dinsdag 29 oktober 2013

De Politieke Islam: Vijand of Bondgenoot? (2)

Hoewel onderstaand artikel enigszins gedateerd is, heeft deze haar relevantie anno 2013 nog niet verloren. Juist hierom en in het licht van de recente gebeurtenissen in het Midden-Oosten achten wij het van belang het betreffende artikel nogmaals op dit blog te publiceren. 


DE ISLAM NEGEREN – GEORGANISEERD LINKS EN HET ISLAMISME


Afghanistan 2001, Irak 2003, Libanon 2006, Gaza 2008 – het ,,vrije Westen” voert oorlog. ,,Je bent of voor ons of je bent tegen ons”, stelde George W. Bush eens. Echter, de meerderheid van links besteedt haar energie meer aan het negeren van de gebeurtenissen dan wel aan het zich concentreren op andere dingen.

Het is mode in bijna alle schakeringen van links om zich solidair te verklaren met de slachtoffers van de 'War on Terror' – op het moment dat deze door de Westerse bommenwerpers neergemaaid of uiteengereten een ziekenhuis binnen worden gebracht. Geheel anders is daarentegen het geval, indien het hen lukt om, zoals in Irak, de dodelijke kogelregen van de Amerikaanse soldaten een slag voor te zijn en ondergronds te gaan. Of indien ze, zoals in Gaza, de ,,verkeerde” partij bij de verkiezingen hun stem geven. In een dergelijk geval worden steeds drie principiële argumenten van stal gehaald, waarmee wordt verklaard, waarom de politieke Islam ,,slecht” (bij enkelen ,,nog slechter als” het Amerikaanse imperialisme, bij anderen ,,bijna zo slecht als”) is:

1 De Islamisten zijn reactionair: Ze ontkennen, dat godsdienst ,,het opium van het volk” (Marx) is. In plaats van de klassenstrijd prediken ze de geloofsoorlog en in plaats van de bevrijding van de vrouw roepen ze om de versluiering van de vrouw.

2 Noch zijn er positieve voorbeelden uit de recente geschiedenis bekend van samenwerking met links, noch is er een positief voorbeeld van een islamitische staat.

3 Anti-imperialisme ontkent de klassenstellingen in de imperialistische landen zelf, evenals die in de door het imperialisme aangevallen landen; Amerikaanse soldaten zijn bijvoorbeeld zelf ,,uitgebuite arbeiders”, terwijl vele verzetsgroeperingen slechts de heerschappij van de ,,plaatselijke uitbuiters” willen herstellen en daarom dan ook alleen met de nodige reserves gesteund mogen worden.



Links en het Imperialisme

Het valt toe te juichen dat er ondertussen überhaupt een dergelijke discussie op gang is gekomen. Links is namelijk behoorlijk hulpeloos gearriveerd in de 21e eeuw: Men is tegen de aanval op Irak, maar ook tegen Saddam en ook tegen het (niet-Ba`athistische) gewapend verzet in Irak. In het geval van de bevrijdingsoorlog om Palestina heeft men zijn hoop (tevergeefs) gevestigd op een zich met elkaar ,,verbroederende arbeidersklasse” aan beide kanten, terwijl de ene ,,arbeidersklasse” de andere ,,arbeidersklasse” bestookt met fosforbommen op diens dichtbevolkte woongebieden.

Het is overduidelijk hoezeer onzekerheid en wishfull thinking zich van links hebben meester gemaakt. En dat in een tijd dat, nadat de oude wereldorde is vervangen door een nieuwe, uitgerekend een religieus gekleurde Beweging de oude, thans nog sterker geworden vijand namelijk het Westerse kapitalistische imperialisme, met de wapens tegemoet treedt.

Enkele communisten zijn dan ook consequent moslim geworden[1]. De meesten echter concentreren zich tegenwoordig liever op Latijns-Amerika: Hier ligt Cuba, hier heb je de Zapatisten en Hugo Chavéz, linkse projecten dus, waar men zich mee kan identificeren. Vanaf hier stuurt subcommandante Marcos van het EZLN aan de bevolking van Gaza (de “antisemieten” dus, diegenen die op Hamas hebben gestemd) zijn broederlijke groeten, hier ontmoet Chavéz de secretaris-generaal van de Hezbollah, Hassan Nasrallah, terwijl de linkse regering van Bolivia de ,,ambassadeur” van de Israëlische zionistenstaat het land uitzet.

Bovendien is er geen sprake van een openlijke oorlog in de regio, er is – ondanks de inspirerende aanzetten – geen sprake van een project, dat het voortbestaan van het imperialisme direct bedreigd. Dit is in het Midden-Oosten wèl het geval. De Verenigde Staten is, met de achter haar samengebalde militaire macht staande belangen, in een rechtstreekse krachtmeting verwikkeld: In Afghanistan, in Irak, in Libanon, in Palestina. Al in 1967 schreef Ché Guevara, luttele maanden voor zijn executie in Bolivia: ,,Men dient er eindelijk van doordrongen te raken, dat het imperialisme mondiaal is, een globaal systeem, de laatste fase van het kapitalisme. Het kan slechts in een grote, globale confrontatie worden verslagen.”

Ook voor onze Cuba-vrienden en Venezuela-enthousiastelingen is het Midden-Oosten dus van het hoogste belang; niet alleen omdat hun idolen zich duidelijk hebben uitgelaten over de gebeurtenissen en de situatie aldaar, maar ook en vooral omdat het imperialisme als globaal systeem gesterkt uit de confrontatie tevoorschijn kan komen en daardoor dus ook de bevrijdingsprojecten van links direct zou bedreigen. Zonder overdrijving kan worden gesteld, dat zonder de nederlagen in Irak, Palestina, Libanon en Afghanistan de druk van het Amerikaanse imperialisme op Latijns-Amerika wezenlijk sterker zou zijn geweest, inclusief de daarmee samenhangende eventuele putschpogingen en militaire agressie. Last but not least wordt op dit punt duidelijk: De door ouderwetse 'stalinistische' groeperingen tot en met trotskistische jongerengroepen verbreide en in de inleiding samengevatte argumentatievoorbeelden zijn erg problematisch.



Gebrek aan informatie en misverstanden

Wat brengt links er dus toe om zich zo afwijzend op te stellen tegenover de sterkste bedreiging van het wereldimperialisme sinds de revolutionaire vloedgolf rond 1968? Hiervoor zijn verschillende oorzaken, die deels in elkaar overlopen, aan te wijzen:

1 Onbegrip voor de Arabische cultuur en de Islamitische religie, waarvan de verschillen ten opzichte van het Westen wezenlijk groter zijn als die van de landen in Latijns-Amerika.

2 De universele aanspraak van het communistische idee wordt door het Islamisme ter discussie gesteld, omdat deze laatste plotseling traditioneel ,,linkse” thema's (sociale rechtvaardigheid, nationale onafhankelijkheid, anti-repressie, gewapende bevrijdingsstrijd) overneemt.

3 Ten slotte worden graag de ,,klassieken” (Marx, Engels, Lenin) geciteerd, die echter in hun tijd(en) niets te maken hadden met een dergelijke Beweging evenals met een dergelijke dreiging van de kant van het imperialisme. Hier komt nog bij, dat er slechts weinig serieuze informatiebronnen m.b.t. de Islamistische Beweging bestaan. De burgerlijke (massa-)media werken professioneel aan het nieuwe vijandbeeld Islam.




Anti-imperialisme en nationale + sociale bevrijding

Het imperialisme is tegenwoordig de grondslag niet alleen voor de grote multinationale concerns en het financiersoligarchie, maar is tevens noodzakelijk voor de verkwistende, op massaconsumptie gerichte lifestyle die in het kapitalistische Westen wordt gepropageerd en welke er voor heeft gezorgd dat de arbeidersklasse aldaar in verregaande mate in het bestaande systeem is ingekapseld en van zijn revolutionaire slagkracht is ontdaan.

Zonder de vernietiging van het imperialisme op wereldschaal is er geen revolutionaire doorbraak mogelijk. Sinds '45 voerden de Amerikaanse imperialisten in meer dan 70 landen ter wereld ,,uiterst serieus te nemen” interventies uit. De reden voor al deze inmengingen was in de meeste gevallen van economische en strategische aard. De absolute voorwaarde voor nationale + sociale bevrijding is daarom de nederlaag van het ,,Militair-Industrieel Complex” (het NAVO-imperialisme) en de vernietiging van de mythe van de onoverwinnelijkheid van de laatst overgebleven supermacht ter wereld (de USA). Hiermee zijn we beland bij degenen, die deze strijd voeren: In het Midden-Oosten, de voornaamste brandhaard van de huidige wereldwijde anti-imperialistische bevrijdingsstrijd, is dat zonder twijfel in eerste instantie een religieus gekleurde Beweging.


Het vrouwenvraagstuk

De vele schakeringen van de Islamistische Beweging brengen een evenzo breed geschakeerd rollenbeeld van de vrouw met zich mee. In Irak vormen vrouwen een hecht bestanddeel van het gewapend verzet, in Palestina bezit de Islamitische verzetsbeweging Hamas een hecht verankerde basis onder de vrouwen, terwijl de Libanese Hezbollah zelfs expliciet programma's uitvoert ter bevordering van de vrouwenemancipatie.

Tegelijkertijd even een paar eenvoudige cijfers uit de BRD: De jaaromzet van cosmeticaproducten bedraagt 11 miljard euro, in hetzelfde tijdvak worden 1 miljoen schoonheidsoperaties uitgevoerd. Het is op zijn minst discutabel, in hoeverre deze verheerlijking van perfecte lichamelijke schoonheid, die kennelijk ook geëmancipeerde Westerse vrouwen niet gelukkig maakt, superieur zou zijn aan de Islamitische zienswijze waarin de vrouw haar lichaam accepteert als door God geschapen en haar lichamelijke verleidingen bewust niet openlijk toont.


Geloofsoorlog en Jihad

Fanatiek, wraakzuchtig en meedogenloos – zo wordt de oorlog in naam van de Islam door velen gezien, en dienovereenkomstig onsympathiek worden de ,,terroristen” dan ook graag als spiegelbeeld van de Westerse kruistochten geschetst.

De Jihad echter is gebonden aan concrete voorschriften en doelstellingen. Tot de regels behoort niet alleen het gebod om géén onschuldigen te treffen, maar eveneens om met mate te vergelden en in te gaan op elk vredesaanbod. ,,Het belangrijkste doel van de Jihad (anti-imperialistische verdedigingsoorlog) is het bieden van hulp aan de onderdrukten en het verzekeren van een goede toekomst voor hen”, aldus de Islamic Army in Iraq. Een ,,Islamitische staat” zou evenzeer garant staan voor de bescherming van de (in het bijzonder religieuze) minderheden als voor sociale rechtvaardigheid, milieubescherming en stimulering van onderwijs en vorming. Natuurlijk is er ook hier – precies als bij de communisten! – steeds weer opnieuw sprake van een kloof tussen pretentie en werkelijkheid; desalniettemin is de wijd verbreide associatie van een ,,Islamitische samenleving” met weinig-serieuze reportages uit een cultureel volledig verschillend, onderontwikkeld Afghanistan slechts zeer beperkt van nut, indien men dit concept van de Islamitische verzetsbeweging(en) – op wat voor wijze dan ook – wil beoordelen.


De Islam als beschaving

Om de Islam beter te kunnen begrijpen moet juist links inzien dat de Islam niet slechts 'gewoon' een geloofsovertuiging is, maar evenzeer concrete voorschriften en waarden voor de inrichting van de samenleving verlangt. Dat is tevens een belangrijk verschil ten opzichte van het traditionele Christendom: In plaats van de gelovigen te troosten met het verwijzen naar een beter leven in het hiernamaals, roept de Islam er ondubbelzinnig toe op om in het hier en nu actief tegen onrecht, onderdrukking en misstanden in verzet te komen. Ook bij het verbod op renteheffing en de verplichting voor elke gelovige om jaarlijks minstens 2,5% van zijn bezit aan armen en behoeftigen te schenken [en tevens bij de betaling van de Zakat (de geloofsplichtige belasting die terugvloeit in de gemeenschap). De armen die dit niet kunnen betalen worden hiervan vrijgesteld], botsen de voorschriften van de Islam frontaal met de ideologie van de vrije markt.

,,Religieuze mensen geloven in de Profeet, Bush gelooft in winst (Eng. Profit)”, zo vatte George Galloway, ex-Labour-parlementslid en huidig leider van Respect, het eens kernachtig samen.

Een en ander neemt echter niet weg, dat de politieke Islam met immense problemen heeft te kampen. Evenals het Europese traditionele communisme ziet het zichzelf als universeel en is het tegelijkertijd diep verdeeld, niet alleen in Sunni en Shi'a.



Links en moslims: traditioneel vijanden

Uiteindelijk op dit punt aangekomen, valt links terug op haar beide laatste argumenten. Het ene argument stelt dat de moslims nog nooit een dergelijke maatschappij, zoals deze wordt verlangd, hebben gehad. Afgezien van het feit, dat de moslims hetzelfde met betrekking tot de communisten zouden kunnen beweren, zijn natuurlijk alle maatschappijmodellen onderhevig aan interne (menselijk falen) dan wel externe (vijandige dreiging) factoren en derhalve vatbaar voor bedreiging cq. vernietiging.

Het andere argument snijdt beter hout: In Iran werden na de Islamitische Revolutie van 1979 talrijke leden van de communistische Tudeh-(= Arbeiders)partij door de Islamitische revolutionaire regering vervolgd en geëxecuteerd als zijnde spionnen van de Sovjet-Unie. Ook uit Algerije, Palestina, Egypte, Soedan en Irak zijn er voorbeelden aan te voeren van soortgelijke, ten dele dodelijke, conflicten, met name uit de jaren '70 en '80.

Twee dingen dienen hierbij echter in acht te worden genomen:

Ten eerste; de hoop van mainstream-links was destijds op de USSR gevestigd, die door de Islamitische krachten slechts als de keerzijde van die andere supermacht (het US-imperialisme) werd gezien. (Volgens deze theorie, destijds gepropageerd door Voorzitter Mao en Vice-voorziter Lin Piao, vertegenwoordigden de beide supermachten USA en USSR slechts twee kanten van dezelfde medaille; ze waren elkaars spiegelbeeld, zogezegd tweelingbroertjes, die elkaar perfect aanvulden in hun streven om de wereld op te delen. In deze theorie gold de USSR als de supermacht van het ,,sociaal-imperialisme”: socialistisch in woorden, imperialistisch in daden.)

Ten tweede; links heeft zich er steeds halsstarrig tegen verzet om aan de godsdienst wat voor positieve rol dan ook toe te kennen. Een Marokkaanse Islamist, die zich bezig hield met het bestuderen van de Mao Tse tung-gedachte, stelde eens in de jaren '70 de vraag: ,,Wijzen wij de communisten af vanwege de sociale rechtvaardigheid die zij nastreven, of vanwege het feit dat ze de Profeet bespotten?” – het antwoord was natuurlijk het laatste.

Tegenwoordig zijn er naast de negatieve ervaringen met een dergelijke samenwerking ook positieve ervaringen opgedaan; tot de laatste categorie tellen de samenwerking van de Hezbollah en de Communistische Partij Libanon (in het kader van het Verenigd Nationaal Front), de samenwerking van de Islamitische Verzetsbeweging Hamas met het marxistische Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP) (in het kader van het Volksverzetsfront) evenals diverse allianties in Europa, bijvoorbeeld het samenwerkingsverbond Respect in Groot-Brittannië. Hierbij is het vooral van belang welke personen uit de Islamitische scene met welke personen uit de linkse scene samenwerken en voor welke gemeenschappelijke doelstellingen.

Exact hierom draait het allemaal vandaag de dag: De gezamenlijke belangen van zowel links, als die van de moslims in het oog te houden. Tegenwoordig is het voornaamste slachtoffers van de Amerikaanse agressie de Islamitische wereld, die bij het voeren van haar anti-imperialistische bevrijdingsstrijd terugvalt op een godsdienst die eeuwenlang haar cultuur en samenleving heeft gevormd. Soortgelijke verschijnselen waren er in de geschiedenis voortdurend te zien en dienen niet noodzakelijkerwijze in tegenspraak te zijn met het doel van een sociaal rechtvaardige samenleving. Zelfs indien het voorbeeld dat door enkelen uit de scene graag aangehaald wordt omtrent de situatie van de Iraakse vrouw die op korte termijn inderdaad zou verslechteren, zo worden door de nationale bevrijdingsoorlog op lange termijn de grondslagen geschapen voor haar vanzelfsprekend gerechtvaardigde strijd: Doordat er een einde wordt gemaakt aan het bombarderen en martelen door de Amerikanen, verkrijgen de Irakezen zelf de mogelijkheid om hun samenleving opnieuw vorm te geven.

Er bij voorbaat vanuit gaan dat de Arabische vrouw in een dergelijke situatie niet in staat zou zijn voor haar rechten op te komen, getuigt van zuiver racisme. Dit des te meer, daar de Profeet fundamentele mensen- en vrouwenrechten al meer dan duizend jaar voor het begin van de Europese vrouwenbeweging formuleerde.

Zolang er een onrechtvaardige en barbaarse economische orde (het globale kapitalisme) bestaat, zal er worden geprobeerd om alternatieve maatschappelijke modellen in de praktijk om te zetten. Zolang de legers van Verenigde Staten en NAVO voortgaan met het bezetten van andere landen, opdat de grote kapitalistische concerns de natuurlijke rijkdommen kunnen blijven plunderen, zal er hiertegen gewapenderhand verzet worden geboden.

De kardinale kwestie is aan welke kant van de frontlijn de linkse beweging hierbij staat. Vooral komt het hierbij aan op serieuze informatie m.b.t. de verzetsbeweging(en), m.b.t. de Islam en m.b.t. de Arabische cultuur. Voorts op het vermogen tot onbevooroordeeldheid en tot zelfkritiek. Een katholieke Chavéz vormt voor weinigen in de scene een probleem; een sjiitische Nasrallah daarentegen wel. In werkelijkheid draait het hierbij geenszins om het vasthouden aan wat voor ,,emancipatoire waarden” dan ook. Het draait om het succes van de islamofobe hetze in de burgerlijke media die irreële angsten opwekt. Diegenen in het linkse spectrum die zich hiervan niet op overtuigende wijze distantiëren, worden ondubbelzinnig gediskwalificeerd als exponenten van de maatschappelijke verandering en bondgenoten van de verworpenen der aarde.


<<Schep één, twee – vele Vietnams!>> (Ché)

Tegenover het globale imperialisme – het globale Vietnam!

Anti-imperialistisch Verzet!



EEN ANTWOORD AAN ERIC KREBBERS e.a. (N.a.v. 'Doorbraak tegen het moslimfundamentalisme' – jan./feb. 2009. Gebladerte reeks Nr. 32)


________ [1] Enkele voorbeelden van bekende communisten die tot de Islam zijn overgegaan: De Venezolaanse internationaal communist Ilich Ramirez Sanchez (beter bekend onder diens nom de guerre 'Carlos'), de franse communist (en voormalig lid van het Politiek Bureau van de PCF in de jaren '60) Roger Garaudy en de eveneens Franse communist en internationalist Jacques Vergès (mede-oprichter van de Parti Communiste de Réunion in de jaren '50)


donderdag 24 oktober 2013

De tweede editie van Resist Magazine is uit!



De tweede editie van de aan het ACN/AKN gelieerde periodieke "Resist Magazine" is uit.

De papieren versie is verkrijgbaar via de gebruikelijke kanalen.

Voor de online versie kunt u hier terecht:

Resist Magazine Online

woensdag 16 oktober 2013

De Politieke Islam: Vijand of Bondgenoot?

"De Islam heeft niet de bedoeling om geloof aan mensen op te dringen, maar de Islam is niet louter 'een geloof'. Zoals wij al aangetoond hebben is de Islam een vrijheidsverklaring van de mens, van de dienstbaarheid aan de andere mens. Zodoende streeft het vanaf het begin af aan naar de afschaffing van al die systemen en regeringen, die gebaseerd zijn op de overheersing van de ene mens over de andere mens."  - Sayyid Qutb, Mijlpalen


Tegenwoordig zien we in Europa een alsmaar sterker wordende anti-Islamitische trend ontstaan. Dit vijandsbeeld baseert zich grotendeels op de theorie van de "botsing der beschavingen" (clash of civilizations). Deze is geformuleerd door de Amerikaanse zionist en neoconservatief Samuel Phillips Huntington. Huntington stelde dat er na de Koude oorlog een nieuwe tegenstelling zou ontstaan; namelijk een tegenstelling tussen verschillende culturen en dan met name tussen de Islam en de Westerse beschaving. Binnen dit idee vertegenwoordigt de Islam het gezicht van de barbarij, dat zich niet wenst neer te leggen bij de "vooruitgang" en "vrijheden" die de Westerse beschaving te bieden zouden hebben. Binnen de neoconservatieve retoriek wordt "beschaving" hier dus gedefinieerd in de zin van de Westerse liberale waarden zoals zgn. "universele vrijheid" en "democratie". Het houdt na de val van het Communisme als vijandsbeeld het paradigma van de Westerse beschaving tegen de rest van de wereld in stand. De theorie van Huntington is dan ook puur ideologisch van aard en streeft ernaar het Westerse liberaal-kapitalistische systeem neer te zetten als de enige mogelijke vorm van "beschaving" die een universele geldigheid zou kennen en waaraan dus ieder volk op aarde zich zou moeten onderwerpen. 

De zogenaamde "oorlog tegen het terrorisme" (war on terror) die als publieke rechtvaardiging moet dienen voor de imperialistische agenda van de Westerse machten, gebruikt dit simplistische vijanddenken om deze agenda door te voeren. De aanslag op de WTC torens in New York op 9/11, als vergelding voor de Amerikaanse agressie in de Islamitische wereld, werd dan ook al snel door de Amerikaanse regering onder President Bush misbruikt als een "bewijs" om de theorie van Huntington te staven, zodat het Amerikaans imperialisme gesteund door de publieke opinie haar imperialistische ambities in het Midden-Oosten waar kon maken. Dit zorgde voor een voedingsbodem voor de meest radicale vormen van Islamfobie en heeft een ware hetze tegen Moslims ontketend, met name tegen het "Islamisme" (beter bekend als de "politieke Islam"). 


Binnen de nationale beweging, die inmiddels een steeds grotere uitdrager van deze anti-Islamitische hetze aan het worden is, heerst dan ook nogal wat verwarring. De "botsing der beschavingen" retoriek heeft er voor gezorgd dat veel nationalisten zich in ruil voor legitimiteit tot het neoconservatieve rechts-populisme hebben laten verleiden en zich daarmee bewust of onbewust voor het uiterst reactionaire wagentje van het imperialistische en zionistische kamp hebben laten spannen. In dit artikel zullen wij ons standpunt inzake de Islam en het Islamisme proberen te verduidelijken vanuit een nationaal-revolutionair perspectief.


De Islam

Er is geen enkel heilig boek in staat om mensen voor vele eeuwen te begeesteren en te inspireren als deze niet verschillende boodschappen te bieden heeft die open staan voor individuele interpretaties en die toepasbaar zijn onder verschillende omstandigheden. Dit gaat natuurlijk ook op voor de Koran. De Islam verschilt in dit opzicht geenszins van de andere grote monotheïstische wereldreligies (zoals o.a. het Christendom). Net als andere religies kan de Islam zowel de armen en onderdrukten, als de rijken en onderdrukkers aanspreken. Net als het Christendom leent de Islam zichzelf als een verlangen naar een beter leven voor de armen, maar ook als een instrument om de geprivilegieerde positie van de machtigen te beschermen. Religie is dan ook geen historische kracht op zichzelf, want hoewel religieuze instellingen en ideeën een belangrijke rol in de wereldgeschiedenis spelen, staat deze rol niet los van de materiële werkelijkheid waarin het zich bevind. Mensen waren altijd in staat om hun eigen interpretaties te geven aan de godsdienstige ideeën die zij hadden. Meestal waren deze interpretaties afhankelijk van de eigen materiële situatie, hun verhouding met andere mensen en de conflicten waar zij zich in bevonden.

In dat opzicht ontstond de Islam in de Arabische maatschappij van de zevende eeuw, die veelal via stamverbanden georganiseerd was. Haar grondlegger was de Profeet Mohammed, die tot de clan van de Qoeraysj, de Hasjim, behoorde en op het Arabische schiereiland leefde. De eerste openbaringen van de Koran vonden plaats in 610 op de berg Hira vlakbij bij de stad Mekka. Het eerste politieke Islamitische document was de overeenkomst van Medina, waarin de Profeet de rechten en plichten liet vastleggen die opgesteld werden voor de Oemma (de Islamitische gemeenschap). Hiermee werd de eerste Islamitische staat geboren. De Islam kwam echter pas echt tot bloei na het ontstaan van een aantal opeenvolgende imperia (kalifaten). Het voortbestaan van deze religie hing, net als bij het Christendom, grotendeels af van haar vermogen om zich aan te passen aan de verschillende belangen van de verschillende klassen. De Islam bood dus een evenwicht tussen enerzijds een bepaalde mate van bescherming voor de onderdrukte klassen en anderzijds een bescherming voor de onderdrukkende klassen tegen een opstand door de onderdrukte klassen. 

De Islam vertegenwoordigt net als de meeste andere religies geen homogeen ideeënstelsel. Nadat de Islam zich over grote delen van het Euraziatisch continent verspreid had, voegden veel van de volkeren die onderdeel van de Islamitische gemeenschap werden, hun oude godsdienstige en traditionele gebruiken toe aan deze religie waardoor er nieuwe stromingen en varianten op de Islam ontstonden. We kunnen dan  ook de conclusie trekken dat de Islam niet fundamenteel van haar zusterreligies (Christendom en Jodendom) verschilt, maar eerder zeer grote overeenkomsten kent. Als nationaal-revolutionairen kennen wij de Islam dan ook geen aparte status toe ten opzichte van andere religies. 



De Politieke Islam

In de 20ste eeuw vond er een Islamitische heropleving plaats. Deze heropleving ontstond als een reactie op de imperialistische expansie van het Westen die hun militaire overmacht gebruikten om het Midden-Oosten te veroveren, te onderdrukken en uit te buiten. Dit ging met veel bloedvergieten gepaard en de desastreuze gevolgen zijn tot op de dag van vandaag voelbaar. Ook nu nog worden de natuurlijke grondstoffen en de olievoorraden van het Midden-Oosten geëxploiteerd ten gunste van enkele multinationals en ten koste van de lokale volkeren. Arabische leiders verkwanselen de belangen van hun volkeren, die gedwongen zijn om in grote armoede te leven. In deze situatie ontstond "het Islamisme", ook wel bekend als "de politieke Islam". Volgens de Islamisten werd de situatie in het Midden-Oosten veroorzaakt doordat de Islamitische waarden gecorrumpeerd waren. Enkel een terugkeer naar de ware Islam kon leiden tot een herstel van de Islamitische gemeenschap. In de post-koloniale tijd, tijdens de economische crisis van de jaren '80, groeide de aantrekkingskracht van het Islamisme nog meer doordat de tegenstellingen tussen de arme massa's en de rijke elites nog groter dan voorheen werden. De rijke elites die de welvaart bezaten hielden er veelal een decadente "Westerse" levensstijl op na en werden door de arme massa's dan ook al snel beschuldigd van "on-Islamitisch" gedrag. 

Een van de grondleggers van de politieke Islam was Sayyid Qutb (1906-1966), die na twee en een half jaar de decadente levensstijl van het Westen aan den lijve in Amerika ondervonden te hebben, terugkeerde naar zijn vaderland Egypte om zich daar bij de Moslimbroederschap aan te sluiten. In zijn werken hekelde hij de decadente moderne "Westerse" cultuur. In zijn visie werd de Islamitische wereld geregeerd door corrupte en verwesterde dictators en prinsen, wiens geestelijk achteloze en onwetende beleid overeen kwam met dat van de Jahili Arabieren (= de heidense Arabieren voor de openbaring van de Koran). Sayyid pleitte ervoor om deze corrupte regimes omver te werpen en "de ware Islam" te herstellen. Hierbij baseert hij zich vooral op de werken van de Hanbalitische* jurist en purist Ibn Taymiyya (1268-1328). Sayyib zijn concept van de politieke Islam moet gezien worden in de context van een ideologie die erop gericht is om de onderdrukten in de postkoloniale Islamitische wereld te verenigen in hun zoektocht naar sociale-, economische- en politieke gerechtigheid.     


Het Islamisme onderscheidt zichzelf hier als stroming omdat zij niet in conservatieve zin de oude orde wil behouden , maar omdat zij ernaar streeft de moderne maatschappij te veranderen op basis van de Islamitische waarden. Het streven om een mythisch verleden te herscheppen betekent hier dus niet het intact laten van de huidige maatschappij of een terugkeer naar de Middeleeuwen, maar het radicaal transformeren van de moderne maatschappij. De vernieuwing die Islamisten voorstaan moet dan ook opgevat worden als een strijd tegen de staat en tegen de politieke overheersing van het imperialisme. Het is ontstaan in samenlevingen die door de drastische gevolgen van het imperialisme om verzet riepen. Islamisme is de politieke expressie van mensen die in deze samenlevingen opgegroeid zijn met respect voor de Islamitische ideeën en waarden en die deze ideeën en waarden toepassen in een poging om de tegenstellingen en het onrecht tegen te gaan. De grootste aanhang van de Islamisten is te vinden onder de armen op het platteland en diegenen die naar de steden trekken in hun wanhopige zoektocht naar werk. Echter het belangrijkste element dat het Islamisme in stand houdt is de nieuwe middenklasse (de kleinburgerij), die ontstaan is als gevolg van de modernisering van de Arabische wereld. Zij vormen het onmisbare kader van de Islamisten en verspreiden de leer van de politieke islam onder de arme volksmassa´s. Veel van deze Islamitische intellectuelen zijn goed opgeleid en vormen een brug naar de arme volksmassa´s in de sloppenwijken en op het platteland. Deze goedopgeleide jongeren zijn er heilig van overtuigd dat de Islam een grote maatschappelijke verandering en sociale gerechtigheid teweeg kan brengen.


Eindconclusie

Omdat de politieke Islam door de kleinburgerij gedragen wordt, heeft zij een kleinburgerlijk klassenkarakter dat vergelijkbaar is met dat van de klassieke corporatistische bewegingen. Net als het klassieke corporatisme (het Peronisme, etc.) werd de politieke Islam in de straten geboren als een kleinburgerlijke beweging, die de arme volksmassa's wist te mobiliseren. Het Islamisme kent net als het klassieke corporatisme een tegenstrijdig karakter dat zowel revolutionaire en reactionaire elementen bevat. Het probleem ligt hem in het feit dat de kleinburgerij als klasse niet in staat is om een onafhankelijke en consequente koers te varen. Enerzijds hoopt de kleinburgerij te kunnen profiteren van een radicale verandering, maar anderzijds blijft de zekerheid van het conservatisme naar hen lonken. De politieke Islam faalt er dus - net als het klassieke corporatisme - in om de materiële uitbuiting door het kapitalisme aan te klagen, omdat zij zich beperkt tot het cultureel imperialisme (verwestering) als de bron van al het kwaad. Dus hoewel de politieke Islam zeer goed in staat is om de verbittering van de bevolking te mobiliseren, verlamt zij deze tegelijkertijd doordat zij geen daadwerkelijke antikapitalistische oplossing kan bieden. Het project om de maatschappij te veranderen op basis van de Islamitische waarden die de Profeet Mohammed in de zevende eeuw predikte, is feitelijk dan ook een utopie die voortkomt uit het verarmde deel van de kleinburgerij en die hoop biedt aan de onderdrukten in de Islamitische wereld. 

Laten wij duidelijk zijn; de politieke Islam als een kleinburgerlijke beweging is niet onze echte vijand. Het zijn niet de Islamisten die schuldig zijn aan het (neo)liberaal-kapitalistisch systeem. Zij zijn niet schuldig aan de onderwerping van volkeren in een oneindig streven naar meer en meer winst en zij zijn ook niet schuldig aan de imperialistische agressieoorlogen die wereldwijd gevoerd worden! Het Islamisme heeft juist een sterk destabiliserend effect op de belangen van het monopoliekapitaal in het Midden-Oosten en vormt een belangrijk obstakel voor de koloniale ondernemingen van het Zionisme. Hoewel Islamisten dan wel de vertegenwoordigers zijn van de kleinburgerlijke klasse die proberen om het proletariaat te beïnvloeden, en dus geen bondgenoten zijn, kunnen we eveneens geen afzijdige houding ten opzichte van hen aannemen. In hun Islamitische gemeenschappen vormen zij de voorhoede van grote maatschappelijke groepen die onder de neoliberale en imperialistische uitbuiting te lijden hebben. Hun opstandige geest kan dan ook aangeboord worden voor revolutionaire doelstellingen als de opkomende arbeidersstrijd hier een bepalende rol in kan nemen. De politieke Islam is het product van een diepe maatschappelijke crisis, maar niet in staat om het op te lossen omdat zij geen antikapitalistisch alternatief te bieden hebben. Hoewel we het met de Islamisten oneens zijn over een aantal zeer belangrijke vraagstukken, zullen we in veel gevallen toch aan dezelfde kant als de Islamisten staan in de wereldwijde strijd tegen het imperialisme en het zionisme. Hun verzet verdient dan ook onze kritische solidariteit op basis van het recht op nationale zelfbeschikking! 


*Het Hanbalisme is binnen de Soennitische islam een van de vier scholen (Madhhabs) ten aanzien van de godsdienstige wet, de Fiqh.





woensdag 9 oktober 2013

Een antwoord aan Tim Cornelis n.a.v. zijn kritiek op het Nationaal-Revolutionair Manifest

Allereerst willen wij Tim bedanken dat hij de moeite heeft genomen om zich in ons manifest te verdiepen en de moed heeft gehad om dienaangaande de discussie met ons aan te gaan. Dit was voorheen binnen de radicaal-linkse beweging niet gebruikelijk onder het motto “met 'nazi’s' (resp. nationaal-revolutionairen) wordt niet gesproken”.

Om te beginnen zijn wij ons ervan bewust dat er in het verleden vanuit links vaker dergelijke platitudes omtrent de val van het kapitalisme zijn gebruikt; zie bijvoorbeeld de KPD en de Komintern in de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw. Zij riepen met het oog op de grote crisis van 1929 ook telkens dat “het kapitalisme op zijn laatste benen liep” (resp. “dit is het laatste gevecht”), dit gericht tegen het toenmalige Hitler-regime, alsmede de hieraan voorafgegane Präsidialdiktaturen (Brüning, Von Papen, Von Schleicher). Een Hitler regiem, wat zich, zoals we nu allen weten, veel langer aan de macht heeft weten te houden dan iedereen van tevoren had gedacht (evenals het kapitalistische systeem overigens). In een bepaald opzicht zou men eventueel nog wel de stelling kunnen verdedigen dat deze crisis (de crisis van 1929) in een belangrijk deel van Europa en Azië inderdaad de laatste crisis van het kapitalisme was. Want in 1945 verrees in het oosten van Duitsland een zegevierende arbeiders- en boerenstaat. Hetzelfde gold voor Azië (China, Korea, Vietnam). In die zin was er destijds dus wel degelijk sprake van de laatste crisis van het kapitalisme voor een aanzienlijk deel van de wereldbevolking, en was de leus van de communisten (“na Hitler komen wij”) dus inderdaad juist.

Verder met betrekking tot punt 1 (de 98% versus de 2%): Wij hebben dit toentertijd (de zomer van 2011) zo geformuleerd met het oog op de destijds opkomende Occupy-beweging en de rondom haar gevoerde discussie. Het was dan ook min of meer als een 'concessie' ten opzichte van de Occupy-beweging gedacht, die in die tijd in opkomst was (en inmiddels alweer grotendeels van het toneel is verdwenen). Voor een propagandistisch manifest was deze formulering ons inziens dan ook volledig gerechtvaardigd teneinde hierop in te kunnen haken. Het manifest pretendeerde dan ook geenszins een klasse-analyse in de zin van Marx te zijn. Het geheel ademde meer de geest van het begrip 'volksrevolutie', zoals geformuleerd door Thälmann en O. Strasser.

Aangaande punt 2 beschouwen wij de bourgeoisie niet alleen als een economische, maar ook als een politieke klasse. De vernietiging van het kapitalisme betekent niet dat daarmee automatisch ook het gedachtegoed van de bourgeoisie is verdwenen. Zolang het kapitalisme niet over de gehele wereld is vernietigd, blijft de bourgeoisie als politieke klasse nog bestaan. In de Sovjet-Unie was het kapitalisme dan wel als economisch systeem vernietigd, maar de bourgeoisie slaagde er toch weer in om aan de macht te komen na de dood van Stalin (1953). In China zag Mao zich gedwongen de Culturele Revolutie te ontketenen tegen het gedachtegoed van de bourgeoisie, dat zich in de partij-top had genesteld (de strijd tussen de twee lijnen: de proletarische en de burgerlijke).

Wat betreft punt 3: Tim geeft er blijk van wat dit punt aangaat er geen jota van te snappen. Immers, als ná een geslaagde socialistische revolutie de arbeidersklasse de macht in handen neemt, dan impliceert dat, dat er géén heersende klasse meer boven de arbeidersklasse staat; immers is de arbeidersklasse dan de heersende klasse. Dit is dan ook wat er bedoeld wordt met het begrip “dictatuur van het proletariaat”! Voor alle duidelijkheid; de staat (evenals de klassen) sterven pas af in de tweede fase; namelijk de fase van het communisme. Direct na de revolutie betreedt men dus eerst de eerste fase; namelijk die van het socialisme. Zoals Friedrich Engels al stelde sterven de staat en de klassen pas af, zodra er van de socialistische fase naar de communistische fase wordt overgaan. Deze overgang ligt – zoals eenieder duidelijk zal zijn –  echter nog ver van ons verwijderd. Maar pas dan zal er sprake kunnen zijn van een werkelijk klasseloze samenleving, waarin de staat niet langer nodig zal zijn. In het socialisme dient de staat ertoe – in de vorm van de dictatuur van het proletariaat en het radensysteem – om te voorkomen dat de ten val gebrachte bourgeoisie wederom aan de macht kan komen. De proletarische staat is echter wat haar karakter en uitingsvorm betreft een totaal andere dan de voorheen omvergeworpen bourgeoisiestaat! (Zie daarvoor Lenin in “Staat en revolutie”.)

Het zal Tim ook duidelijk zijn, dat revoluties niet overal tegelijk uitbreken en dat een proletarische revolutie dus niet tegelijkertijd overal ter wereld zal zegevieren. Aangezien wij de export van de revolutie per bajonet of anderszins afwijzen, is het de taak van de arbeidersklasse van de verschillende nationale staten om elk hun eigen revolutie door te voeren. Echter, zolang het kapitalisme op wereldschaal niet definitief is verslagen, blijft de kans steeds levensgroot aanwezig, dat de bourgeoisie op de een of andere manier weer de macht kan veroveren. Daarom is het noodzakelijk en onoverkomelijk dat in deze periode (die van de overgang van de revolutie naar de communistische maatschappij) de socialistische staat de vorm aanneemt van de gewapende dictatuur van het proletariaat.

Dit in tegenstelling tot de leer van Trotski die de mening toegedaan was, dat de proletarische revolutie enkel en alleen op wereldschaal zou kunnen slagen en dat iedere revolutie op nationaal niveau slechts in bureaucratische verstarring en misvorming zou blijven steken. Volgens ons verschillen de specifieke nationale omstandigheden in de verschillende landen echter te veel; daar ligt dan ook de taak van de nationale arbeidersklasse en haar revolutionaire voorhoede(s). Elke poging van buitenaf om hierop druk uit te oefenen werkt volgens ons slechts averechts, want ieder land kent zijn eigen specifieke nationale omstandigheden, waarin een nationale revolutie wel of niet kan slagen. Daar waar men inderdaad rekening heeft gehouden met de eigen specifieke nationale omstandigheden (bij het doorvoeren van de revolutie) heeft het socialisme zich nog het langst gehouden, dit in tegenstelling tot de landen, waar dat van buitenaf op de punt van de bajonet gebeurde. (Zie China, Vietnam, Korea, Rode Khmer, Cuba).

De Vrije Nationalisten en de NSA hangen naast de sociale bevrijding inderdaad óók de nationale bevrijding aan. Welke is nu die 'vreemde macht die de politiek gemonopoliseerd' heeft vraagt Tim zich af. We moeten Tim hier helaas teleurstellen, want het betreft hier niet de inderdaad illusoire Z.O.G., maar het internationale monopoliekapitaal. Tim, leg ons eens uit waarom nationale bevrijding zich altijd zou dienen te beperken tot een bepaalde etnische groep of ras? Zie in dit verband de verklaring van de KPD m.b.t. de nationale en sociale bevrijding van het Duitse volk (1930). Daar heette de vreemde macht het “systeem van Versailles”. In deze context is tevens de redevoering van Stalin [1] op het 19de partijcongres van 1952 van belang, waarin hij terecht stelt dat de arbeidersklasse in West-Europa nu voor de taak staat om niet alleen de sociale bevrijding, maar ook de nationale bevrijding te volbrengen. Dit aangezien de bourgeoisie het vaandel van de nationale bevrijding heeft verraden in ruil voor Amerikaanse dollars – Hier was de 'vreemde kracht die de politieke macht monopoliseerde' dan ook het Amerikaanse imperialisme.

Momenteel is in Griekenland de 'vreemde macht die de politiek monopoliseert' de Trojka onder aanvoering van Merkel. Nationale bevrijding in Griekenland betekent hier dus de bevrijding van de Griekse arbeidersklasse. Wat tegenwoordig de 'Trojka' heet, heette in de jaren ’20 'Versailles'. Nationale bevrijding voor de Palestijnen betekent bevrijding voor de Palestijnse arbeidersklasse en het gehele werkende volk. Uiteraard niet voor de Joden die in Palestina wonen, deze wonen immers op bezet gebied (immers, de staat 'Israël' is gegrondvest op aan het Palestijnse volk toebehorend gebied). Wat natuurlijk niet betekent, dat er geen bevrijding van de Joodse arbeidersklasse kan plaatsvinden: namelijk de bevrijding van het vergif van het zionisme [2]. De positie van de joden in Palestina vertoont nog de meeste gelijkenis met die van de Fransen in het (voormalig Franse gebiedsdeel) Algerije van vóór 1962. Het door Tim aangehaalde voorbeeld van de Palestijnse nationale bevrijdingsstrijd is inderdaad op een veelvoud van punten aanmerkelijk gecompliceerder dan de nationale bevrijdingsstrijd in bijvoorbeeld Koerdistan of het Baskenland. In Nederland betekent dit de bevrijding van de Nederlandse arbeidersklasse van de onderdrukking door de 'Trojka'. 'Ras' speelt hier verder geen rol. Tot de Nederlandse arbeidersklasse behoren allen, die in Nederland woonachtig en als 'arbeider' (het begrip wordt hier sociologisch gebruikt) in het productieproces werkzaam zijn.

Punt 4: Beste Tim, zoals je zelf al aangaf, houden wij ons hier bezig met de bourgeois-staat en niet met de feodale staat van de 7de eeuw (die uiteraard geheel andere kenmerken heeft). Wat betreft je kritiek: Wij willen de vernietiging van de staat. Zoals Friedrich Engels al heeft gesteld in “De oorsprong van het gezin, de particuliere eigendom en de Staat”, streven óók wij naar de vernietiging van de staat an sich. Aangezien dit echter, zoals wij in het begin van dit artikel al hebben gesteld, slechts mogelijk zal zijn in de eindfase (namelijk de fase van het communisme), blijft de staat in de overgangsperiode naar deze eindfase (deze overgangsperiode is de periode van de dictatuur van het proletariaat) in meerdere of mindere mate een noodzakelijk kwaad (Zie daarvoor ook Lenin in “Staat en revolutie”). De staat neemt in deze overgangsperiode de vorm aan van het radensysteem en dient ter afweer van de contra-revolutie. Immers, zolang het kapitalisme nog steeds op een gedeelte van de aardbol heerst, blijft het gevaar dat de bourgeoisie in de arbeidersrepubliek terug aan de macht komt nog altijd levensgroot aanwezig. Natuurlijk zijn wij, evenals Engels en Lenin, van mening dat de staat een onderdrukkingsinstrument is, maar anders dan onder het kapitalisme onderdrukt de staat (in de vorm van het radensysteem) in de eerder door ons aangehaalde overgangsfase naar het communisme slechts de restanten van de bourgeoisie, die streven naar een terugkeer aan de macht.

Toegegeven, de bourgeois-staat en parlementarisme zijn inderdaad niet identiek. De bourgeois-staat is niet an sich identiek aan het parlementarisme, aangezien het ook de gedaante van het fascisme aan kan nemen. Hier heb je dan ook een welverdiend punt gescoord!

Wat betreft punt 5 en 6. Deze visie betreft de overgangsperiode: De periode van de dictatuur van het proletariaat. Een aantal elementen daarvan zal misschien ook in de communistische fase kunnen blijven gelden, denk bijvoorbeeld aan de vertegenwoordigers in de radenorganen die ten allen tijde kunnen worden teruggeroepen en vervangen, enzovoorts. Het wezenlijke verschil tussen de socialistische en de communistische fase is echter: In het socialisme geldt het principe: voor een ieder naar prestatie; in het communisme geldt daarentegen het principe: voor een ieder naar behoefte.

Tim, we kunnen enkel zeggen hier zijn we het volkomen met je eens: Inderdaad, het communisme als eindfase (en niet het kleinburgerlijke socialisme van Proudhon e.a.) is de enige duurzame antikapitalistische oplossing tegen onderdrukking en uitbuiting. Maar aangezien het communisme slechts de eindfase is - waarvan we niet weten wanneer deze zijn intrede zal doen - hebben wij dus na de geslaagde revolutie eerst en vooral met (de overgangsfase van) het socialisme van doen. Ook onder het socialisme wordt meerwaarde geproduceerd. Het verschil met het kapitalisme is echter, dat de meerwaarde hier ten goede komt aan de (heersende) arbeidersklasse.

Wat jouw laatste vraag met betrekking tot de internationale solidariteit en je vraag of het kapitalisme nog wereldwijd bestaat betreft, hierop kunnen wij alleen maar verwijzen naar het voorgaande gedeelte, waarin al verschillende keren uiteen is gezet, dat het kapitalisme niet door één enkele grote revolutie van de gehele aardbol zal verdwijnen, maar slechts door een veelvoud aan revoluties in de bestaande landen, die niét allen tegelijkertijd zullen uitbreken (de wet van de ongelijkmatige ontwikkeling). Dit betekent dat het kapitalisme – ook al zou de arbeidersklasse in grote delen van de wereld de macht in handen krijgen– dan nog steeds bestaat in andere delen van de wereld.

Punt 7: Wij hebben hier in Europa vooral te maken met de NAVO en de EU, en niet met de Samenwerkingsraad van de Arabische Golfstaten (GCC) en evenmin met de Shanghai-Samenwerkingsorganisatie (SCO). Uiteraard zijn zowel de GCC en de SCO slechts instrumenten ter bevordering van de politiek van deze of gene fractie van de bourgeoisie. Wat betreft het anti-imperialisme, deze is inderdaad van Leninistische snit. Tot op heden is de theorie van Lenin met betrekking tot het imperialisme namelijk nog steeds onverkort van kracht [3].

Punt 8: Wij verwerpen elke pretentie (!) om de voorhoede te zijn; dat in de praktijk van de strijd zich revolutionaire 'voorhoedes' uitkristalliseren is echter nu eenmaal een feit.  

Punt 9: Tim, we verwijzen hier wat dit punt betreft nogmaals naar de redevoering van Stalin op het 19de partijcongres van 1952, waarin hij duidelijk de betekenis van de rol van de strijd voor de bevrijding van de natie uiteen zet evenals haar verhouding tot de socialistische revolutie en tevens hoe het nationalisme zich verhoudt tot het internationalisme (proletarisch internationalisme wat de arbeidersbeweging aangaat –  socialistisch patriottisme voor wat de natie betreft).

Voor de rest verwijzen wij naar de heldhaftige houding van de KPD gedurende de zogeheten Ruhrkampf (1923), waar de KPD zich als enige waarachtig nationale kracht ontpopte en de nationale integriteit van het Reich fanatiek verdedigde tegenover het roofzuchtige Franse imperialisme, en nogmaals naar de nationale politiek van het Thälmann-Centraal Comité [4] van de KPD van 1930, evenals naar de op verdediging van de nationale eenheid gerichte politiek van de naoorlogse KPD contra het Adenauer-separatistenregiem, het regiem van het nationale verraad (wat uiteindelijk leidde tot haar verbod door het Adenauerbewind in 1956) en uiteraard ook naar de nationale politiek van de Griekse Communistische Partij (KKE), de Portugese Communistische Partij (PCP) en de CP Libanon, die samen met de Hezbollah tegenwoordig het Nationaal Front vormt. Verder verwijzen wij nog naar de redevoering van Karl Radek op de buitengewone zitting van het uitvoerend Comité van de Komintern in juni 1923 – later de geschiedenis ingegaan als de befaamde Schlageter-Rede. De these ervan luidde, door Radek zelf kernachtig samengevat: "De zaak van het volk tot de zaak van de natie gemaakt, maakt de zaak van de natie tot de zaak van het volk!" En deze stelling heeft aan actualiteit tot op de dag van vandaag nog geen millimeter ingeboet!


Met revolutionaire groet,


Een antwoord aan Tim Cornelis n.a.v. zijn kritiek op het Nationaal-Revolutionair Manifest:

http://timcornelis.wordpress.com/2013/08/10/kritiek-op-het-nationaal-revolutionair-manifest/

________

Aantekeningen:

[1] J. Stalin – Rede auf dem XIX. Parteitag der KPdSU (B), Moskau 1952

[2] Stalin omschreef het zionisme als een “reactionaire-
   nationalistische politieke stroming, die haar aanhangers had 
   onder de kleine en de gemiddelde Joodse handels- en 
   handwerksbourgeoisie, de intellectuelen, de kantoorbedienden,
   de handwerkers en de achterlijke lagen van de Joodse 
   arbeiders. Het stelde zich het organiseren van een eigen Joodse
   burgerlijke staat in Palestina ten doel en streefde er naar de 
   Joodse arbeidersmassa te isoleren van de gemeenschappelijke 
   strijd van het proletariaat”. (Zie de eerste aantekening van J.W. 
   Stalin – Het marxisme en het nationale vraagstuk, uitgeverij 
   Pegasus 1937. In de uitgaven van 1948 is deze aantekening 
   echter verwijderd!)

[3] Zie; Lenin - Het imperialisme als hoogste stadium van het 
   kapitalisme

[4] Thälmann sprak altijd duidelijk van 'twee naties': “De  
   natie van de proletariërs en de natie van de bourgeoisie” (Zie 
   Thälmann Reden u. Aufsätze in twee delen – Verlag Rote Fahne, Köln 
   1975) twee naties met beide een totaal verschillende invulling!


Verdere bronnen:

– De algemene crisis van het kapitalisme. Hoofdstukken 20 en 
   21, uit Leerboek der politieke economie (1954), uitgeverij 
   Pegasus 1955

 – Programmatische Verklaring van de KPD inzake de nationale en
   sociale bevrijding van het Duitse Volk (1930). In het Duits als 
   document bijgevoegd in Karl. O. Paetel, 
   Nationalbolschewismus u. nationalrevolutionäre Bewegungen in
   Deutschland – Verlag Bublies, 1999

– F. Engels – De oorsprong van het gezin, de particulier eigendom en  
   de Staat. Uitgeverij Pegasus 1980




woensdag 2 oktober 2013

Griekenland en de Strategie van de Spanning

Nadat bij een gevecht tussen een groep nationalisten en een groep antifascisten voor een kroeg in de Griekse stad Keratsini de rapper en antifascist Pavlos Fyssas het leven liet, braken er in geheel Griekenland rellen uit. Na geruchten dat de daders banden onderhielden met de nationalistische partij de "Gouden Dageraad", zijn een twintigtal leden, waaronder partijleider Nikos Michaloliakos, opgepakt door de Griekse politie.

Het is voor het eerst sinds het einde van de militaire dictatuur in 1974 dat in Griekenland opgetreden wordt tegen een partij die in het Grieks parlement afgevaardigden heeft. Sinds de verkiezingen vorig jaar zetelt Gouden Dageraad met achttien leden in het Grieks parlement. Peilingen voorspelden dat de Gouden Dageraad met de volgende verkiezingen de derde grootste partij in het parlement kon worden.

Tot op heden had de Gouden Dageraad weinig te vrezen van de Griekse regering die bestaat uit een coalitie van de conservatieve "Nieuwe Democratie" (Nea Dimokratia) , de sociaal-democratische "PASOK" en "Democratisch Links" (DIMAR). Echter nu de Gouden Dageraad een serieuze concurrent aan het worden is, die bovendien een brede steun onder de Griekse bevolking geniet, vond de Griekse regering het noodzakelijk om hier een einde aan te maken. De moord op Pavlos Fyssas komt hen dan ook goed uit om de kopstukken van de Gouden Dageraad uit te schakelen en een algeheel verbod op de partij te realiseren door deze als een "criminele organisatie" te stigmatiseren. Het is dan ook aannemelijk dat het vervolgen van de leden van de Gouden Dageraad in de eerste instantie van politieke aard is.


Echter nu de kopstukken van de Gouden Dageraad zijn opgesloten en het antifascistisch geweld in Griekenland als reactie op de moord van Pavlos Fyssas oplaait, zijn het vooral de corrupte economische en politieke elites die bij deze gebeurtenissen winnen. Nu de spanningen tussen radicale nationalisten en radicale antifascisten toenemen en deze elkaar op straat bestrijden, zal enkel een brede alliantie van het politieke centrum nog in staat zijn om de Griekse democratie "te redden" van de nu dreigende burgeroorlog. Het conflict tussen de twee uitersten van het politieke spectrum dient dan ook vooral als een afleiding voor het extremisme van het politieke midden. Zolang de antifascisten en de Gouden Dageraad bezig zijn elkaar te bestrijden, dan zullen de banken, de Griekse ministeries en de Trojka absoluut veilig zijn.           

De echte fascisten vindt men dan ook niet bij de Gouden Dageraad, maar bij de Griekse regering en de corrupte elites; bij de "Nieuwe Democratie" (Nea Dimokratia) , "PASOK" en "Democratisch Links" (DIMAR). Zij zijn het die het schandalige beleid van de Trojka, de internationale bankiers, de EU leiders en de IMF technocraten uitvoeren ten koste van het Griekse volk. Zij zijn het die vele duizenden Grieken de hongersnood in storten en de gehele natie verlammen met hun onmenselijke bezuinigingspolitiek en hun markt fundamentalisme. En het zijn deze corrupte elites die verantwoordelijk zijn voor de privatiseringen en de uitverkoop van geheel Griekenland aan mondialistische belangen.  


Door moedwillig de politieke uitersten tegen elkaar uit te spelen en zo een klimaat van burgeroorlog te creëren, kunnen de heersende elites zichzelf opwerpen als de "verantwoorde redders" die Griekenland uit de afgrond zullen trekken. Terwijl de buitenparlementaire antikapitalistische oppositie bezig is om tegen elkaar te vechten, kunnen de corrupte kapitalistische elites hun eigen extremisme dat de Griekse natie vernietigd verhullen en kunnen zij zich op valse wijze positioneren als de "redders" van Griekenland. Zij zijn de echte fascisten, zij zijn de echte vijand! 

Uit deze gebeurtenissen kunnen wij slechts een conclusie trekken; zolang wij ons tegen elkaar laten uitspelen en ons door reactionaire dwalingen laten verleiden, staan we machteloos.  Enkel het vormen van een eenheidsfront tussen de antikapitalistische krachten van het nationale kamp en antikapitalistische krachten van het sociale kamp stelt ons in staat om het fascisme van het politieke midden neer te slaan en het kapitalisme te vernietigen!