiders in Hamburg Bremen en Cuxhaven de volledige implementatie van Socialisme en een radensysteem. Uiteindelijk trad keizer Wilhelm II onder druk hiervan af op 9 november 1918 waarop Friedrich Ebert de nieuwe Duitse kanselier werd. Het aftreden van de Kaiser werd door de revolutionaire Socialisten echter niet gezien als een Socialistische overwinning. De eventuele formatie van een regeringscoalitie van vertegenwoordigers van de SPD en USPD werd enkel gezien als een voortijdige interruptie van het gehele revolutionaire proces. Toen de voorgestelde “Republiek van Raden” werd overschaduwd door de verkiezing van een “Nationale Vergadering” en “Raad van Volkscommissarissen” richtten Luxemburg en Liebknecht de Kommunistische Partei Deutschlands (KPD) op. Ondanks het feit dat Luxemburg de gehele eerste wereldoorlog het concept van de Leninistische voorhoede had gesteund, was zij inmiddels zeer kritisch tegenover het Russische Bolsjewisme. Zij was van mening dat toen het Bolsjewisme de Staatsmacht had overgenomen het totale concept van democratie in het geheel achter zich gelaten werd. De KPD drong er dan ook op aan dat het nooit de Staatsmacht zou overnemen tenzij dit een reactie is op de duidelijke en onmiskenbare wens van de overgrote meerderheid van het proletariaat. Welke plannen de leiders van de KPD dan ook hadden voor de regeringsmacht, deze werden op 10 en 11 januari bruut vernietigd toen Luxemburg en Liebknecht werden vermoord door gewapende soldaten van de reactionaire Freikorpsen. De revolutie was dus over, alvorens deze goed en wel begon. In de nasleep van de militaire nederlaag van Duitsland was het de oude garde van Sociaal-Democraten die het Kapitalisme weer in ere herstelden, enkel dit keer in een iets smakelijkere vorm dan haar monarchistische voorgangers toestonden. 


De 13 leugens van het Kapitalisme

1. Concurrentie genereert banen?

Concurrentie kan in de eerste instantie banen scheppen maar leidt uiteindelijk tot overproductie van dezelfde koopwaar of een te grote levering van dezelfde diensten door de concurrerende ondernemingen. Dit resulteert in overnames, ontslagen of een export van de onderneming naar lage lonen landen. Dit wordt terloops geaccepteerd als “de economische cyclus”.

2. Concurrentie leidt tot een grotere keuze en meer diversiteit?

Iedereen weet dat als men de televisie kanalen verdubbelt er enkel meer van hetzelfde gecreëerd wordt. Hetzelfde zien we bij concurrentie tussen producenten van auto’s en de meeste andere koopwaar. Het leidt niet tot grotere diversiteit, maar tot grotere standaardisatie. Daarom worden gigantische sommen geld uitgegeven aan overdreven advertenties. Hiermee creëert het bedrijfsleven een grote illusie van onderscheid tussen producten en diensten die vrijwel hetzelfde zijn. “Merk identiteit” vervangt de ware diversiteit en keuze.

3. Concurrentie resulteert in kostenefficiëntie?

Het streven naar lage kosten, productie en winst resulteert in de grootst mogelijke verspilling van natuurlijke bronnen en menselijk potentieel. Zo levert de productie van een ons goud bijvoorbeeld 30 ton giftig afval op. Het is afhankelijk van zo’n goedkope arbeidskracht dat het een moderne vorm van slavernij is, hiermee wordt ook het menselijk potentieel van iedere betrokken arbeider verspild.

4. Kapitalisme kan volledige werkvoorziening creëren?

Kapitalisme kan enkel in de buurt komen van volledige werkvoorziening door het massale ondergebruik van de potentiële vaardigheden van haar werknemers. Het zal meer en meer werknemers laagbetaald en laaggekwalificeerd werk laten doen. Wanneer het kapitalisme in een crisis komt zijn banen het eerste waar op gekort wordt, die van de bedrijfsdirecteuren uitgezonderd uiteraard.

5. Kapitalisme beschermt vrouwenrechten en de familie?

Kapitalistische economieën zoals in de VS, waar miljoenen moeders hun kinderen alleen moeten laten en lange afstanden moeten reizen voor een of twee minimum loon banen om rond te komen zijn moeilijk familievriendelijk te noemen. Het beschermen van vrouwenrechten en de familie is het beschermen van vrouwen om minimumloon slaven te worden. 
6. Kapitalisme waardeert het individu?
Kapitalisme verkoopt het individu en waardeert deze enkel volgens zijn marktwaarde. Het moderne kapitalisme is anders dan vroegere vormen van de markteconomie omdat mensen de producten die zij produceren niet zelf verkopen. Zij verkopen zichzelf als werknemers, zij verkopen hun lichaam, hersens en tijd in opdracht van hun werkgever.
7. Kapitalistische samenlevingen zijn democratisch?
De meest machtige politieke en belangrijke instituties binnen kapitalistische staten zijn private bedrijven waarbinnen geen enkele vorm van democratie bestaat. Er wordt geregeerd via het management decreet dat wordt bepaald door financiers en aandeelhouders.
8. Kapitalisme gaat met de juiste wil om met ecologische problematiek?
Geen gas, olie of ander energiebedrijf zou het tolereren om haar inkomsten te verliezen aan gemeenschapsgroepen of steden die zich energie onafhankelijk zouden verklaren. Kapitalisme vertrouwt op een almaar toenemende economische groei voor haar instandhouding. Daarbij leidt de hebzucht voor financiële winst op korte termijn tot de exploitatie van natuurlijke bronnen. Dat leidt onvermijdelijk tot de totale vernietiging van oceanen, bossen en waterbronnen.
9. Kapitalisme betekent vrije handel en de vrije markt?
Kapitalisme kan niet omgaan met een wereldwijde vrije handel en vrije markt. Globalisering is dan ook de grootste poging om dit te beperken. Door bijvoorbeeld het opleggen van oneerlijke handelsovereenkomsten en door gesubsidieerde landbouw die import van onderontwikkelde landen tegen houdt.
10. De kapitalistische gemeenschap is een vrije gemeenschap?
Kapitalisme dwingt individuen hun tijd en arbeid aan hun werkgever te verkopen. Vrijheid betekent vrij te zijn om tijd en arbeid vrij te besteden aan creatieve activiteit die voldoet aan het unieke potentieel van het individu. Het betekent dat het individu in staat moet zijn om aan zijn gemeenschap bij te dragen. Echter de enige types van productief of creatief werk en activiteit binnen het kapitalisme zijn die met marktwaarde in het creëren van winst voor de werkgever. Educatie binnen het kapitalisme cultiveert niet de gaven van elk individu zodat het deze kan transformeren in een belangrijke contributie aan de maatschappij. Binnen het kapitalisme zijn er geen gelijke kansen voor educatie en wordt er enkel gefocust op vaardigheden met marktwaarde. De kapitalistische pers en media zijn niet “vrijer” dan die binnen totalitaire gemeenschappen en herhaalt keer op keer hetzelfde “nieuws”.
11. Kapitalisme creëert welvaart.
Meer dan 90% van de welvaart binnen kapitalistische economieën is in handen van 10% van de populatie. Die welvaart wordt verkregen door het creëren van armoede en door de exploitatie van laagbetaalde arbeid zowel hier als in ontwikkelingslanden. Het type arbeid dat de marktwaarde heeft om de meeste monetaire welvaart te creëren is er een van zuiver eigenbelang, berekende of geestdodend type dat de ziel verarmt en menselijke relaties vernedert.
12. Nationale regeringen zijn afhankelijk van banken voor publieke uitgaven?
Dit is de grootste leugen van allemaal. Nationale regeringen kunnen hun eigen rentevrije geld uitgeven voor publieke uitgaven. Binnen het kapitalisme zijn nationale regeringen de marionetten van internationale banken en bankierskartels die altijd bang zijn voor het verstoren van wat ze de “financiële markten” noemen.
13. Nationale regeringen accumuleren financiële tekorten door het overspenderen van geld op publieke diensten en investeringen.
Financiële tekorten zijn praktisch altijd het gevolg van de alsmaar toenemende schuld aan de private bankensector. Dit probleem kan overwonnen worden door de nationalisatie van banken en het herstellen van de controle van een natie over de geldtoevoer en het zelf financieren van de nationale industrie.