zaterdag 1 oktober 2011

Hitler, Mussolini en het Kapitaal

Om de belangrijkste kenmerken van het Fascistische Italië en Nationaal-Socialistisch Duitsland te evalueren, dienen wij de regimes te beoordelen op grond van hun oorspronkelijke principes. Kapitalisme houdt zich fundamenteel bezig met de economie, om deze reden moeten de Hitleriaanse en Mussoliniaanse systemen bestudeerd worden in overeenstemming met hun theoretische en praktische benaderingen van de industrie, de landbouw en het bedrijfsleven.

In het geval van de NSDAP bestond het 25 punten program van Gottfried Feder al toen Hitler lid werd van de partij in 1919. Ditzelfde programma werd in februari 1920 officieel verklaard. Deze principes bevatten een sterk element van Socialisme, of op zijn minst een eigen interpretatie hiervan door de NSDAP. Echter ondanks de vroege retoriek zijn deze Socialistische elementen nooit concreet in praktijk gebracht, iets waar we later op terug komen. Ook in Italië probeerde Mussolini met zijn Fascistische partij een synthese te formuleren met Nationalistische en Socialistische ideeën. Begin vorige eeuw werden veel Italiaanse intellectuelen beïnvloed door het Syndicalisme, een economische doctrine die ontwikkeld werd door George Sorel om de grenzen van het Marxistisch Socialisme te overstijgen. In feite probeerde het Syndicalisme het Marxisme en Populisme te combineren door de productie middelen van private industriëlen over te brengen naar vakbonden. Na ongeveer een decennium van verval, werd het Syndicalisme nieuw leven in geblazen door de opkomst van de Fascistische partij in Italië. Syndicalisme belichaamde het anti politieke, totalitaire Corporatisme, dat op veel manieren de belangrijkste stuwkracht achter het toenmalige Fascisme was. Duitsland en Italië handelden op grond van specifieke theoretische programma’s, de vraag is echter in hoeverre deze ideologische concepten ook daadwerkelijk werden toegepast op het vlak van industrie, landbouw en bedrijfsleven.

Het 25 punten program van de NSDAP beloofde Duitse arbeiders een vorm van winstverdeling voor allen. Gottfried Feder stelde dat “het delen van de winst een eis is die zo natuurlijk en zo sociaal rechtvaardig is, dat er niets tegen dit principe kan worden ingebracht.” Daarin heeft Feder natuurlijk gelijk. Terwijl zijn partij claimde de nationalisatie van het groot bedrijfsleven na te streven, om het hart en de geest van het Duitse electoraat te winnen, werd het principe van economische decentralisatie al snel verlaten door Hitler die een meer empirisch beleid doorvoerde. De NSDAP wist opportunistisch gebruik te maken van de publieke steun aan autarkische economieën, die haar wortels had in Duitsland haar karakteristieke tegenstand tegen buitenlandse controle. Toen het Duitse proletariaat werd overtuigd om zichzelf te mobiliseren voor het algemeen welzijn als lid van de gemeenschap, was de belangrijkste prioriteit van veel van hun meesters het verkrijgen van grote winst ten koste van de gemeenschap. De financiële rol van het groot bedrijfsleven komen we later nog op terug. Zodra de NSDAP in 1933 aan de macht kwam werden de bedrijven en trusts, die de “hebzucht van het kapitalisme” vertegenwoordigden (zoals Feder het stelde), niet vervangen door nationalisatie. Het negeren van de ideologische principes uit het 25 punten programma door Hitler leidde onvermijdelijk tot de groei van grote private bedrijven. In 1936 werd Hjalmar Schacht door Herman Goering vervangen als economische minister en werd er een oorlogseconomie gerealiseerd. Het nieuwe vierjaren plan van Goering, dat ontworpen was om Duitsland zelfvoorzienend te maken, resulteerde erin dat gigantische fabrieken zoals de “Herman Goering Werke”, die synthetische rubber, textiel en brandstof produceerden, enorme winst boekten. De voorgenomen nationalisatie en de economische zelfbeschikking voor Duitse arbeiders werd opgeofferd in het belang van een vorm van concurrentie die niet geheel los stond van het Britse of Amerikaanse Kapitalisme. Terwijl de theoretische principes van de NSDAP ideologie een unieke economische situatie bepleitte, wijst de industriële praktijk van het Nationaal-Socialisme uit dat deze niet overeenkomt met dat theoretische economische systeem. 



Het syndicalisme van Mussolini claimde eveneens de economische bevrijding van industriële arbeiders. In een artikel van Agostino Lanzillo in de “Il popolo d’Italia” werd gesuggereerd dat het Syndicalisme zich inzette voor een vorm van representatie die gebaseerd was op de economische groepen en welke zou leiden tot “de authentieke representatie van de legitieme belangen en de organische krachten van het land.” Het Syndicalisme was inderdaad ontwikkeld om de industriële strijd te minimaliseren en het productieve potentieel te mobiliseren in het belang van de gemeenschap als geheel. In 1925 begon Mussolini met zijn zoektocht om de Corporatistische Staat te creëren, waarbij hij de vakbonden en arbeidersorganisaties achter zich liet. Hij stichtte 22 corporaties, elk van deze bestond uit delegaties vanuit de arbeidersklasse en hun werkgevers. In 1929 kondigde Mussolini aan dat het antagonisme tussen kapitaal en arbeid ten einde was, beide zijden van de industrie werkten samen met een volledige gelijkheid van rechten en plichten. Feitelijk kwam het erop neer dat de leden van zijn eigen Fascistische partij de fabrieksarbeiders goed in de gaten hielden, terwijl de delegaties in praktijk weinig in te brengen hadden over de lonen en de prijzen. Daarbij kregen veel partijleden de beste banen en gebruikten hun positie om hun zakken te vullen. Ergo, terwijl het Italiaanse Fascisme claimde anti kapitalistisch te zijn vanwege haar aanpassing van de relatie tussen werkgever en werknemer, was zij feitelijk niet veel anders dan de bestaande economische doctrines die men rechts binnen het politieke spectrum vond.                    

Als we kijken naar de agrarische sector in Duitsland zien we dat ondanks de toezegging van landhervorming en programma punt 17 - Wij eisen een ingrijpende hervorming van het grondbezit, aangepast aan onze nationale behoeften, een wet, die inbeslagneming van land ten dienste van de gemeente zonder schadevergoeding toelaat; die rente voor grondbezit afschaft en landspeculatie voorkomt -, waren de 25 punten nogal vaag op dit gebied. Echter op 25 januari 1930 publiceerde Gottfried Feder een uitgebreide reportage waarin de partij haar maatregelen tegen het belasten van boeren, buitenlandse import, Joodse interventie tussen producent en consument en hoge prijzen uiteen werd gezet. In plaats van het bestaande systeem pleitte de NSDAP ervoor dat het erfelijk recht afgeschaft moest worden en dat het land gecontroleerd moest worden door de boeren zelf. In 1933 was de positie van de boeren extreem onzeker, maar tot zo ver had de minister van landbouw Walther Darre nog geen enkele concrete poging gedaan om een einde aan het lijden van de boeren te maken. De landbouw werkers werden oneerlijk verdeeld in drie rivaliserende klassen, de grootgrond bezitters bleven hun grond via pure Kapitalistische lijn besturen. Het lijkt er dan ook op dat de Nationaal-Socialisten onder leiding van Hitler in de praktijk geen uniek economisch systeem hadden geïmplementeerd, maar Feder zijn 25 punten programma compleet hebben genegeerd om de doctrines van het Nationalisme en het Kapitalisme te gebruiken voor hun eigen doeleinden. In 1925 was Mussolini bezorgd over het aantal overheidsuitgaven die gericht waren op de invoer van landbouw producten uit het buitenland. Als een gevolg hiervan begon hij de “strijd voor tarwe”; het ceremonieel schenken van prijzen aan de boeren die het meeste tarwe produceerden. Terwijl de productie van tarwe in 1939 was verdubbeld, leidde het opzij zetten van land voor deze doelstelling tot een reductie bij andere gewassen. De “strijd voor land” in 1926 waarbij Italiaanse moerassen en achterland werden veranderd in landbouw grond, was vooral bedoeld om de Italiaanse economie weer sterker te maken in plaats van de situatie van boeren te verbeteren. Het is moeilijk om te bepalen hoe efficiënt het Fascistische landbouw beleid was omdat Mussolini de ware effecten van zijn beleid vaak wist te verbergen.

De voornaamste reden waarom de regerende Italiaanse Fascisten en Duitse Nationaal-Socialisten niet al hun economische principes in de praktijk implementeerden, kan men zoeken bij de gevestigde belangen. Mussolini werd gefinancierd door bankieren, industriëlen en landeigenaren. Het is dus weinig verassend dat niet veel van zijn economische beleid in de praktijk werd gebracht. Ondanks de afgunst die Mussolini voelde jegens de rijke klasse, heeft hij hen nooit gedwongen om zich te conformeren aan zijn regime. In plaats dat Mussolini een unieke vorm van economisch beleid representeert, representeert hij door het tolereren van de voorkeur van zijn financiers een misleidende vorm van Kapitalisme achter een Nationalistische façade. Ook Hitler werd gefinancierd door een grote groep van rijke Duitse industriëlen en grote conglomeraten zoals I.G. Farben. In 1919 gaf Krupp al financiële steun aan een van de reactionaire groepen die de basis hebben gevormd voor de latere Hitleriaanse ideologie. In 1924 gaven andere prominente industriëlen en financiers, waaronder Fritz Thysson, Albert Vogler, Adolf Kildorf en Kurt von Schroder in het geheim geld aan de Nationaal-Socialisten. Er is ook bewijs dat Hitler clandestien werd gefinancierd door een groep van zakenmensen uit New York, waaronder delegaties van de Ford Motor Company en de Rockefeller Chase Bank. Iets dat in het licht van het meer recentere “wapens voor Irak” schandaal natuurlijk niet geheel onaannemelijk is. Terwijl het 25 punten programma er zeer duidelijk over was dat zelfverrijking ten koste van het volk bestraft werd met de dood, zorgde het daarop volgende herbewapeningprogramma en de wil om de “primaat van beleid” te herstellen ervoor dat er een ongelofelijk paradox ontstond. Hitler wenste de Duitse Kapitalisten voor zijn eigen doelen te gebruiken, maar waarom zouden deze rijke en invloedrijke individuen een man steunen die op papier hun gigantische industriële concerns wilde ontmantelen? Helaas is welvaart altijd de bepalende factor geweest achter politieke macht en dat maakt van Hitler dan ook een gewillig instrument voor deze Kapitalisten.         

Het is dan ook de moeite waard om aan te halen dat Otto Strasser, een leidende kracht binnen de NSDAP, die het verraad van Hitler aan de economische principes van de partij aan de kaak stelde, gedwongen werd om voor zijn leven te vluchten nadat hij in 1930 zijn lidmaatschap moest opzeggen. Om de natuur van het Hitleriaanse economische systeem te begrijpen kunnen we kijken naar het antwoord op de verdediging van Strasser van het oprechte Nationaal-Socialisme. Hitler stelde dat het Socialisme van Strasser “niets anders is dan Marxisme”. “De massa van de werkende klasse wil enkel brood en spelen. Zij zullen nooit de betekenis van een ideaal begrijpen en we kunnen dan ook niet hopen dat we hen ervoor kunnen winnen.”   



Hoewel de originele programma’s van zowel de Duitse NSDAP als de Italiaanse Fascistische partij openlijk anti Kapitalistisch van aard waren en een eigen vorm van industrieel en agrarisch Socialisme omarmden, werden deze ideologische principes al snel verworpen toen Hitler en Mussolini zichzelf realiseerden dat gigantische financiële contributies hen zeer goed konden ondersteunen in het vervullen van hun persoonlijke doelen en objectieven. Beide verrieden de Socialistische principes van hun manifesten en capituleerden voor de Kapitalistische klasse. Ondanks de intellectuele helderheid en de vooruitziende blik in hun originele politieke principes, hebben het Fascisme en Nationaal-Socialisme nooit een eigen uniek economisch systeem weten te verwezenlijken in de praktijk. Zij zijn een klassiek voorbeeld geworden van hoe het Kapitalisme zichzelf weet te regenereren in het gezicht van een acute economische crisis en de constante dreiging van een oprechte revolutionaire oproer.   

vrijdag 16 september 2011

Ras en Raciale verschillen

Ras en raciaal verschil is een onderwerp dat veel mensen graag vermijden. Sommige beschouwen dit als onbeleefd terwijl anderen het als beledigend ervaren en discussiëren over een wettelijk verbod hierop. Tegenwoordig gaat men al zo ver dat het bestaan van rassen ontkend wordt. Anderen stellen weer dat ras enkel in een onbetekenende en onbelangrijke vorm bestaat en dat deze vanwege “universalistische menselijke redenen” moeten verdwijnen.   Uiteraard zijn er ook nog mensen – binnen alle rassen – die geloven dat hun raciale oorsprong hen wijs, goed en superieur maakt. Deze groep kan soms zeer beledigend zijn en ideeën over genocide erop na houden. Dat maakt het bestaan van rassen echter niet ongeldig. De oude Chinezen die anderen volkeren barbaars noemden, de Hitleriaan die toevlucht nam tot valse esthetiek of de Zionistische Jood die gelooft dat andere volkeren lagere entiteiten zijn, wordt te vaak gebruikt als een excuus om iedere theorie over ras te verwerpen die het een deugd vindt dat rassen bestaan.      

Wij moeten niet bang zijn om over ras te discussiëren en we moeten accepteren dat rassen bestaan. Daarom moeten we onszelf de vraag stellen; “Waar komen rassen vandaan? En wat betekent dit? 

Ras en soort zijn twee verschillende begrippen. De mens is als geheel een ras, maar binnen deze familie bestaan verschillende rassen. Het is niet anders als in de dierenwereld; je hebt honden, katten, walvissen, herten enzovoorts, maar binnen al deze “soorten” bestaan verschillende “rassen”. Het is wellicht een simpel voorbeeld, maar neem bijvoorbeeld de hond als soort. Je hebt de Duitse Herder, de Fox Terriër en de Husky, dit zijn allen honden, maar zijn zeer verschillend in uiterlijk, formaat en temperament. Deze kunnen mengen als je het wilt, maar het gevoel van individualiteit raakt hier uiteindelijk door verloren.

We kunnen dit ook op de mensheid betrekken, we lopen allen op twee benen, hebben een hoofd en armen. We denken na en hebben allen liefde nodig, we communiceren met elkaar en voelen onszelf met elkaar verbonden. Er is geen enkele twijfel dat wij speciale “dieren” zijn. In wezen hebben wij een zelfbewustzijn, filosofen hebben al lange tijd gedebatteerd over die notie. Het is de capaciteit om in “hogere” termen te denken, in morele termen om te onderscheiden wat men wil en wat men nodig heeft, om onze impulsen te reguleren en sociaal te handelen, dit maakt de menselijke soort speciaal.

Tussen de verschillende rassen kunnen we grote verschillen zien. Niet enkel in huidskleur, maar ook in mentaliteit, fysieke vermogens en gezondheid. Het Negroïde ras is over het algemeen een meer fysiek ras dan bijvoorbeeld de Aziaten of “Indianen”. Het kent de bekende capaciteiten in bepaalde sporten, muziek en arbeid (hoe cliché dit ook klinkt). Enkele Aziatische groepen hebben daarentegen weer een hoger IQ dan de Europeaan en de capaciteit voor een goede toepassing van de opsmuk van het leven en cultuur. De Europeaan is over het algemeen meer praktische en wetenschappelijk. En de Semitische groepen hebben de capaciteit om een ingewikkeld religieus systeem en Gnostisch denken te ontwikkelen. Op sommige vlakken lijkt de een “beter” te zijn dan de ander en op andere vlakken “minder” dan de ander. 

Er zijn ook verschillen binnen rassen te zien, waar men deze kan onderverdelen in subgroepen. We kunnen hierbij naar de Europeanen kijken. Deze zijn allen blank, maar Italianen verschillen van Zweden, de Duitsers verschillen qua cultuur en temperament van de Russen. Maar dit verschil is vooral gebaseerd op gewoonten, die worden beïnvloed door de cultuur waarin zij leven. Er zijn echter ook anatomische variaties. Dit kunnen we bijvoorbeeld ook terug zien binnen het Aziatisch ras. Een Japanner heeft duidelijk andere uiterlijke karakteristieken dan een Vietnamees; een Han Chinees is weer anders dan Taiwanees. Enzovoorts.


Dit verschil tussen rassen en deze variatie binnen rassen is een natuurlijk verschijnsel. We zouden kunnen stellen dat God het zo gemaakt heeft (vanuit religieus standpunt) of we kunnen stellen dat de natuur dit gecreëerd heeft (vanuit een Darwinistisch standpunt). Het is een feit van het bestaan, het verschil binnen de mensheid kan niet afgekeurd worden maar enkel geaccepteerd worden. Wanneer we het geaccepteerd hebben, kunnen we het vieren. Vanuit een religieus oogpunt moet men stellen dat het zo gemaakt is door God en er niet mee gerommeld mag worden. Vanuit een wetenschappelijk standpunt moeten we tot de conclusie komen dat men het natuurlijk proces niet moet verstoren. We kunnen stellen dat een propere discussie over het bestaan van ras zorgt voor een ware revolutie binnen de filosofie van de politiek correctheid.      

Men ziet het als men reist, zodra men de grens over is betreedt men een nieuwe wereld. Het landschap en de architectuur kan wellicht hetzelfde zijn, maar de mensen en culturen zijn anders. En dat is iets dat we moeten behouden. Kijk naar de situatie in Europa, er leven zoveel andere rassen in Engeland dat Londen voor meer dan de helft bestaat uit niet blanke immigranten. Als we bepaalde landen in de Arabische wereld bezoeken zouden we denken dat we in Pakistan zouden zitten. Als we naar India gaan vinden we mensen die Amerikaan willen zijn en enkel Engels praten. Welk effect heeft deze pseudo-globalisering op de economieën van deze landen? Wat betekent dit voor het erfgoed van alle inheemse volkeren? Het zijn altijd “nummers” en “invloed” wat volkeren ertoe drijft een beetje levensruimte te eisen. Men hoeft niet boos te worden als Libië haar vele gastarbeiders naar huis stuurt of Nigeria haar illegale immigranten uitzet. Ook hoeft men niet boos te worden als een Nederlander zichzelf de vraag stelt waarom hij zoveel Marokkanen in zijn land moet hebben. Het lijkt erop dat als iedereen op zijn “plaats” was, zichzelf was, er minder spanning en meer respect zou zijn.  

Waar eindigt al die druk voor het globale “wereldvolk”? Wat als iedereen een bastaard ras werd en er geen Aziaten, Afrikanen, Europeanen of Indianen meer zouden bestaan? Laten we aannemen dat er geen raciale diversiteit meer is tussen volkeren. Laten we aannemen dat we allen een taal leren, een geldsysteem gebruiken, alle grenzen laten verdwijnen en in een grote marktplaats gaan wonen. Wat is het grote voordeel hiervan en wie wint hierbij? Geloven we nu echt dat dit leidt tot een betere mensheid of een meer harmonieuze en voortvarende wereld? En buiten dat, kunnen we aannemen dat men de mensheid simpelweg in een blender kan stoppen en de differentiatie kan laten verdwijnen?

Uiteraard heeft datgene wat anders is de aantrekkingskracht van iets exotisch en dus zal er altijd rassenmenging op kleine schaal zijn. Op bepaalde plekken en in verschillende tijden heeft dit waarneembaar plaats gevonden; de historische en culturele krachten produceren nieuwe resultaten over lange periodes. Maar als we geconfronteerd worden met diegene die suggereren dat het de norm zou moeten zijn, dan moeten we handelen om de grootschalige vernietiging van identiteiten tegen te gaan en de diversiteit die de mensheid kent te behouden.      

Diegene die het “wereldvolk” resultaat aanmoedigt kan handelen vanuit naïviteit, stommiteit of hebzucht. Maar er is een druk van Westerse liberalen, cultuur marxisten, kapitalisten van alle rassen, theologen en anderen om een “wereldvolk” te creëren. Allerhande wereldverbeteraars en liberalen promoten het idee dat diversiteit niets is. Er kan geen twijfel over bestaan dat dit idee vooral diegenen dient die streven naar de afbraak van alle grenzen; de mensheid wordt immers makkelijker “gemanaged” binnen een globale markt. Deze visie is een monstruositeit, raciaal verschil en diversiteit is een groot goed. We evolueren niet op natuurlijke wijze naar het “grote bruine ras” maar we worden enkel herplaatst.     

Binnen de Westerse samenleving betreedt men gevaarlijke grond door ras te bediscussiëren, maar we moeten dit ervoor over hebben. We moeten geloven dat het overleven van de verschillende rassen net zo belangrijk is als het overleven van de walvis, tijger of olifant. Het is een waardig doel als viering van de diversiteit die essentieel is voor de menselijke vooruitgang. We zijn nog steeds een familie.       

Om dit doel aan te houden moeten we afstand nemen van iedere notie die stelt dat het ene ras beter is dan het andere ras en deze binnen een hiërarchie plaatst. Omdat verschillende rassen verschillende vaardigheden hebben, hun voor en nadelen, kunnen we dit nu juist niet doen. In feite zijn alle rassen gelijk, maar ze zijn niet hetzelfde. We kunnen en moeten accepteren dat deze verschillen worden vast gelegd in onze culturen. Zij definiëren ieder ras, ieder subtype en ieder volk. Onze cultuur vormt het raam naar onze ziel, culturen zijn dan ook een schat. Ze kunnen door elk menselijk typen gewaardeerd worden maar enkel volledig geleefd en gewaardeerd worden door de groep die deze geschapen heeft. Een ras en een natie moet het recht hebben haar cultuur en identiteit te bewaren. Als een ras of andere groep haar eigen cultuur heeft, is het haar recht om dit te behouden.    

We kunnen een wereld hebben waarin volkeren binnen hun eigen gebieden leven als alternatief voor de Nieuwe Wereld Orde van chaos en vernietiging. Maar de agenda van politieke liberalen, de massa media en de entertainment industrie promoten multiculturalisme (wat feitelijk liberale monocultuur is) binnen onze Westerse samenlevingen wat ertoe leidt dat onze Europese culturen vernietigd worden. Dit model wordt echter ook steeds meer opgelegd aan andere volkeren als onderdeel van het imperialisme van de Nieuwe Wereld orde. Het is een apart imperialisme dat de veroverde haar cultuur ontneemt en de ontheemding van hen laat fuseren met de ontheemding van de ander. Gelukkig komen steeds meer mensen in opstand tegen dit model.         

In een wereld die zichzelf lijkt te verliezen en afdaalt in conflict moeten we naar de oorzaken zoeken. Deze liggen niet in de natuurlijke rivaliteit tussen rassen noch heeft deze rivaliteit de mens naar de afgrond van vernietiging gebracht. Als we terug naar de geschiedenis kijken waren er zeker raciale conflicten en kwaadaardige daden bij betrokken. Echter het verleden laat ook zien dat het principe van diversiteit essentieel is voor algemene vooruitgang. Wat deze verschillen ook waren en welke twisten deze ook produceerden, boven alles lag er een idee van bepaalde veiligheid in de arrangementen. Dit staat nu onder druk door het valse “antiracisme” van het Wereldvolk-isme.    

Laten we discussiëren over ras. Laat ons zien of het beschermen van ras het Wereldvolk-isme kan aanklagen. Dit zou een goed begin zijn, als de vruchten van deze discussie ons smaken kunnen we er verder mee. Het kan het revolutionaire idee zijn dat tegenwicht biedt aan de sleur, de conformiteit, de vernietiging en de globalisering.   


dinsdag 6 september 2011

Kapitalisme Bestrijden! Voor een Nationaal en Socialistisch Nederland!



Het is 2011 en de problemen in Nederland, Europa en de gehele wereld zijn dreigender dan ooit. Een spiraal van afhankelijkheid, uitbuiting, imperialisme, geweld, armoede en oorlog verspreidt zich op een niet langer te negeren wijze over de gehele planeet en over iedere levende natie. Je kunt zien hoe mensen over de gehele wereld gevangen zitten in deze neerwaartse spiraal. Politici verkopen de gerechtigheid en het bezit van hun burgers ter gebruik van de grote investeringsmaatschappijen en de kleine rijke elite die het creëren van een “Nieuwe Wereld Orde” als hun voornaamste doel zien.

Maar er zijn ook mensen die deze problemen niet accepteren, problemen gecreëerd door anderen en die een nieuwe rechtvaardige toekomst willen creëren door middel van nieuwe en functionele ideeën voor de naties waartoe zij behoren. Over de gehele wereld, in ieder continent, in ieder land en in iedere stad bestaan dit soort mensen. Hun nationale en sociale ideeën zijn de gemeenschappelijke basis tegen de ontelbare tegenstanders en de verantwoordelijke politici. Dit idee verenigd niet alleen de critici van kapitalisme, liberalisme en globalisering, maar erkent ook dat deze ideologieën en haar voorvechters de grootste veroorzakers van de problematiek in onze wereld zijn!

Dat het kapitalisme wereldheerschappij nastreeft is geen hatelijke toerekening, maar valt juist samen met de innerlijke logica van het kapitalisme. Onder de druk om de enorme hoeveelheden van fondsen en winsten te realiseren, is het geconcentreerde financiële kapitaal  gereed voor een allerlaatste gevecht om de globale markt op te richten, die alle nationale economieën en gemeenschappen moet vervangen. Wereldwijd willen zij alle nationale structuren afbreken en alle grenzen open gooien. Een wereld van duizenden verschillende naties moet veranderen in één wereld vol apen, een wereld waarin mensen naar hun tv staren terwijl ze junkfood eten, waarin mensen alle propaganda van het groot kapitaal slikken.

Ongereguleerde vrije handel en oneindige stromen van buitenlandse arbeiders vernietigen de natie als sociale beschutting. De kapitalistische “natie” vervalt tot een economische locatie van kapitaal en een smeltkroes vol migratie. De kapitalistische “naties” slachten elkaar af in een vernietigende rivaliteit om buitenlandse investeerders aan te trekken door de eigen sociale, economische en milieu beschermende systemen af te breken. Zoals we in Nederland en vele andere landen ter wereld kunnen zien vernietigd het kapitalisme normen, waarden en tradities uit naam van het cultuurloze materialisme.


Globalisering

Kapitalisme is nooit een rechtvaardig systeem geweest, maar het was altijd onderhevig aan etnisch culturele, politieke en sociale omstandigheden binnen verschillende landen, deze beperkingen worden nu langzaam maar zeker opgelost door globalisering. Het onafhankelijke internationale kapitaal vernietigt elke vorm van gouvernementele controle, beroofd landen van hun mogelijkheden om eigen beslissingen te nemen en onafhankelijk op te treden door een legio aan kapitalistische regels zonder tussenkomst van een democratisch geïnstalleerde overheid. Door de globale aanval op de universele principes van nationaal terrein, soevereiniteit en nalatenschap, vernietigt globalisering de enige functionele systemen van de volksoverheden ten gunste van anonieme supranationale en machtige globale netwerken.

In Nederland is het succes van dit programma overduidelijk; terwijl politici claimen dat ze machteloos zijn en op hun best retorisch kritiek hebben, bereiden juist zij de weg voor; de weg voor kapitalistische uitbuiting door wetten en administratie. Dit is een duidelijke verificatie van de allang bewezen erkenning dat de zittende politici van het koninkrijk der Nederlanden niets meer zijn dan slaven van het groot kapitaal, die het verval van onze Natie nastreven.

De globale beweging van geld en goederen, zonder enige douane of barrière, dwingt de welvarende landen in het noorden om een concurrentie strijd aan te gaan met de lage lonen landen in de derde wereld. Vrije markt leidt zonder twijfel tot het conformeren van de leefomstandigheden op de laagste sociale en ecologische schaal en tot een afbraak van de nationale markt en vernietiging van de sociale systemen.

In de nieuwe financiële wereld orde jagen mensen als gokkers op de hoogste winsten, maar de investeringen creëren geen nieuwe banen. Door middel van de grenzeloze mobiliteit van goederen en kapitaal persen de globale financiers speciale voorwaarden van de nationale staten af in voordeel van hun eigen belangen. Globalisering en georganiseerde economische misdaad zijn feitelijk hetzelfde, anders kan men het niet omschrijven. Een voorbeeld hiervan zijn de Nederlandse werkgevers die dreigen om banen naar het buitenland te verplaatsen om werknemers zover te krijgen om akkoord te gaan met nog lagere lonen en onbetaald overwerk. De kosten om te leven stijgen als gevolg van kapitalisme en globalisering, terwijl aan de andere kant duizenden Nederlanders werkloos worden; de armoede en sociale isolatie ingedreven. Het kapitaal geeft totaal niet om de aarde, om mensen of om sociale standaarden. Dit simpele feit toont het vooruitzicht dat alleen meedogenloze zakenmannen een zonnige toekomst tegemoet kunnen zien en dat de weggekwijnde naties zullen moeten overleven op hun liefdadigheid.


Problemen, overal waar je kijkt

Liberale politiek raakt meer en meer geïnternationaliseerd. Men hoeft geen autochtone werknemers meer in te huren tegen hoge lonen, je kunt werknemers immers tegen dumpprijzen “kopen” over de gehele wereld.  Steeds minder mensen krijgen een vast contract dus ook op dit vlak nemen de lonen af.  Door middel van meerdere, eveneens slecht betaalde, baantjes proberen werknemers hun hoofd boven water te houden. Aan de andere kant kunnen door de lage prijzen en kosten in het eigen land de concurrerende allochtone werknemers hun families thuis wel onderhouden.

De zelfvoorzienendheid van naties wordt vernietigd en vervangen door afhankelijkheid van export. De lokale economie heeft geen baat bij nieuw gecreëerde banen, enkel de grote bedrijven die handelen op de globale markt halen hier hun voordeel uit. Met de toename van massawerkeloosheid, de corrosie van onze sociale systemen door laag betaalde gastarbeiders, het uitbesteden van werk aan het buitenland, de vernietiging van onze lokale economie door import, het overhandigen van publieke sectoren aan internationale speculanten, gigantische rente betalingen aan het groot kapitaal, het inkrimpen van sociale contributies, buitensporige belastingen, de verwaarlozing van complete wijken, explosief toenemende misdaad, het opofferen van Nederlandse soldaten voor buitenlandse belangen, ongelofelijke huldebetuigingen aan supranationale organisaties, verliest de Nederlandse staat haar aureool van rijkdom en economische sociale gerechtigheid, welvaart en stabiliteit.

Daarom roepen wij iedereen op deze campagne te steunen!

Meer informatie: Kapitalisme Bestrijden!

maandag 5 september 2011

7. Nationaler Antikriegstag 2011

Op 3 september vond voor de 7de maal de jaarlijkse“Nationaler Antikriegstag” plaats in Dortmund, georganiseerd door de “Nationaler Widerstand”(NW). Zoals alle voorgaande jaren vonden er van te voren al propaganda acties en aankondigingen plaats. De dag voor de betoging werd een “demonstratief”concert georganiseerd. Uiteraard zal dit deel onbesproken blijven in dit politieke verslag. Hoewel dit jaar ook zeker weer de nodige cliché en kritiekpunten geleverd kunnen worden, zijn er ook zeker enkele noemenswaardige momenten geweest. Zowel van de kant van het NW als bij de deelnemers van het “andere front.

Bij aankomst stond het welbekende welkomstcomité van de politie op het station al te wachten. Tevens stond 100 meter verderop een grote groep linkse tegendemonstranten die achter dranghekken en politiebegeleiding een tegengeluid probeerden te laten horen. Onder begeleiding van de politie werden de demonstranten naar de NW demonstratie gebracht.

Daar aangekomen volgden de controle tenten, waarbij er op eventuele “verboden” of “gevaarlijke”objecten gecontroleerd werd. En zo bleef dit enkele uren doorgaan totdat alle kameraden aangekomen en aanwezig waren. Uiteindelijk hadden ongeveer 900 deelnemers zich verzameld. Voordat de rijen ingedeeld werden, werden er toespraken gegeven door vier verschillende kameraden. De eerste werd gegeven door Christian Worch. Deze sprak een welkomstwoord en legde de reden voor de demonstratie uit. Als tweede spreker kwam Dennis Giemsch op de bühne die het thema verder uitdiepte.


De derde toespraak werd verzorgd door een Italiaanse kameraad van Resistenza Nazionale. Omdat deze kameraad de Duitse taal niet beheerste sprak hij in het Engels, zijn toespraak werd vervolgens door Christian Worch (echter niet geheel foutloos) vertaald voor de Duitse kameraden. De vierde spreker was een autonome activist die in het Duits een groetwoord vanuit Nederland gaf. Dennis sloot de toespraken af.

Hierna stelde men de rijen op, werden er Duitse vlaggen uitgedeeld en spandoeken gepositioneerd. De politie verbood blok vorming, hoewel spandoeken aan de zijkanten meegedragen mochten worden moest er een ruimte van minimaal 6 meter tussen ieder spandoek gehouden worden. De opstelling liet helaas ook enige tijd op zich wachten vanwege een gebrek aan discipline.

De route viel tegen. Er waren dit keer weinig toeschouwers in de straten van Dortmund en op een verdwaalde Italiaanse antifascist en een eenzame schreeuwende Anarcho-Syndicalist na was er van de antifa praktisch niets te bekennen. Over het algemeen genomen bleven de leuzen trouw aan het thema. Helaas echter werd er door sommigen naast de anti imperialistische en de anti Amerikaanse/Israëlische leuzen ook weer de nodige leuzen bij gehaald die weinig met het thema te maken hadden. De eerste helft van de route bedroeg nog geen twee volledige straten. In deze korte looptijd kregen enkele kameraden die pas later aanwezig konden zijn de gelegenheid om zich bij de demonstratie te voegen.


Er werd wederom de tijd genomen voor enkele toespraken. Als eerste spreker trad Wolfram Nahrath uit Berlijn op. Hij sloot zijn toespraak af met een scherpe opmerking:“Partijpolitiek, Democratie, enz. zullen nooit bruikbaar voor de beweging zijn. Alleen ware revolutie biedt de oplossing!”Hierna volgde een balladezanger met een korte muzikale ondersteuning. Toen traden enkele kameraden met een spandoek naar voren en werd een toespraak van de recent overleden alte kameraad Herbert Schweiger afgespeeld. Dit werd gevolgd door twee minuten stilte voor de overledene.     

Na de toespraken werd er weer formatie aangenomen en ging de demonstratie verder. Weinig noemenswaardigs vond plaats, zeker niet omdat de route deels langs een afgelegen gebied liep alwaar de demonstratie uiteindelijk ontbonden werd. Na enkele toespraken van Christian en Dennis gingen de activisten weer huiswaarts onder zware politiebegeleiding.   

 Kort samengevat was het een zeer rustige demonstratie en stond deze in schril contrast met de demonstratie van het andere front. Zon 1500 antifascistische activisten hebben grote vernielingen aangericht, politie aangevallen en zelfs een “vriend en hulpverlener” het ziekenhuis in geholpen.


Het groetwoord namens de Nederlandse beweging voor de NW:

Ich wurde gefragt ein Grußwort namens der Bewegung aus dem Niederlande zu verlesen. Dieses Thema geht natürlich uns alle an, auch in dem Staat Niederlande, den wir ebensowenig anerkennen wie andere Besatzerkonstrukte!

Auch unsere Muppetshow - hier wohl besser bekannt als Quasselbude, unterstützt die wahren  Terroristen, von der Ostküste. Wie schon in früheren von ihnen geplanten Kriegen, soll unser Blut für ihre Belange geopfert werden.

Dies sieht man nur zu gut auch wieder im Nahen Osten, während die legitimen Regierungen in  Lybien, Syrien und Palästina als “Terroristen” abgestempelt werden, werden denen gefällige Despoten in Bahrain und Saudi-Arabien - die sich nur dadurch auszeichen, daß sie einer auserwählten Gruppe in den Hintern kriechen, als Bündnispartner gefeiert und die Unterdrückung deren Völker aktiv unterstützt. Auch sie sollen in die Zinssklaverei gedrückt werden und deren Volkstum zerstört.

Genauso, wie sie durch die jahrzehntelange Besatzung, erst mit Militärs, dann mit Fremdimporten,  unser Volk , unsere Kultur zerstören, so wollen sie es in aller Welt tun, bis ihr Ziel, die Eine-Welt-Regierung und die Versklavung aller Völker - erreicht ist.

Wir unterstützen schon aus ideologischen Gründen den Befreiungskampf aller Völker, aber auch aus Eigennutz. 

Parallellen binnen het Politieke Spectrum

De “Nieuwe Wereld Orde” van de Westerse parasitaire samenlevingen wordt machtiger en machtiger en vernietigd steeds meer inheemse, traditionele en radicale tegenculturen om deze te vervangen door de hegemonische monocultuur naar Amerikaans model. Dit betekent Coca-Cola en Britney Spears voor de kinderen in Bagdhad, Thomas Kinkade en Wallmart voor de dorpelingen in Noorwegen. De inheemse en traditionele culturen van onze naties lijken te zijn vergeten en zijn gedwongen met pensioen gegaan door het opkomende culturele imperialisme dat de massa’s van Europa en de rest van de wereld wordt opgelegd. Dus waar kunnen we het verzet vinden?          

Het verzet is er maar, is dusdanig gemarginaliseerd dat de invloed ervan nauwelijks noemenswaardig is of het wordt verstikt door het sektarisme. Met dit artikel pleiten wij dan ook voor een massale hergroepering met verschillende politieke stromingen die zich tegen de gevestigde orde keren. Vandaag de dag worden deze groepen als tegenstanders van elkaar beschouwd. Het is echter een noodzaak dat radicaal rechts, radicaal links, het ecologisch verzet en radicale Moslims een bondgenootschap sluiten gebaseerd op gedeelde objectieven met een onderling respect voor de autonomie van iedere deelnemende groep. Homogeniteit is waar wij op tegen zijn, pluralisme is wat wij nodig hebben.     


De Roden

Hoewel iedereen die enig ideologisch onderzoek heeft gedaan de overeenkomsten tussen radicaal links en radicaal rechts kan zien, zijn er weinig pogingen tot overbrugging gedaan. Hoewel de overeenkomsten tussen Hitler, Stalin en Mao overduidelijk zijn, zijn de wortels van een radicaal rechtse en radicaal linkse overbruggingen moeilijker te vinden. Een interessant punt waar deze twee elkaar ontmoeten binnen het politieke spectrum is bij de Trotskisten en hun rechtse spiegelbeeld de Strasseristen.

Trotskisten houden vast aan de mening dat het model van Lenin voor “dictatorschap van het proletariaat” de juiste was en blijven volhouden dat zijn ideeën tot een ware Socialistische Staat hadden kunnen leiden. Aan de rechterzijde zien we eenzelfde fenomeen bij diegenen die in de traditie van de gebroeders Strasser een Nationaal Socialisme aanhangen dat vraagt om een bondgenootschap met de onderdrukte naties in een strijd tegen het Westen. Dit Nationaal Socialisme is sterk anti imperialistisch en anti kapitalistisch van aard en streeft naar een waar Volks Socialisme waarbinnen de industrie wordt genationaliseerd en het land wordt herverdeeld.

Vandaag de dag werken de meeste Trotskisten samen met liberalen en sociaaldemocraten en uiten zij amper kritiek op de moderne Westerse consumptiemaatschappij. In plaats daarvan blijven zij stug vasthouden aan achterhaalde orthodoxe Marxistische kritieken uit de industriële revolutie om de ellende die het moderne kapitalisme veroorzaakt te verklaren. Filosofisch gezien zijn ze zeer dogmatisch en reductionistisch, toch steunen veel van hen (terecht) het Irakees verzet evenals allerhande andere anti imperialistische en anti Zionistische bevrijdingsgroeperingen. Echter het echte begin van de radicaal rechtse en de radicaal linkse parallel ligt in de naoorlogse strijd tegen de Westerse bourgeois democratie.

De Bordigisten zijn een ander interessant voorbeeld van een naoorlogse parallel tussen radicaal rechts en radicaal links. Zij staan bekend vanwege hun theoretische aanvallen op het antifascisme vanwege het complete gebrek aan kritiek op de bourgeois liberale Staat. Voor deze Bordigisten waren banden tussen hen en radicaal rechts te verantwoorden op grond van belangrijkere zaken zoals het naoorlogse Amerikaanse neokolonialisme op zowel cultureel, economisch, sociaal en politiek vlak. Een andere parallel tussen twee uiterste extremen van het spectrum vindt men eerder op het vlak van methodologie dan op het vlak van ideologie. De radicaal rechtse terreurgroep “Nuclei Armati Rivoluzionari”, die grotendeels geïnspireerd was door de werken van Julius Evola en in 1980 een aanslag pleegde bij een treinstation in Bologna, gebruikte een identieke celstructuur als de “Brigate Rosse”uit Italië en de “Rote Armee Fraktion” uit Duitsland. De laatste van de twee was vernoemd naar het Japanse Rode leger dat asiel aangeboden kreeg in Noord Korea. Claudio Mutti, die gezocht werd voor de bomaanslag in Bologna, was een sympathisant van Islamitisch radicalisme en omschreef zichzelf als een “Maoïstische Nazi”. Als we kijken naar de parallellen tussen radicaal rechts en radicaal links dan zijn bepaalde raakvlakken overduidelijk te vinden; de methodologie van gewapend verzet, anti Zionisme, anti imperialisme en de oppositie tegen de Westerse liberale democratie.                 



De Groenen

De Groenen vertegenwoordigen twee verschillende bewegingen van het moderne anti Westerse radicalisme; de revolutionaire ecologische beweging en het Islamitisch radicalisme. De eerste beweging omvat groeperingen zoals “Earth First” en het “Animal Liberation Front”. Earth First was een van de eerste grote ecologische actiegroepen en werd voornamelijk beïnvloed door de werken van Edward Abbey. De werken van Abbey zijn geweldige kritieken op de vernietiging van onze natuurlijke leefomgeving door de beschaving, industrie en het militair-industrieel complex. Maar de oplossingen van Abbey waren net zo radicaal als zijn kritieken. Hij had geen tijd voor de façade van reformisme en partijpolitiek en propageerde sabotage als middel om een bepaald doel te bereiken. Ook hier vinden we gedeelde methodologie met radicaal rechts, radicaal links en radicale Moslims. Ondanks dat sommigen zich het ecologisch activisme proberen toe te eigenen als een puur links fenomeen, was Abbey iemand die ook conservatieve doelen steunde zoals immigratie reductie. Een van zijn bekendere citaten was; “Een patriot moet altijd klaar staan om zijn land te verdedigen tegen haar regering.“

In 1980 werd “Earth First” beïnvloed door zowel Anarchistische invloeden als de filosofie van Arne Naess. Naess wordt beschouwd als de oprichter van “diepe ecologie”, een filosofie die de antropocentrische basis van andere ecologische filosofieën verwerpt evenals de conventionele Westerse kijk hierop. Diepe ecologie stelt dat biosferen bestaan door een dynamisch evenwicht dat enkel tot op bepaalde hoogte kan worden aangepast door mensen. De massale industrialisatie van de Westerse beschaving leidt ons dus naar een crisis waarin de mens uiteindelijk massaal zal uitsterven. Eenzelfde soort idee had de achttiende eeuwse economist Robert Malthus die voorspelde dat wanneer de economische productie van een samenleving overvleugeld wordt door de groei van haar populatie, een catastrofe zal plaatsvinden die de maatschappij terug zal voeren naar een niveau van minimale levenscondities. Oswald Spengler, die een sterke filosofische invloed had op de vroege NSDAP, geloofde dat de geschiedenis niet lineair maar cyclisch was. Hij geloofde dat als een cultuur een staat van beschaving had bereikt, deze op het hoogste punt van haar decadentie was, niet langer een groeiend organisme en enkel nog kon vallen.             

Deze visie wordt gewaardeerd door diepe ecologisten en primitivisten die beschaving zien als de dominantie over de natuur. Een andere tendens van diepe ecologie is het streven naar decentralisatie en lokale autonomie. Dit heeft duidelijk raakvlakken met het communisme dat de autonomie van de arbeidersklasse ondersteund. De Franse neo-Marxist Andre Gorz, die zwaar werd beïnvloed door de gebeurtenissen van Mei ’68, schreef dat net zoals kapitalisme is gebaseerd op de dominantie van de bourgeoisie over het proletariaat, de kapitalistische groei is gebaseerd op de dominantie van technologie over de natuur.



In Duitsland was er begin vorige eeuw een jeugdbeweging die “Wandervogel” heette en die afstand van de bourgeois waarden en een terugkeer de natuur predikten. Zij wilden het romanticisme van de Germaanse folklore weer tot leven wekken. Het was een reactie van de Duitse jeugd die de horrors van de geïndustrialiseerde moderne samenleving hadden meegemaakt na WO1. Wandervogel groepen, die deels geïnspireerd werden door Gustav Wyneken, promoten avontuur, wandelen en het leiderschap van de jeugd om te ontkomen aan het moderne leven. Binnen deze groepen was er een grote graad van autonomie tot deze groepen uiteindelijk werden ontbonden door de NSDAP in 1933. De muzikale subcultuur Neofolk, die de traditionele volksmuziek van Centraal en Noord-Europa probeert te behouden is ook sterk beïnvloed door Wandervogel. De geest van de Wandervogel wordt samengevat in de betekenis van het woord dat trekvogel betekend. Dit idee vertoont veel verwantschap met het “dérive” dat werd voorgesteld door het radicaal linkse Situationisme, het stond voor “het openen van het bewustzijn door de onbewuste stedelijke ruimte.” Ook binnen de Islam waar reizen essentieel is voor een spirituele tocht zien we dit idee terug. 


We kunnen dus zien dat het verzet tegen de excessen van de geïndustrialiseerde samenleving, het streven naar een terugkeer naar de natuur, allen idealen zijn die terug komen binnen zowel de diepe ecologie, radicaal links, de Islam als het Nationaal Socialisme.