zaterdag 21 juni 2014

'Terrorismebestrijding': Hoe de Staat repressie legitimeert

Sinds de aanslagen van 9/11 in New York is 'terrorismebestrijding' het nieuwe credo geworden en houdt men het volk constant gevangen in een klimaat van permanente angst. Na de moord op Theo van Gogh door Mohammed Bouyeri in 2004, de belegering van de Hofstad groep in het Haagse Laakkwartier datzelfde jaar en nu de terugkeer van Syrische Jihadstrijders, lijkt ook in Nederland 'de terreurdreiging' ineens zeer reëel geworden.

Ondertussen zijn er in het kader van 'terrorismebestrijding' allerhande nieuwe wetten aangenomen door de Nederlandse overheid. Zo mogen vanaf heden personen bijvoorbeeld al bij de meest vage verdenkingen opgepakt worden, kunnen bankrekeningen van personen eenvoudig geblokkeerd worden en worden telecomaanbieders verplicht al onze gegevens een half jaar tot een jaar lang te bewaren. Deze wetten maken een grote inbreuk op de privacy en rechten van alle burgers. Ondanks deze nieuwe wetten en de miljoenen die in terrorismebestrijding geïnvesteerd zijn, is er geen enkel noemenswaardig resultaat. Van de 274 arrestaties die er in Nederland in het kader van 'terrorismebestrijding' zijn verricht, zijn er slechts 7 veroordelingen geweest, de andere 97,5 % van de arrestanten gingen vrij uit.



Ongeacht dat de praktijk uitwijst dat 'terrorisme' dus niet een dergelijk grote dreiging is als men ons wil doen denken, blijft de overheid ons voor houden dat anti-terrorisme maatregelen en de versterking van haar repressieve machten noodzakelijk zijn. In de realiteit is terrorisme en terrorismebestrijding echter het product van de alsmaar verder toenemende conflicten tussen imperialistische machten. Het is duidelijk dat de meeste terroristische groeperingen vandaag de dag gevoed worden door het handelen van dezelfde imperialistische Staten die hun repressieve apparaat versterken onder de sinds 9/11 algemeen bekende slagzin 'War on terror!"

Het is de overheid die het angstklimaat creëert en blijft voeden. Momenteel zijn de opmars van de Islamistische groepering ISIS (Islamitische Staat in Irak en al-Sham) in het Midden-Oosten en de Nederlandse Syriëgangers het nieuwe excuus om de grenzen van de rechtsstaat verder te beperken en nog meer repressie door te voeren. Momenteel onderzoekt het Openbaar Ministerie of Abdoe Khoulani, de Haagse fractievoorzitter van de Islamitische Partij van de Eenheid, vervolgd kan worden wegens 'het verheerlijken van geweld' omdat hij zijn steun voor ISIS zou hebben uitgesproken. Een grove inperking van het recht op vrijheid van meningsuiting. Ook is onder druk van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) de Islamistische website DeWareReligie.nl offline gehaald (nu hier te vinden), nadat strafrechtelijke vervolging onmogelijk bleek - ordinaire censuur dus.

Het is duidelijk dat 'terrorismebestrijding' de meest recente misleiding is om de dictatuur van de heersende klasse te legitimeren ten opzichte van het grote publiek. De "War on terror" wordt gebruikt om het volk met angst te manipuleren en zich achter de staat te verzamelen tegen 'de vijand'. De waarheid is echter dat de "War on Terror" enkel meer terreur voortbrengt. 'Terrorisme' en 'anti-terrorisme' zijn twee zijden van dezelfde munt.

Vandaag de dag worden de maatregelen die onder het mom van 'terrorismebestrijding' zijn doorgevoerd al ingezet tegen politieke activisten en huis, tuin en keuken vergrijpen. De grenzen vervagen steeds verder in de opmars naar een totalitaire politiestaat die het volk volkomen controleert. Dat is de ultieme consequentie; een staat die bepaald wat je mag denken, wat je mag doen en waarin enkel nog plaats is voor modelburgers die zich naar de wil van de heersende klasse schikken.





zondag 15 juni 2014

De Krim is Russisch (3)

HET RECHT OP NATIONALE ZELFBESCHIKKING EN DE RUSSISCHE INTERVENTIE:
ONS STANDPUNT NADER UITEEN GEZET

Onze principiële steun voor nationale zelfbeschikking van de Krim en voor de Russische interventie, die het houden van het referendum om van dit recht gebruik te maken mogelijk maakte, heeft bij enkele kameraden voor de nodige verwarring en onduidelijkheid gezorgd. Wij stelden: Aangezien de Krim overwegend Russisch is en de meerderheid een hereniging met Rusland wenst, zijn waarachtige revolutionairen en anti-imperialisten verplicht om deze democratische eis naar zelfbeschikking te ondersteunen, waarbij men het lot van de niet-Russische minderheden in zijn overwegingen dient te betrekken. Hieruit concludeerden enkele kameraden, dat het voor ons slechts dan principieel zou zijn om de Russische interventie te steunen, "in zoverre Rusland aan de onder de Oekraïense heerschappij (vanaf 1954) veelvoudig onderdrukte minderheid der Krim-Tartaren bijzondere rechten toestaat." En verder: Zouden de Russische krachten de machtsovername op de Krim echter daartoe gebruiken om de onderdrukking van der Tartaren te verscherpen, dan zou het tegen onze principes indruisen om de Russische interventie nog langer te steunen."

Dit citaat evenals de toegevoegde clausule m.b.t. de "bijzondere rechten voor de minderheid der Krim-Tartaren" wekken echter sterk de indruk, als zou de zelfbeschikking van de Russen op de Krim daarvan afhankelijk worden gemaakt, hoe goed de Krim-Tartaren door Rusland thans en in de toekomst worden behandeld. Indien een en ander inderdaad een criterium zou zijn, dan is het moeilijk om zich voor te stellen in hoeverre men dan nog überhaupt ergens nationale zelfbeschikking kan steunen!

Indien de aanwezigheid van de Russische strijdkrachten op de Krim het verschil zou maken, dan valt ook hier moeilijk in te zien in hoeverre en waarom dat de zaak zou veranderen. Zelfs in het geval dat de Krim het had klaargespeeld om zich vreedzaam van de Oekraïne af te scheiden (zonder daartoe een Russische interventie te behoeven), dan zouden Russische troepen toch voet op de Krim hebben gezet, zodra deze tot een integraal bestanddeel van de Russische Federatie zou zijn geworden.

De voorwaarde, waarvan enkele kameraden onze steun voor de Russische interventie en daarmee voor het gebruik maken van het recht op zelfbeschikking willen laten afhangen, betekent een capitulatie voor de druk van de imperialistische, tegen Rusland en diens leider Vladimir Poetin gerichte propagandamachine. Het Amerikaanse (en EU-) imperialisme en zijn inktkoelies in de burgerlijke media hadden eerst de fascistische putsch in Kiew, die het Janoekovitsj-regime ten val bracht, gesteund en hieven vervolgens een hysterisch geschreeuw aan inzake een vermeende Russische "invasie" van de Krim - in werkelijkheid waren Russische, in Sewastopol gestationeerde, troepen (eenheden van de marine-infanterie van de Zwarte Zee vloot) reeds lang ter plekke! (Van een "invasie" kan dus hoegenaamd géén sprake zijn) De imperialisten veroordeelden ook de zogenaamde "annexatie" van de Krim door Rusland en trokken zelfs parallellen met de Anschluss van het Sudetenland door het Duitse rijk in 1938.

Wij stelden eerder al vast: In tegenstelling tot de algemeen gangbare zichtwijze in de imperialistische media kan de Russische interventie op de Krim niet worden beschouwd als het binnenvallen in een "vreemd land", ongeacht de formele status van de Krim als deel van de Oekraïne. De Krim werd voor het eerst aan het einde van de 18de eeuw een deel van Rusland, veroverd op het Ottomaanse Rijk. En verder: Pas in 1954 stond de toenmalige partij- en regeringsleider van de USSR, Nikita Chroesjtsjov, de Krim af aan de Oekraïense SSR. Eerst later met de ineenstorting van de USSR verkreeg dit dan betekenis, toen het lot van het gebied tot thema van verhitte discussies tussen Rusland en de Oekraïne (beide ondertussen verworden tot burgerlijke staten) werd.

De Russische interventie was in de essentie defensief en onder andere bedoeld om de Zwarte Zee vloot te beschermen.

Andermaal onderstrepen wij dat de vrees en verontrusting van de Tartaarse minderheid niet het democratische recht van de Russische meerderheid op de Krim op nationale zelfbeschikking en op hereniging met het Russische vaderland buiten werking kan stellen. Het doel van revolutionaire communisten is en blijft het om de arbeidersklasse ter verdediging van de onderdrukte minderheden te mobiliseren. Dit vormt een wezenlijk onderdeel van de strijd tegen de burgerlijke klassenvijand. Daartoe behoort ook de verdediging van het recht van autochtone bevolkingsgroepen met een aaneengesloten territorium om hun eigen toekomst te bepalen, met inbegrip van een eventuele afscheiding.

In Rusland behoort tot één van de belangrijkste taken van ons, revolutionairen, om op te komen voor de rechten van de Islamitische Tartaren en andere etnische en nationale minderheden. Bij al onze steun voor de Russische interventie op de Krim hebben wij er nooit enig misverstand over laten bestaan dat dit op géén enkele wijze politieke steun (in wat voor vorm dan ook) betekent voor het huidige bourgeois-regime en haar politiek van groot Russisch chauvinisme. Het is de plicht van waarachtige revolutionairen en communisten om zich te keren tegen alle verschijningsvormen van grote mogendheden chauvinisme. Zoals Lenin reeds uiteen zette vormt het opkomen voor het recht op nationale zelfbeschikking een cruciaal middel om nationale vooroordelen te bestrijden en de hindernissen voor de aaneensluiting van arbeiders van verschillende naties in de strijd voor de proletarische revolutie omver te halen.


DE KRIM: GÉÉN VOORBEELD VAN EEN ZICH GEOGRAFISCH VERMENGEN VAN VOLKEREN

In januari 1995 verklaarden wij:
"Het uiteenvallen van de USSR (na de kapitalistische contra-revolutie) heeft een aanzienlijke wederzijdse vermenging van volkeren en van economische-productie eenheden aan de dag gebracht, die geërfd waren van een (bureaucratisch-)centralistische planeconomie en op deze georiënteerd." En verder:
"Zo valt in een aantal gebieden (met name de Oostelijke Oekraïne, de Krim en Noord-Kazakstan) de nationale kwestie op democratische wijze alleen op te lossen langs de weg van een de nationale grenzen overschrijdende socialistische federatie van arbeidersstaten of door meerdere van dergelijke federaties."

De verklaring vormde een onderdeel van onze analyse van een historisch gezien unieke gebeurtenis: De contra-revolutie, die de gedegenereerde Sowjet-arbeidersstaat vernietigde en op een groot deel van het voormalige grondgebied een ware orgie aan nationalistisch bloedvergieten ontketende.

In werkelijk het kwam het begrip van "het wederzijds vermengen van de volkeren" voor wat de Krim betreft niet met de realiteit overeen en werd daarna ook niet meer gebruikt. De verklaring was in feite al in april 1995 achterhaald, toen wij opriepen tot een referendum, opdat de bewoners van de Krim en van Tsetsjenië hun lot zelf zouden kunnen bepalen, een stilzwijgend accepteren van het feit, dat voor wat deze gebieden betreft zelfbeschikking binnen een democratisch kader zonder de eraan voorafgaande omverwerping van de kapitalistische heerschappij bereikt zou kunnen worden.

Doordat we van mening waren dat deze situatie (van geografisch zich wederzijds vermengende volkeren) op de Krim niet van toepassing was, hanteerden we dan ook de leuze "De Krim is Russisch."

Als wij van geografisch zich wederzijds vermengende volkeren spreken, bedoelen wij daarmee niet in het algemeen een mengelmoes van nationaliteiten en etniciteiten binnen een bepaald afzonderlijk staatsverband, dat komt gewoonweg overal ter wereld voor. Nee, veeleer bedoelen we dan een situatie, waar twee (of meer) volkeren aanspraak maken op hetzelfde gebied, bijvoorbeeld Israël/Palestina of Noord-Ierland, en de daarmee gepaard gaande programmatische conclusies voor communisten. Terwijl reformistisch links de wereld indeelt in zogeheten 'progressieve' dan wel 'reactionaire' volkeren, waarbij democratische rechten uitsluitend zijn voorbehouden aan de eerstgenoemde, maken wij ons samen met Lenin sterk voor het zelfbeschikkingsrecht van ALLE naties.

Voor wat betreft de gevallen van geografisch wederzijds met elkaar vermengende volkeren stellen wij, dat onder het kapitalisme - waar de staatsmacht noodzakelijkerwijze door een enkele natie wordt gedomineerd - het democratische recht op nationale zelfbeschikking niet voor een volk kan worden afgedwongen, zonder dat daarbij inbreuk wordt gemaakt op de nationale rechten van het andere. Derhalve kunnen deze conflicten binnen het kader van het kapitalistisch systeem niet op rechtvaardige wijze worden opgelost. De voorwaarde voor een democratische oplossing is daarin gelegen, dat alle bourgeoisiëen van de betreffende regio omver worden geworpen.

De Krim is voor welgeteld 97% Russischtalig en zelfs de Oekraïense minderheid is sterk gerussificeerd. Dit staat in sterk contrast met de Kaukasus, dat door vele volkeren wordt bewoond, die allen sterk van elkaar afwijkende talen spreken. En het is ook niet te vergelijken met Noord-Ierland met zijn grote kloof tussen ongeveer gelijk grote protestantse en katholieke bevolkingsgroepen. De recente volksraadpleging op de Krim en de daarop volgende gebeurtenissen onderstrepen, dat het gebied géén geval is van geografisch vermengde volkeren, maar wezenlijk wordt bepaald door haar Russische geschiedenis en etnische samenstelling. Bijna 97% van de kiezers wenste een hereniging met het moederland, ook al werd het referendum door veel Tartaren geboycot. Daarenboven werd de hereniging van de Krim met Rusland praktisch zonder bloedvergieten en zonder een of andere vorm van reëel verzet bereikt. Het overgrote deel van de Oekraïense manschappen en officieren op de Krim wisselde de fronten en ging gewoon over naar de Russische kant.

President Obama, voor voldongen feiten gesteld, kondigde met behulp van zijn imperialistische bondgenoten in Europa enkele vooralsnog slappe sancties af tegen diverse Russische invloedrijke personen, maar rolde echter evenzeer met zijn spierballen door middel van opgevoerde patrouilles in het luchtruim boven de Baltische staten alsmede een versterking van de militaire aanwezigheid in Polen. Een en ander ging vergezeld van een stroom aan oorlogszuchtige verklaringen, waar de huichelachtigheid en achterbaksheid van af droop. In een redevoering gericht tot zijn EU- en NAVO-bondgenoten op 26 maart jl. in Brussel veroordeelde hij de "invasie van de Krim" evenals de "annexatie (ervan) door Rusland." Tegelijkertijd gaf hij evenwel toe, dat Rusland niet met militair geweld van de Krim zou (kunnen) worden gedreven.

Obama's verklaringen zijn precies zo geloofwaardig als zijn ontkenning van het feit, dat "Amerika op de een of andere wijze met fascisten in de Oekraïne samengezworen zou hebben." Gedurende het gehele oproer, dat uiteindelijk uitmondde in de Putsch tegen Janoekovitsj en als resultaat waarvan verschillende fascisten op hoge regeringsposten terecht kwamen, waaronder die van plaatsvervangend minister-president, van procureur-generaal en van minister van defensie, heeft Washington de Svoboda partij - het zogeheten "meer gematigde" gezicht van het Oekraïense fascisme - hardnekkig gesteund. Samenwerking met fascisten is voor Washington uiteraard niet iets buitengewoons. Nadat het Rode leger in de Grote Vaderlandse Oorlog de Duitse invasoren en hun inheemse Guislings had verdreven, rekruteerde het Amerikaanse imperialisme de voorgangers van Svoboda - de fascistische bendes o.l.v. Stepan Bandera, berucht vanwege hun massamoorden op Polen en Joden - als huurlingen in de Koude Oorlog tegen het communisme.


"LINKS" KOUWT IMPERIALISTISCHE PROPAGANDA NA

Het overgrote deel van reformistisch links in West-Europa (en de Verenigde Staten) heeft zich maar al te graag als luidspreker ter beschikking gesteld ten behoeve van de verbale Blitzkrieg van het imperialisme gericht tegen de Russische interventie op de Krim. Met betrekking tot de 'International Socialist Organisation´ was al bekend, dat deze regelrechte bourgeois-propaganda praatjes rondbazuinde, doordat er werd gepoogd om de massabetogingen op de Maidan in Kiew (welke wemelde van fascisten) voor te stellen als een strijd voor "de democratie" en het massaprotest als een "actie van onderop."

Thans bekrachtigde de ISO andermaal m.b.t. de Oekraïense kwestie van de Krim zich in het zogeheten "Derde Kamp" te bevinden - tot uitdrukking komend in de leuze "Noch Moskou, noch Washington!" Dit is exact hetzelfde standpunt als destijds, toen de Sowjet-arbeidersstaat nog bestond. In werkelijkheid was dit vermeende "Derde Kamp" steeds slechts het kamp van het imperialisme, zoals de ISO door haar steun voor alle contra-revolutionaire krachten, die zich uit naam van de "democratie" tegen de USSR keerden, telkens weer opnieuw aantoonde.

Nadat de ISO de vernietiging van de Sowjet-arbeidersstaat in 1991/92 al had toegejuicht, richt men zijn propagandistisch trommelvuur evenals voorheen richting het Oosten, terwijl het Amerikaanse imperialisme de druk op het (kapitalistische) Rusland opvoert. De ISO beweert tegen het, in haar woorden, "imperialistische conflict te zijn, dat in Oekraïne wordt uitgevochten." Haar ware sympathieën blijken echter uit haar ongegeneerd nakauwen van de westerse propaganda praatjes:

"Met het overnemen van de Krim heeft het Russische imperialisme andermaal een stap gezet om de politieke macht en de economische controle over het land te continueren - dit dient door alle revolutionairen, die pretenderen anti-imperialisten te zijn, onvoorwaardelijk te worden veroordeeld." - Ukraine and the National Question - Socialistworker.org, 11 maart.

Het 'Committee for a Workers'International' (CWI) [in Nederland: de Vonk; in Duitsland; SAV] op haar beurt erkent de nationale rechten van de meerderheidsbevolking op de Krim wel in theorie, maar verklaart dat vervolgens echter voor niet van belang, aangezien thans geboden zou zijn om de eis te stellen; "Russisch imperialisme weg uit de Krim". (zo gedaan door de Russische sectie van de CWI op 2 maart jl.). De CWI is dezelfde groepering, waarvan de leidinggevende sectie in Groot-Brittannië al jaren geleden capituleerde voor het imperialisme, doordat men weigerde om het vertrek van Britse troepen uit Noord-Ierland te eisen, die aldaar tezamen met de plaatselijke politie en de protestantse milities verantwoordelijk waren voor de nietsontziende onderdrukking van de katholieke minderheid.

De houding van de CWI is nauwelijks meer dan een link klinkende rechtvaardiging van het standpunt van de USA en de EU, volgens elke een stem uitbrengen voor zelfbeschikking op de Krim ongeldig zou zijn, gewoonweg omdat het Amerikaans (en EU-)imperialisme zulks zegt. Op 4 maart jl. lichtte de CWI haar standpunt nader toe en verklaarde:

"Wat thans plaatsvindt, zal niet tot echte zelfbeschikking voeren; het zal slechts betekenen, dat de Krim tot een Russisch protectoraat wordt, zoals Zuid-Ossetië of, nog erger, tot een bezet gebied met een dictatoriale heerser, zoals Ramzan Kadyrow in Tsjetsjenië." - Russian troops take up positions troughout Crimea - socialist-world.net        

Hier haalt het CWI willens en wetens twee geheel verschillende dingen door elkaar. Anders als op de Krim zijn de volkeren van Zuid-Ossetië en Tsjetjenië, beide gelegen in het gebied van de Kaukasus, NIET Russisch. De Groot-Russische chauvinisten, die in Moskou aan de macht zijn, zijn zich van dit verschil natuurlijk maar al te bewust, getuige ook de beide meedogenloze oorlogen die tegen de Tsjetjenen werden gevoerd, toen deze gebruik probeerden te maken van hun recht op afscheiding. Met betrekking tot de oorlogen van Rusland tegen Tjetsjenië hadden werkelijke revolutionairen dan ook de plicht om de Tsjetjeense roep naar onafhankelijkheid te steunen en te eisen: Russische troepen eruit!

Wat zuid-Ossetië betreft: Dit gebied had zich kort na de ineenstorting van de USSR van de voormalige Sowjetrepubliek Georgië afgescheurd onder militaire dekking van de burgerlijke Russische staat. In 2008 veroorzaakte de invasie van zuid-Ossetië door het massaal door de USA gesteunde Georgië een oorlog met Rusland, in welk verloop Abchazië zich eveneens van Georgië losmaakte. In deze oorlog waren de nationale rechten van de Zuid-Ossetiërs en de Abchazen ondergeschikt aan een zuiver machtsspel tussen Rusland ener- en het door het Amerikaanse imperialisme gesteunde Georgië anderzijds. Het juiste klassenstandpunt was in dit geval het revolutionair defaitisme (- de klassenbelangen van de arbeiders van Rusland en Georgië vereisten in dit geval een strijd gericht op de revolutionaire omverwerping van de eigen bourgeois-regimes).

De verdediging van het recht op nationale zelfbeschikking van de bevolking van de Krim is een lakmoesproef voor alle organisaties, die pretenderen om strijd te leveren tegen het kapitalistische imperialisme, een systeem in verval, wat door de contra-revolutionaire vernietiging van de Sowjet Unie nieuw leven werd ingeblazen.

Pseudo-Links richt zoals te verwachten viel haar propagandistisch trommelvuur in hoofdzaak niet tegen het Amerikaanse imperialisme (toch altijd nog de hoofdvijand van de mensheid!) en haar Europese bondgenoten. Aan ons in de huidige situatie de taak om front te maken tegen de imperialistische backlash gericht tegen nationale zelfbeschikking van de Krim en tegen de Russische interventie. Dit is een wezenlijk bestanddeel van de strijd voor het revolutionaire perspectief.

De dringendste taak waarvoor revolutionairen zich thans geplaatst zien, is de vorming van een revolutionaire kaderorganisatie, die de strijd tegen het imperialisme in zijn vaandel voert en de arbeidersklasse de weg toont van onafhankelijke strijd onder eigen leiding.

VOOR EEN NIEUW OKTOBER!




woensdag 28 mei 2014

ACN/AKN Verklaring: De Krim is Russisch! (2)

Zoals we al eerder duidelijk hebben gemaakt steunen we de Russische interventie op de Krim onafhankelijk er van of er nu speciale rechten voor de overwegend islamitische etnische minderheid der Krim-Tartaren worden ingevoerd, ja dan nee.

Overigens had de opperste Sowjet van de Krim al op 11 maart jl. een wetsonderwerp aangenomen welke officiële taalrechten en het recht op evenredige vertegenwoordiging in de regering garandeert aan de Tartaren, terwijl tevens financiële middelen ter beschikking zullen worden gesteld voor de repatriëring van de Krim-Tartaren die in 1944 door Stalin van het schiereiland werden gedeporteerd.

Maar nogmaals: onze steun voor de Russische interventie op de Krim staat volledig los van de (toekomstige) behandeling van de Tartaarse minderheid op het schiereiland door de Russische autoriteiten.

Het was volstrekt logisch voor de Russisch sprekende bevolking van de Krim, welke sinds de ineenstorting van de Sowjet Unie zuchtte onder het juk van de Oekraïense heerschappij, om ten diepste verontrust te zijn door de coup in Kiew en de opkomst van een nieuw, door het westen gesteund regime, dat is doordrenkt met anti-Russische fascisten.

Letterlijk de eerste ambtshandeling van het Oekraïense parlement was dan ook het verbod op het gebruik van Russisch als officiële taal, een verbod dat vervolgens werd getorpedeerd door een veto van de kant van de president in overeenstemming van de pogingen van de USA om de coup voor te stellen als een uitingsvorm van “democratie”.

Het westers imperialisme en haar media jammeren luidkeels over “Russische agressie” op de Krim. Echter deze retoriek wordt door de realiteit gelogenstraft. De interventie door de Russische Federatie op de Krim is in zijn essentie defensief, grotendeels ingegeven door het verlangen om Ruslands Zwarte Zee vloot in Sewastopol te beschermen. De zogeheten Russische ”invasie” is een hersenschim en de interventie blijft populair bij de overgrote meerderheid van de bevolking van de Krim. De aanloop naar het referendum vond dan ook plaats zonder ook maar één serieus incident. Hele legers van westerse journalisten, die naar de Krim waren uitgezonden om verslag te doen van de gruweldaden gericht tegen de Tartaren en andere etnische minderheden, konden weinig berichten.

Ons standpunt m.b.t. de Russische strijdkrachten op de Krim is verankerd in het Leninistische basisprincipe, namelijk dat het recht op nationale zelfbeschikking van toepassing is op de volkeren van alle naties, met inbegrip van grote zoals Rusland.

De interventie van Russische strijdkrachten op de Krim maakte het uiten van nationale zelfbeschikking voor dat gebied überhaupt mogelijk. Er bestaat niet zoiets als een afzonderlijke “Krim-natie”, de meerderheid van de bevolking ervan is momenteel Russisch en heeft al sedert lange tijd het aanhalen van de banden met Rusland – hetzij in de gestalte van onafhankelijkheid, hetzij in die van autonomie – nagestreefd, inbegrepen de heropname in de staat van de Russische Federatie. Het referendum dat de imperialisten voor “illegaal” hebben verklaard, legde slechts de realiteit vast dat de Krim Russisch is. En zelfs deze eenvoudige vaststelling zou zonder de aanwezigheid van Russische strijdkrachten niet plaats hebben kunnen vinden. De kwaadaardige gifspuwerij van de westerse imperialisten jegens de Russische interventie vormt slechts een cynische dekmantel voor de onderdrukkingspolitiek van hun Oekraïense quislings. Het wordt gelogenstraft door de onmogelijkheid voor de inwoners van de Krim om tot nog toe zelfs maar een referendum te kunnen beleggen om hun wens tot afscheiding van de Oekraïne tot uitdrukking te brengen.

We hebben er al eerder op gewezen, dat in 1991 een poging van de zijde van plaatselijke inwoners om te komen tot een referendum m.b.t. onafhankelijkheid van de Krim voor onbepaalde tijd door de Oekraïense autoriteiten werd verboden. Ook een andere poging in 1992, waarbij de kiezers de vraag werd voorgelegd of de Krim met Rusland herenigd diende te worden, werd door de Oekraïense regering als ‘illegaal’ bestempeld. Dreigementen van de zijde van het Oekraïense parlement dwongen het parlement op de Krim in augustus van dat jaar om af te zien van haar referendum inzake onafhankelijkheid.

Pro-Russische krachten op de Krim ondernamen in 1994 andermaal een poging om een nieuw referendum te beleggen, deze keer rond drie vragen gecentreerd rond een grotere mate aan autonomie binnen het Oekraïense staatsverband. Opnieuw greep Kiew in, aanvankelijk om het referendum te degraderen tot een volksraadpleging met slechts een adviserend karakter ten einde dan uiteindelijk het referendum in zijn geheel te verbieden. De stemming vond desalniettemin toch plaats, met een overweldigende meerderheid vóór autonomie binnen het Oekraïense staatsverband, inbegrepen bijna 83% van de kiezers die zich uitspraken ten gunste van een wettelijke voorziening, waarbij aan de inwoners van de Krim het dubbele staatsburgerschap (Russisch zowel als Oekraïens) werd toegestaan. In het daarop volgende jaar, toen het conflict tussen de Krim en Oekraïne oplaaide, dreigden diverse parlementsafgevaardigden van de Krim met het organiseren van een referendum inzake hereniging met Rusland. Als reactie hierop verklaarde het Oekraïense parlement de grondwet van de Krim voor ongeldig, schafte het ambt van president m.b.t. de Krim af, ging over tot het ontwapenen van de presidentiele garde en begon met een strafrechtelijke procedure tegen de toenmalige president van de Krim; Yoeri Mesjkow.

De Oekraïense grondwet van 1996 schafte vervolgens in feite elke mogelijkheid voor zelfbeschikking van de Krim af, aangezien er vanaf dat tijdstip een landelijk referendum was vereist om de grenzen van de Oekraïne te kunnen wijzigen. Er was veel ophef in de westerse imperialistische media aangaande de afwezigheid van een keuze voor het status quo op het stembiljet wat in het huidige referendum werd gebruikt. De keuzes die werden voorgelegd betroffen 1) federatie met Rusland dan wel 2) herstel van de grondwet van de Krim van 1992, welke de Krim definieerde als een autonome republiek binnen het staatsverband van de Oekraïne. Deze grondwet wordt door de bourgeois-pers afgeschilderd als het verzekeren van Russische controle over de Krim. Dit is een regelrechte leugen. De betreffende grondwet stond de inwoners van de Krim slechts een aanzienlijke mate van vrijheid toe, waaronder het aangaan van banden met Rusland op bepaalde gebieden. Het verschil tussen de keuzes op het stembiljet ener- en het status quo anderzijds is exact dat tussen het bezitten van het recht op zelfbeschikking en het verbieden van dat recht.

Ons standpunt m.b.t. de Russische interventie op de Krim betekent – wij herhalen het nog maar eens – op géén enkele wijze ook maar de geringste politieke steun voor Poetins bourgeois-regime, dat zelf nationale minderheden binnen de staatsgrenzen van de Russische Federatie, zoals de bevolking van Tsjetsjenië, meedogenloos onderdrukt. Zoals we reeds eerder uiteen hebben gezet, probeert het Poetin-regime door te interveniëren op de Krim slechts de (geopolitieke) belangen van (kapitalistisch) Rusland te verdedigen tegenover het westerse imperialisme, dat erop uit is een marionettenstaat te creëren langs Ruslands grens. Tegelijkertijd, ook gezien vanuit de context van de toenemende vijandigheid jegens de etnisch Russische minderheid in Oekraïne, vallen de belangen van Ruslands Realpolitik samen met de zeer reële nationale angst die door de Russen op de Krim wordt ervaren.

Dit is zeer zeker niet de eerste keer dat een burgerlijk bewind een democratische hervorming heeft doorgevoerd – ook als reactie op groeiende druk vanuit het volk – voor zijn eigen doeleinden. Werkelijke revolutionairen ondersteunen dergelijke democratische hervormingen die ten voordele zijn van de arbeiders en de onderdrukten – niet alleen wat nationale rechten aangaat, maar ook andere rechten, zoals het recht op abortus voor vrouwen, democratische rechten voor minderheden, het stemrecht voor de zwarte bevolking in de VS, enz. Echter wij doen zulks vanuit het perspectief van het zelfstandige proletariaat, daarbij vast houdend aan politieke oppositie tegenover de bourgeois –krachten, die door bepaalde gebeurtenissen zich gedwongen zouden kunnen voelen om dergelijke hervormingen door te voeren. Afstand nemen van het ondersteunen van dergelijke hervormingen met als argument dat een ondersteuning er van een versterking van de reactionaire kapitalistische heerschappij zou betekenen wil zeggen afstand nemen van de mogelijkheid om de arbeidersklasse te mobiliseren voor de socialistische revolutie.


Dus ons doel is het om door het verdedigen van het recht op nationale zelfbeschikking – zij het voor de Russen op de Krim, zij het voor de Tsjetsjenen, die slachtoffer zijn van het Groot-Russische chauvinisme – de nationale kwestie van tafel te krijgen ten einde de eenheid van het proletariaat onafhankelijk van nationale scheidslijnen te bewerkstelligen. Als proletarische internationalisten keren we ons tegen het vergif van het chauvinistisch nationalisme en strijden we voor de eenheid van de arbeiders op klassengrondslag in het gevecht voor de omverwerping van alle bloedige bourgeois-regimes in de regio. 


PAPEGAAIEN VAN HET WESTERS IMPERIALISME

Het was te verwachten dat het Amerikaanse (en EU-) imperialisme te hoop zou(den) lopen tegen de Russische interventie en het Krim-referendum. In deze amok loop krijgen USA- en EU-imperialisten bijval van de zijde van reformistisch links. Gehoorzaam marcheren de reformisten in ganzenpas achter hun imperialistische meesters aan nu deze Rusland verketteren als het grootste kwaad ter wereld, precies zoals deze pseudo-linksen deden toen het westers imperialisme in de jaren ’90 Bosnië en Servië op de korrel namen.

Bijzonder goed wordt dit geïllustreerd door een verklaring dd. 4 maart jl. afkomstig van het Committee for a Workers’International (CWI) o.l.v. Peter Taaffe, waarvan zusterorganisatie in Nederland de Vonk is (in Duitsland: SAV). In de verklaring staat de CWI grootmoedig toe, dat “de Krim het recht dient te hebben op zelfbeschikking, zo het zulks wenst”, maar vervolgt dan met te waarschuwen, dat “hetgeen thans gebeurt niet tot werkelijke zelfbeschikking zal leiden; het zal alleen maar betekenen dat de Krim tot een Russisch protectoraat verwordt”.

Derhalve  zal zelfbeschikking voor de bevolking van de Krim “niet mogelijk zijn onder het kapitalisme met zijn armoede, werkloosheid en uitbuiting, en vanwege met elkaar concurrerende elites die de “verdeel en heers” kaart spelen." Enkel een arbeidersregering, die het verrotte kapitalisme vervangt door een maatschappij, welke wordt bestuurd in het belang van de werkende massa’s, kan ervoor zorgen dat de rechten van alle nationaliteiten en minderheden worden gewaarborgd.”

De logica van de verklaring van de CWI wordt expliciet duidelijk gemaakt door een verklaring (2 maart jl.) , uitgegeven door haar zusterorganisatie in Rusland, waarin wordt geëist: “Russisch imperialisme weg uit de Krim!” en “Geen referendum op de Krim met het geweer in de rug!”. Een soortgelijke verklaring was afkomstig van de Russische Socialistische Beweging, gelieerd aan het Verenigd Secretariaat (VS, pseudo-Trotskisten) met de aanhef: “Geen interventie door de strijdkrachten van Rusland of enig ander land in de aangelegenheden van de Krim!”

Dat alles is weinig meer dan een links klinkende dekmantel voor het standpunt van de USA en de EU dat een stem voor zelfbeschikking van de Krim ongeldig zou zijn, simpelweg omdat de Amerikaanse en EU-imperialisten zeggen dat het ongeldig is. Waartegen de CWI hier amok maakt, is exact datgene wat door de westerse imperialistische machten is verboden: Namelijk, het recht van de bevolking van de Krim om te kiezen voor het samengaan met Rusland. Voor deze sociaaldemocraten is zelfbeschikking alleen dan geldig, indien deze de goedkeuring heeft van hun imperialistische meesters.

Deze pseudo-linksen maakten zich zeer zeker niet druk over “dreiging met wapengeweld” ten tijde van de door de USA/NAVO gevoerde terreuroorlog tegen Servië (1999), onder leiding van de toenmalige Democratische regering Clinton, onder het voorwendsel van het beëindigen van “etnische zuiveringen’ in Kosovo. Het overgrote deel van reformistisch links roerde destijds de trom voor het imperialisme van de “mensenrechten” uit naam van het “kleine, arme” Kosovo, waarbij er een gedeelte was die zelfs zijn steun uitsprak voor rechtstreekse imperialistische interventie. De CWI hief destijds de leuze aan “Zelfbeschikking voor Kosovo!”, zelfs toen het al bommen regende op Belgrado. Het Verenigd Secretariaat ging nog verder en riep om militaire interventie in Kosovo door de OVSE (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa – een militair blok gedomineerd door het EU-imperialisme) en de VN.

Als Leninisten hebben we in het verleden het recht op nationale zelfbeschikking van de Albanese meerderheid in Kosovo verdedigd, met inbegrip van het recht op vorming van een eigen staat dan wel op integratie in een Groot-Albanië. Maar in de aanloop naar en tijdens de USA/NAVO oorlog diende de strijd voor zelfbeschikking van Kosovo ondergeschikt te worden gemaakt aan de noodzaak om op te komen voor de militaire verdediging van Servië tegen de imperialistische aanval zonder hier echter ook maar enigerlei vorm van politieke steun te geven aan het revanchistische regime in Belgrado. De strijdkrachten van de NAVO vervingen het Servische leger als feitelijke staatsmacht in Kosovo na de oorlog van 1999 en in 2008 werd er een schijn “onafhankelijkheid” uitgeroepen, feitelijk een diplomatieke provocatie, niet in de laatste plaats richting Rusland. Tot op de dag van vandaag beschikken de Verenigde Staten in Kosovo over de grootste militaire basis in Europa sinds de Vietnam oorlog (Camp Bondsteel). Het propageren van de strijd voor onafhankelijkheid van Kosovo ten midden van het militaire offensief door USA/NAVO tegen Servië zou wezenlijk hebben bijgedragen aan steun voor de roofzuchtige doelstellingen van het imperialisme jegens dat land.

In het geval van de Krim vandaag de dag echter, is er géén sprake van een oorlog, waaraan het nationale vraagstuk ondergeschikt zou zijn. In tegenstelling tot de beweringen van het westerse imperialisme, haar media en haar ‘linkse’ aanhangsels is de Russische interventie op de Krim géén daad van militaire agressie jegens een ”ander land”. Echter, voor deze reformisten is de werkelijkheid niet van belang. Om het maar eens in gewone taal te zeggen zijn ze gekant tegen het referendum op de Krim om dezelfde reden als ze destijds de Kosovaarse “onafhankelijkheid” onder auspiciën van het westers imperialisme steunden: Ze wauwelen hun imperialistische meesters na!


VOOR EEN NIEUWE OKTOBER!

Reformistisch links heeft al decennia geleden haar vrede gesloten met het imperialisme. Dit kwam het meest duidelijk tot uitdrukking toen pseudo-links zich opstelde achter de krachten van de contra-revolutie in de Sowjet Unie. De leden van de CWI, bemanden ook letterlijk de barricades van de contra-revolutie, waar men zich aansloot bij de krachten van de kapitalistische restauratie o.l.v. Boris Jeltsin, toen hij de macht naar zich toe trok in augustus 1991. Op haar beurt steunden de pseudo-Trotskisten van het Verenigd Secretariaat nagenoeg elke contra-revolutionaire en separatistische beweging in de USSR, inclusief het omhelzen van de fascistische marge van de Baltische nationale bewegingen welke streefden naar de restauratie van het kapitalisme onder het mom van “zelfbeschikking”.

In scherp contrast daarop vochten wij de onvoorwaardelijke militaire verdediging van de Sowjet-arbeidersstaat tegen imperialisme en contra-revolutie. Wij vochten daarvoor ondanks en tegen het wanbeheer van de zijde van de bureaucratische partijkaste, dat de grondslagen van de arbeidersstaat ondermijnde en de deur opende voor de contra-revolutie, niet in het laatst door de strijd voor de wereldwijde revolutie op te geven en in plaats daarvan de leugen van de zogeheten “vreedzame co-existentie” (met het imperialisme) te verbreiden. Wij vochten voor een politieke revolutie onder leiding van de arbeidersklasse om de partijbureaucratie omver te werpen en te vervangen door een bewind gebaseerd op radendemocratie en revolutionair internationalisme.

De bevrijdende visie van de bolsjewieken o.l.v. Lenin welke leidde tot de Oktoberrevolutie van 1917 – die het recht op zelfbeschikking voor alle volkeren van het toenmalige tsaristische rijk insloot – werd op groteske wijze geperverteerd door de bureaucratische kaste in de CPSU, die haar politieke macht begon te consolideren in de loop van de jaren ’20 en ’30. Dit omvatte ook het gruwelijke lijden wat de Krim-Tartaren moesten verduren bij hun gedwongen deportatie op last van Stalin aan het eind van de laatste wereldoorlog. Tegelijkertijd leverde het bestaan van een gesocialiseerde economie met een centrale planning de materiële basis voor de verwezenlijking van volledige werkgelegenheid, van medische zorg voor iedereen en andere verworvenheden, die de meest kwaadaardige vormen van bourgeois-nationalisme, welke werden gevoed door de onvrede der kapitalistische maatschappij, neutraliseerden.

De vernietiging van de Sowjet-arbeidersstaat bracht ongedachte misère en verschrikkingen over de volkeren van deze eerste arbeidersrepubliek ter wereld. Het heeft geleid tot een verscherping van de etnische en nationale tegenstellingen en een verspreiding van de nationale haat, waarbij de arbeider van het ene volk tegen de arbeider van het andere volk wordt opgezet. Niettegenstaande de mogelijkheden van Rusland om aan de ambities van het Amerikaans imperialisme van tijd tot tijd afbreuk te doen, zijn de tijden van de USSR als tegenwicht tegenover het Amerikaanse imperialisme definitief voorbij. Het proletarische klassenbewustzijn heeft een drastische terugslag opgelopen, zodanig dat bijvoorbeeld de arbeidersklasse van het land van de Oktoberrevolutie het socialisme niet langer ziet als zijn vrijheidsideaal.

De cruciale taak waarvoor revolutionairen zich thans geplaatst zien, is het formeren van een voorhoede die zich verbonden heeft aan de compromisloze strijd tegen het imperialisme en alle uitingen van chauvinisme, daarbij koers zettend naar de strijd van een onafhankelijk proletariaat gericht op een NIEUW OKTOBER!

        
                 

dinsdag 27 mei 2014

ACN/AKN Verklaring: De Krim is Russisch!

NA DE RECHTSE PUTCH IN OEKRAÏNE – USA/EU -IMPERIALISTEN HYSTERISCH NA RUSSISCHE INTERVENTIE!

De Russische president Vladimir Poetin heeft overeenkomstig een besluit van het parlement van de Russische Federatie eenheden van de Russische strijdkrachten naar de Krim gestuurd en prompt draait de propagandamachine van het westerse imperialisme volledig door. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken John Kerry verkondigde dat Rusland “een hoge prijs” zal dienen te betalen voor zijn “schending van de territoriale integriteit” van de Oekraïne. Verder kondigde hij aan om Rusland uit het G8-overlegorgaan van de imperialistische staten te gooien en de Russische banktegoeden in het buitenland te bevriezen. Zonder ook maar een spoor van ironie predikte Kerry: “In de 21ste eeuw kan men zich simpelweg niet zo gedragen alsof men zich nog in de 19de eeuw bevindt, men kan niet zomaar onder volstrekt uit zijn verband gerukte voorwendsels een ander land binnen vallen.”

Afghanistan, Irak, Libië, Syrië, enz. – de lijst van landen, die door het USA-imperialisme “in de 21ste eeuw” werden bedreigd of overvallen is ellenlang. En ook bij de gebeurtenissen in de Oekraïne hebben juist de Amerikaanse imperialisten (samen met die van de EU) in zeer grote mate hun handen in het spel.

De interventie van de Russische Federatie op de Krim is een rechtstreeks antwoord op het ten val brengen van de regering Janoekovitsj in Kiew. Op 22 februari jl. werd de corrupte pro-Russische president Viktor Janoekovitsj door middel van een rechtse putsch aan de kant gezet, welke door fascisten werd geleid en door de USA en de EU krachtig werd gesteund; Janoekovitsj week daarop uit naar Rusland. Thans hebben de gewapende knokploegen, die leiding gaven aan de drie maanden durende massamobilisaties in de straten van Kiew en daarbij overgingen tot het bezetten van regeringsgebouwen en tot niets ontziende aanvallen op de politie, de overhand. De fascisten van de Svoboda partij leveren in de nieuwe regering de plaatsvervangende minister-president en diverse andere ministers. De medeoprichter van Svoboda, Andrej Paroebi, is nu de leider van de Nationale Veiligheids- en Defensieraad, waaronder de strijdkrachten ressorteren. Nieuwe plaatsvervangende minister-president, verantwoordelijk voor economische zaken, is Oleksandr Sych, eveneens Svoboda, voorheen parlementslid. Terwijl Arsenij Jazenjoek, de favoriet van Washington en leider van de zogeheten Vaderlandspartij, nu als minister-president aan het hoofd van de regering staat, dicteren de knokploegfiguren van de Maidan zoals voorheen de politieke koers.

De machtsovername in Kiew van de kant van de rechtse Oekraïns-nationalistishe putschisten zorgde voor grote onrust onder de bevolking van de Russischtalige gebieden in de Oostelijke en Zuidoostelijke Oekraïne. En inderdaad was een van de officiële besluiten van het nieuwe regime het afschaffen van de wet uit 2012, welke het Russisch en andere minderheidstalen als officiële talen toestond. Dit werd met reden als aanval op de niet-Oekraïense minderheden opgevat en leidde tot wijdverbreide protesten – zelfs in Lwow, waar de fascisten aanzienlijke steun genieten. Van de 27 districten in de Oekraïne, voerden er dertien het Russisch als tweede officiële taal (vooral in het Oosten) en twee westelijke districten het Roemeens, het Hongaars en het Moldavisch. De Krim – waar 58,5% van de bevolking bestaat uit etnische Russen, 24,4% uit Oekraïners en 12,1% uit Tartaren – werd bijzonder zwaar getroffen door de nieuwe chauvinistische wetgeving van het regime in Kiew, aangezien ca. 97% van de twee miljoen inwoners ongeacht hun etnische afkomst het Russisch als voornaamste taal gebruiken.

De Russische strijdkrachten hebben met behulp van plaatselijke zelfverdedigingskrachten de controle over de Autonome Republiek van de Krim overgenomen. De overgrote meerderheid van de Oekraïense soldaten op de Krim wisselde de fronten, anderen namen hun ontslag uit de dienst. Ook de opperbevelhebber van de Oekraïense marine ging over naar de Russische kant, evenals ca. 800 op een Oekraïense luchtmachtbasis op de Krim gestationeerde soldaten. De onrust is ondertussen ook over geslagen naar de Oostelijke Oekraïne.

Op het Krim-schiereiland bevinden zich tal van Russische soldaten en leden van de marine. In overeenstemming met voorgaande Oekraïense regeringen huisvest de stad Sewastopol de thuisbasis van de Russische Zwarte Zee vloot. Inmiddels heeft er op 16 maart jl. een volksraadpleging plaats gevonden – georganiseerd door de nieuwe pro-Russische regering op de Krim, waarbij de bevolking in de gelegenheid werd gesteld om te beslissen over de status van de Krim, namelijk deel van Oekraïne te blijven dan wel de-facto onafhankelijkheid en nauwe aansluiting bij de Russische Federatie te zoeken.

Zoals te verwachten, veroordeelde het nieuwe regime in Kiew de interventie van de kant van Rusland als een “wederrechtelijke bezetting van Oekraïens grondgebied” en de bourgeois-pers trok meteen de vergelijking en met de Russisch-Georgische oorlog van 2008. De Russische interventie op de Krim heeft echter geen enkele overeenkomst met deze oorlog, in het verloop waarvan de Russische strijdkrachten destijds tot diep in Georgisch gebied doordrongen. Als principiële revolutionairen stonden wij toentertijd op het standpunt van het revolutionaire defaitisme en riepen op tot strijd tegen de beide burgerlijke strijdkrachten. (Georgië werd in dit conflict gesteund door het westers imperialisme.)

In tegenstelling tot de algemeen verbreide zienswijze in de westerse imperialistische media is de Russische interventie op de Krim géén invasie in een “vreemd land”, ongeacht de formele status van de Krim als deel van de Oekraïne. De Krim was al sinds het einde van de 18de eeuw, toen het op het Ottomaanse rijk werd veroverd, Russisch. Pas in 1954 stond de toenmalige partij- en regeringsleider van de USSR, Nikitra Chroetsjov, de Krim af aan de Oekraïense SSR. Dit kreeg later met de ineenstorting van de USSR betekenis, toen het lot van de regio tot onderwerp van verhitte discussies tussen, beiden ondertussen burgerlijke staten verworden, Rusland en de Oekraïne werd. In 1991 werd het streven van de bevolking om tot een referendum inzake de onafhankelijkheid van de Krim te komen door de Oekraïense regering de kop ingedrukt en voor onbepaalde tijd verboden verklaard.

Het voornaamste verzet op de Krim zelf tegen een zich los scheuren van de Oekraïne komt van de kant van de Tartaren, een overwegend Islamitisch volk van Turkse afstamming. Op 26 februari jl. braken er in de (Krim-)hoofdstad Simferopol gevechten uit tussen Tartaren ener- en pro-Russische betogers anderzijds, waarbij twee personen werden gedood en nog eens dertig verwond. Het wantrouwen onder de Tartaren tegenover de Russische autoriteiten gaat terug tot de tijd van Stalin, die de Krim Tartaren in 1944 vanwege hun collaboratie met de Duitsers massaal vanuit hun historisch vaderland naar Centraal-Azië en andere delen van de USSR liet deporteren.

Al vanaf de contrarevolutionaire vernietiging van de gedeformeerde (bureaucratisch misvormde) Sowjet-arbeidersstaat in de jaren 1991/92 hebben wij steeds de noodzaak benadrukt van de aaneensluiting van alle arbeiders in de strijd tegen kapitalistische uitbuiting en alle verschijningsvormen van repressie, nationale onderdrukking en chauvinistische hetze. In een verklaring d.d. 3 april 1995 werd door ons reeds onderstreept dat “een referendum m.b.t. de nationale zelfbeschikking zowel op de Krim als in Tsjetsjenië zeer wel op zijn plaats is.” (Geplaatst in het kader van ons streven om op te komen voor de democratische rechten van de arbeiders en van alle nationaliteiten alsmede deze te verdedigen.)

De bevolking op de Krim heeft het onbeperkte recht op nationale zelfbeschikking, met inbegrip van onafhankelijkheid of aansluiting bij de Russische Federatie. Op het tijdstip van het referendum (16 maart) kan het zo zijn geweest, dat de uitoefening van dat recht afhing van de mate van de ondersteuning door de Russische strijdkrachten. In de realiteit echter was het de nieuw gevormde regering op de Krim, die om een Russische interventie heeft verzocht.

Voor ons als principiële revolutionairen is de ondersteuning van de Russische interventie op de Krim niet afhankelijk van het feit of de onder Oekraïense heerschappij (vanaf 1954) veelvoudig onderdrukte Tartaarse minderheid door Rusland thans bijzondere rechten worden toegestaan, ja dan nee. Dat de Krim destijds überhaupt aan de Oekraïne werd afgestaan berustte op een domme bestuursadministratieve fout van het toenmalige Chroetsjev-regime en was volledig in strijd zowel met de geschiedenis als met de nationale en taalkundige structuur van de Krim. De verdere ontwikkelingen dienen natuurlijk te worden afgewacht, maar de nieuwe instanties hebben in elk geval in woorden al verklaard, dat men genegen is de belangen van de Tartaren tot hun recht te helpen. De vicepresident van de Krim, Rustan Temirgaliev, verkondigde dat de plaatselijke regering de Krim-Tartaren een zetel aanbiedt in de opperste Sowjet en dat er rijkelijk financiële hulp beschikbaar gesteld zal worden voor remigratie- en re-integratie programma’s ten behoeve van de in het Stalin-tijdperk gedeporteerden (Russia Today, 2 maart jl.).


VOOR HET RECHT VAN ALLE NATIES OP ZELFBESCHIKKING!

Het recht op nationale zelfbeschikking (evenals andere nationale rechten) geldt voor de volkeren van alle naties, ook voor die van grote mogendheden, zoals Rusland. Principiële revolutionairen dienen met grote beslistheid de methodiek af te wijzen, volgens welke democratische rechten slechts voor bepaalde zogeheten “progressieve” volkeren zouden zijn gereserveerd, zulks in tegenstelling tot die volkeren, welke voor “reactionair” zouden doorgaan.

Bijvoorbeeld onderdrukt de Israëlische zionistenstaat het Arabische volk van Palestina meedogenloos, maar desalniettemin dienen wij de internationale rechten van de Joden aldaar even zo zeer te erkennen als die der Palestijnen en dienen we ons te keren tegen de opvatting dat de Joden in zee gedreven zouden moeten worden.

Ander voorbeeld: In Noord-Ierland wordt de Katholieke minderheid onderdrukt door een (weliswaar flinterdunne) Protestantse meerderheid en door de Britse staat. Desalniettemin erkennen wij het feit, dat de protestanten een eigen gemeenschap vormen, en zijn we gekant tegen hun gedwongen hereniging in een Iers-katholieke staat. In plaats daarvan propageren wij de vorming van een Ierse socialistische arbeidersrepubliek als onderdeel van een op vrijwillige basis tot stand gekomen federatie van arbeidersrepublieken op de Britse eilanden.

Het recht op nationale zelfbeschikking is een democratisch recht, evenwel géén absoluut recht. De toepassing ervan dient steeds ondergeschikt te zijn aan de vereisten van de klassenstrijd.

Zoals Lenin heeft benadrukt is het erkennen van het recht op nationale zelfbeschikking de beste weg om de nationale kwestie van tafel te krijgen en om de eenheid van het proletariaat op de grondslag van de klassenstrijd tot stand te brengen, hetgeen de arbeiders van de verschillende naties in staat stelt om in te zien wie hun werkelijke vijanden zijn – namelijk hun respectievelijke bourgeoisieën.

Ondanks alles blijven wij gekant tegen alle uitingsvormen van Groot-Russisch chauvinisme: Het Tsjetsjeense volk verdient onze volledige ondersteuning in hun militair gevoerde strijd voor de nationale bevrijding van de meedogenloze onderdrukking van de kant van het Russische bourgeois-regime zowel in de periode van Boris Jeltsin als ook in die van Vladimir Poetin.

Met de interventie op de Krim probeert het Poetin-regime slechts de belangen van (het kapitalistische) Rusland tegenover het westerse imperialisme te verdedigen. Tegelijkertijd (en dat is het wezenlijke!) vallen hier – ook gezien vanuit de context van toenemende vijandigheid tegenover de etnisch-Russische minderheid in de Oekraïne – Ruslands geopolitieke belangen (gedicteerd door de overwegingen van de Realpolitik) volledig samen met de eveneens zeer reële nationale angsten van de volksgenoten op de Krim (en, mogen we er thans aan toevoegen, in de Zuidoostelijke Oekraïne).

Ons standpunt m.b.t. de Russische interventie op de Krim betekent evenwel geenszins ook maar de minste of geringste vorm van politieke steun voor het bourgeois-regime van Poetin. Even zo zeer betekent onze oppositie tegen de putsch van rechts-nationalistische krachten in Kiew in géén enkel opzicht een vorm van politieke ondersteuning voor het regime Janoekovitsj. In de periode die aan de putsch vooraf ging zou het noodzakelijk zijn geweest om tegenover de nationale en etnische verdeeldheid, waaronder de Oekraïne lijdt, de proletarische klassenstrijd op de voorgrond te stellen. De mobilisering van de arbeidersklasse, teneinde de fascisten in Kiew het recht op de Oekraïense straat te betwisten, zou zeer zeker in het belang van het wereldproletariaat zijn geweest. Vandaag de dag zou het absoluut in het belang van de arbeidersklasse zijn om over te gaan tot de vorming van zelfverdedigingsmilities in de bedrijven teneinde de fascisten de pas af te snijden en ter afweer van het chauvinistische geweld.

(wordt vervolgd)  

                            
            



donderdag 22 mei 2014

No borders, no nations? Hoe Afrikaanse vagebonden door het imperialisme misbruikt worden

Sinds het Italiaanse voornemen om als gevolg van de gigantische toestroom van bootvluchtelingen hen niet langer te registreren, lijkt het asiel- en immigratie debat weer uiterst actueel geworden. De harde realiteit is echter dat in de imperialistische institutie Europese Unie, géén echt politiek asiel bestaat. Dit werd recent nog eens bevestigd toen de Europese Unie de klokkenluider, mensenrechtenactivist en voormalig medewerker van de Amerikaanse militaire geheime dienst NSA; Edward Snowden, op de vlucht voor het Amerikaanse regime, een politiek asiel in de Europese Unie geweigerd werd. Toch wordt in de massa media de Europese en Nederlandse gastvrijheid nog steeds dagelijks verheerlijkt. 


De Europese Unie verwacht miljoenen nieuwe immigranten de komende jaren. Politici opperen dat dit een positieve ontwikkeling is, die de economie ten goede zou komen en de negatieve gevolgen van de vergrijzing, die bv ons pensioenstelsel zou bedreigen, tegen zou kunnen gaan. Dat door de massale (jeugd)werkloosheid en ellende in de Europese Unie al meer dan genoeg eigen arbeidskracht in Europa aanwezig is lijkt ons zeer vanzelfsprekend. Het gaat het internationaal georganiseerde kapitaal dan ook geenszins om sociale politiek voor de eigen bevolking, noch om het welzijn van de immigranten uit Oost-Europa, Azië en Afrika, wiens sociale nood als een "humanitaire" causa geïnstrumentaliseerd wordt.


De massa immigratie en de vervreemding van de Europese naties en de Europese cultuurgebieden dienen het imperialisme op meerdere niveaus. Op de korte termijn wordt het arbeidspotentieel uit lage loon landen direct voor de deur van de grote kapitalistische ondernemingen afgeleverd en worden de loonkosten voor de kapitalisten gedrukt door een verzadiging van de arbeidsmarkt. Op lange termijn verzekert het een culturele, sociale en statelijke desintegratie, die de verworvenheden van de burgerlijke democratie open breken. Het internationaal georganiseerde kapitalisme met haar globalistische agenda erkent immers niet de territoriale grenzen van het internationale volkerenrecht, noch die van het nationale zelfbeschikkingsrecht.

Natuurlijk heeft dit onderliggende politiek-strategisch doeleinde van het imperialisme enige mediale bemiddeling nodig om de Europese volkeren en culturen mee te laten werken aan hun eigen ondergang. Om mee te werken met de imperialistische agenda worden zij emotioneel geconditioneerd. "Kijk eens", zo luidt het, "deze mensen, waaronder zwangere vrouwen en kinderen, zijn verdronken op zee omdat jullie hen niet hebben geholpen". Wie kent de tranentrekkende reportages niet over asielzoekers zoals Mauro Manuel, die uiteindelijk tot het kinderpardon voor asielzoekers geleid hebben. 

Helaas hebben diegenen die voor deze goedgelovige desinformatie gevallen zijn, niet begrepen dat we ons midden in een imperialistische oorlog bevinden. "No borders, no nations" is de nieuwe marketing slagzin van het imperialisme geworden. Ook kosmopolitisch links heeft zich deze slagzin eigen gemaakt. Deze agenten van het imperialisme doen echter geen enkele inspanning om in hun protesten en betogen te verwijzen naar de oorzaak van dit alles en bieden bovendien geen enkele oplossing aan. 

Het is inmiddels drie jaar geleden dat de NAVO bommen, betaald van ons belastinggeld, meer dan tienduizend mensen in Libië ter dood veroordeelden. "No borders, no nations" werd voor de mensen daar een bloedige imperialistische realiteit. "No borders, no nations" is de slagzin die gepaard gaat met oorlog, massamoord, terreur, folteringen, honger en sociale ellende wereldwijd. Van Afghanistan tot Irak, van Libië, Syrië naar Oekraïne, met Iran in het vizier. "No borders, no nations" is synoniem geworden aan de oorlog van het imperialisme tegen het internationale volkerenrecht en het nationale zelfbeschikkingsrecht.


Vagebonden uit Afrika kampeerden en protesteerden in Den Haag, in Amsterdam en verder. Deze vluchtelingen, die naar eigen zeggen uit het Italiaanse Lampedusa komen en geen woord Nederlands spreken, zitten achter professioneel gemaakte spandoeken in perfect geschreven Nederlands. Wie heeft hen naar Nederland gebracht? Wie organiseert hen, wie formuleert hun eisen, wie bezorgt hen duur PR materiaal en lanceert hun media campagnes? Vele duizenden dollars hebben deze vagebonden per persoon moeten betalen aan mensensmokkelaars om naar de Europese Unie te komen. Wie betaalt al deze geldbedragen? 

Het antwoord op deze vraag kunnen we vinden in de reacties van de functionarissen van het imperialisme. Al sinds de oprichting van de Europese Unie pleiten EU-politici voor een soepeler vreemdelingenbeleid en meer immigratie. Nu de multiculturele retoriek verouderd lijkt te zijn is het nieuwe credo de "open samenleving". Dit alsof Europa nog niet "open" genoeg is geweest. In de havenstad Rotterdam is de inheemse bevolking al ruimschoots in de minderheid. In ons buurland Duitsland wonen volgens de statistieken al ongeveer 20 miljoen immigranten op een bevolking van iets meer dan 80 miljoen mensen (dus bijna een kwart van de Duitse populatie). 


Eenieder die het zelfbeschikkingsrecht der volkeren verdedigt, wordt door de imperialistische hegemonie als racist neergezet. Maar waar zijn deze antiracisten wanneer het gaat om het internationale volkerenrecht en het nationale zelfbeschikkingsrecht? Zij spelen een smerig spel en niet als laatste over de ruggen van hun buitenlandse figuranten.

Als Nationale Socialisten gaat onze internationale solidariteit uit naar de strijdende arbeidersklasse en hun volkeren. De imperialistische farce is onze zaak niet!